12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieArt. 16, lid 1, AWR. Ambtelijk verzuim als gevolg van werkwijze
Hoge Raad|9 juli 2004|ECLI:NL:HR:2004:AP9662
1, AWR. Ambtelijk verzuim als gevolg van werkwijze Nr. 38.980 9 juli 2004 wv gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof
- Strafrecht overigCassatie1. Overgang van fiscaal controleonderzoek naar strafrechtelijk onderzoek. 2. Art. 80 lid 2 AWR; instemming…
Hoge Raad|30 maart 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO1755Aangehaald in 7 uitspraken
zake van belastingdelicten heeft te gelden als 'uitvoering van de belastingwet' ex art. 67 lid 1 AWR en is niet aan enige beperking onderworpen. 30 maart 2004 Strafkamer nr. 00733/03 LR/DAT Hoge
- Strafrecht overig1. Overgang van fiscaal controleonderzoek naar strafrechtelijk onderzoek. 2. Art. 80 lid 2 AWR; instemming…
Parket bij de Hoge Raad|30 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1755
zake van belastingdelicten heeft te gelden als 'uitvoering van de belastingwet' ex art. 67 lid 1 AWR en is niet aan enige beperking onderworpen. Nr. 00733/03 Mr Machielse Zitting 6 januari
- BelastingrechtNr. 37.465 27 februari 2004 AB gewezen op het beroep in cassatie van X, wonende te Z, tegen de uitspraak van…
Parket bij de Hoge Raad|27 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AF5556
beroep prematuur en daarom niet-ontvankelijk was: de wettelijke termijn voor uitspraak (art. 25, lid 1, AWR) was noch in april, noch eind 1998 verstreken, en het Hof had de Inspecteur
- BelastingrechtArt. 67a AWR. Hoogte boete bij recidive.
Parket bij de Hoge Raad|13 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AL7032
aanslagbelastingen 2.1. In de art. 6-10 AWR is de aangifte geregeld. Art. 6, lid 1, AWR heeft betrekking op de uitnodiging tot het doen van aangifte en luidt voor zover thans … eenmaal een dergelijke uitnodiging is ontvangen, is men op grond van art. 8, lid 1, AWR verplicht aangifte te doen; het voorschrift luidt: 1. Ieder die is uitgenodigd tot het doen
- BelastingrechtArt. 67a AWR. Twee verzuimboetes mogelijk bij aanslagen IB/PVV en WAZ?
Parket bij de Hoge Raad|13 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AL7045
aanslagbelastingen 2.1. In de art. 6-10 AWR is de aangifte geregeld. Art. 6, lid 1, AWR heeft betrekking op de uitnodiging tot het doen van aangifte en luidt voor zover thans … eenmaal een dergelijke uitnodiging is ontvangen, is men op grond van art. 8, lid 1, AWR verplicht aangifte te doen; het voorschrift luidt: 1. Ieder die is uitgenodigd tot het doen
- BelastingrechtNr. 38.602 18 juni 2004 EC gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de uitspraak van het…
Parket bij de Hoge Raad|18 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN4856
geschil is dat belanghebbende terzake niet te kwader trouw was. 3.2 Artikel 16, lid 1, AWR regelt de mogelijkheid tot navordering en luidde in 1997: "1. Indien enig feit grond oplevert voor … belastingplichtige terzake te kwader trouw is. 3.3 Ondanks de letterlijke tekst artikel 16, lid 1, AWR werd in de jurisprudentie van de Hoge Raad ook in bepaalde gevallen van verzuim - niet zijnde
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigTussen partijen is uitsluitend nog in geschil of de Inspecteur ten tijde van het opleggen van de primitieve…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 april 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AP5297
handhaven is het beroep op het nieuw feitvereiste, als bedoeld in artikel 16, lid 1, AWR. Alle overige stellingen trek ik in. De biljetten van belanghebbende zijn bij de eerste renseigneringsronde onopgemerkt
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigTussen partijen is na de zitting in geschil het antwoord op de volgende vragen: - Dient de naheffingsaanslag…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 juni 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:AQ5892
schatting van de Inspecteur van fl. 72.000,= niet onjuist is. 4.9. Artikel 67c, lid 1, AWR (tekst 2001), bepaalt, voor zover hier van belang, dat indien de inhoudingsplichtige de belasting welke
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigIn geschil is het antwoord op de vraag of belanghebbende in de zin van artikel 4, lid 1, van de Algemene wet…
Gerechtshof Leeuwarden|16 januari 2004|ECLI:NL:GHLEE:2004:AO2095
worden aangenomen dat belanghebbende op 3 februari 1999 in de zin van artikel 4, lid 1, Awr in Nederland woonde. 4.2 Voor zover hetgeen onder 2.9 en 2.10 is vermeld aanleiding
- BelastingrechtNr. 38.442 30 januari 2004 AB gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en…
Parket bij de Hoge Raad|30 januari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AI0753
wetgever aan een bestuursorgaan. De aanslag wordt vastgesteld door de inspecteur, aldus art. 11, lid 1, AWR. De bevoegdheid een aanslag vast te stellen is dus door de wetgever in formele
- BelastingrechtVoorlopige teruggaaf, inhouding loonbelasting naar anoniementarief.
Parket bij de Hoge Raad|13 augustus 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AQ0481
bedrag dat ten hoogste kan worden teruggegeven (vergelijk de terminologie van artikel 13, lid 1, AWR en artikel 24, lid 3, Uitv.reg. AWR). Naar mijn mening heeft de wetgever niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.