20 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|7 april 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA5404Aangehaald in 19 uitspraken
door [verweerster] gestelde overeenkomst, of dat het met toepassing van de slotzinsnede van art. 177 Rv. de bewijslast in afwijking van de hoofdregel van dat artikel op M&B heeft gelegd … klaagt dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd waarom afwijking van de hoofdregel van art. 177 Rv. gerechtvaardigd zou zijn, en waarom M&B niet is geslaagd in het op haar rustende
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|14 januari 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA4278
bewijslast moet worden verdeeld in beginsel te worden beant-woord aan de hand van art. 177 Rv. Op grond van bijvoorbeeld de onwaarschijnlijkheid van de stellingen van degene die de akte inroept … handtekening geplaatste tekst is bewust niet specifiek geregeld, zodat hierop de hoofdregel van art. 177 Rv van toepassing is. Deze nieuwe regeling heeft voorwerp uitgemaakt van parlementair debat. De vaste kamercommissie stelde
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 december 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8895
verdeling van de bewijslast leidt. 3.2 Op het punt van de bewijslastverdeling geldt ingevolge art. 177 Rv. als hoofdregel dat de partij die zich beroept op rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten … rechten, daarvan de bewijslast (en dus het bewijsrisico) draagt. Het slot van art. 177 Rv. bepaalt vervolgens dat op deze hoofdregel twee uitzonderingen mogelijk zijn. In de eerste plaats
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|14 januari 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA4278Aangehaald in 15 uitspraken
bewijslast moet worden verdeeld in beginsel beantwoord moet worden aan de hand van art. 177 Rv., doch dat het op grond van (bijvoorbeeld) de onwaarschijnlijkheid van de stellingen van degene die zich … middel falen. Het Hof heeft terecht vooropgesteld dat volgens de hoofdregel van artikel 177 Rv. de bewijslast ter zake van de valsheid van de onderhavige geschriften op [verweerster] rust. Vervolgens heeft
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5950
falen: het kennelijk door de Kantonrechter gehan-teerde uitgangspunt dat volgens de hoofdregel van art. 177 Rv. [eiser] dient te stellen en bij betwisting te bewijzen dat zijn betaling zonder rechtsgrond … gehouden nader te motiveren waarom hij de bewijslast verdeelt conform de hoofdregel van art. 177 Rv., terwijl overigens evenmin steeds een bijzondere motive-ringsplicht op de rechter rust wanneer hij op grond
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|22 september 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA7201
getuige 1] heeft hij tevoren wel zelf gereden); dat gelet op het bepaalde in art. 177 Rv, [eiser] derhalve zijn bovengenoemde stelling dient te bewijzen, terwijl zulks ook redelijk voorkomt (gelet … eiser] is om zulks te bewijzen. Op grond van de hoofdregel van art. 177 Rv. zou ZLM haar stelling behoren te bewijzen dat [eiser] ten tijde van het ongeval de auto onder
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Leeuwarden · Eerste aanleg - meervoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Leeuwarden|6 juli 2000|ECLI:NL:RBLEE:2000:AA6451
partij te veroordelen in de kosten van de procedure. Inzake reg.nr. 99/93 WET In art. 177 Rv is bepaald dat de partij die zich beroept op rechtsgevolgen van door haar gestelde feiten … bevoegdheid mist om het door eisers gewenste voorschrift aan de goedkeuringsbeslissing te verbinden. Uit art. 177 Rv vloeit immers voort dat, tenzij uit een bijzondere regel een andere verdeling van de bewijslast
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|7 april 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5404
geleverd, de andere de omkering van de bewijslast (als in de ‘tenzij-clausule’ van art. 177 Rv bedoeld), waardoor de gedaagde partij bewijs van haar stellingen moet leveren. Deze stellingen zullen veelal … verklaring van de partij die de stelplicht en daarmee conform de hoofdregel van art. 177 Rv de bewijslast draagt en de wederpartij voor wie dit niet geldt. In dat licht verdient
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|8 december 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA8895Aangehaald in 37 uitspraken
Rechtbank heeft, uitgaande van de omstandigheden van het geval, de hoofdregel van art. 177 Rv. toegepast en geoordeeld dat de redelijkheid en billijkheid niet tot een andere verdeling van de bewijslast leidt
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem|17 oktober 2000|ECLI:NL:GHARN:2000:AA7749
langere offertetermijn heeft gekregen, juist is. Ingevolge de hoofdregel van art. 177 Rv. rust de bewijslast van die stelling op NL ’86. 4.9 Ten aanzien van de vraag of het programma … gestelde prijsverlaging is door NL ’86, op wie ingevolge de hoofdregel van art. 177 Rv. daarvan de bewijslast rust, niet op in dit stadium te vergen wijze aangeboden. Het gedane bewijsaanbod
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|22 september 2000|ECLI:NL:HR:2000:AA7201
verplichting tot vergoeding van de schade is ontheven. In zodanig geval rust ingevolge art. 177 Rv. op de verzekerde de last te bewijzen dat zich een gebeurtenis heeft voorgedaan tegen de gevolgen
- Civiel recht overigHoger beroepAlgemene voorwaarden. Exoneratieclausule. Redelijkheid en billijkheid. (Grove) schuld van…
Gerechtshof 's-Gravenhage|19 september 2000|ECLI:NL:GHSGR:2000:BA5966
gemotiveerde betwisting van Mastum overeenkomstig haar daartoe strekkend aanbod en gezien het bepaalde in artikel 177 Rv worden toegelaten. In de op zichzelf staande verklaring van de in eerste aanleg gehoorde getuige
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem|12 december 2000|ECLI:NL:GHARN:2000:AB0177
dele terecht voorgedragen. Gelet op het voorgaande en in aanmerking genomen het bepaalde in artikel 177 Rv zou het in beginsel op de weg van [geïntimeerde] liggen de door haar gestelde toedracht
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|2 november 2000|ECLI:NL:GHSHE:2000:AA8293
deze rechtsgevolgen van de door haar gestelde wanprestatie van [geïntimeerde privé] beroept. Ingevolge art. 177 Rv draagt [appellante] daarom de bewijslast van haar stelling dat [geïntimeerde privé] het overeengekomen werk niet deugdelijk
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof Arnhem · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem|26 september 2000|ECLI:NL:GHARN:2000:AA7856
onbewezen. De bewijslast van deze stelling rust ingevolge de hoofdregel van art. 177 Rv op OGA. In hoger beroep heeft OGA wel bewijs aangeboden, doch slechts terloops, als handhaving
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|20 oktober 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA7689
punt uitdrukkelijk te motiveren: Veegens/Korthals Altes/Groen, Cassatie in burgerlijke zaken (1989) nr. 143. 5 Art. 177 Rv. Vgl. HR 23 oktober 1992, NJ 1992, 813. 6 Het oorzakelijk verband vloeit reeds voort
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|1 december 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA8719
verstrekken van informatie over) dit onderwerp." Zij heeft voorts een beroep gedaan op art. 177 Rv. en gewezen op het beginsel dat de partij in wier domein bepaalde feiten zich hebben afgespeeld
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|14 juli 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA6526
voet van art. 6:162 BW in beginsel - conform de hoofdregel van art. 177 Rv - op het slachtoffer de bewijslast dat de bestuurder rechtens enig verwijt kan worden gemaakt. (Zie Uw arresten
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 mei 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5953
Rolnummer C98/179HR Mr Bakels Zitting 11 februari 2000 Conclusie inzake Weld-Equip B.V. tegen [Verweerder] Edelhoogachtbaar college, 1. Feiten en procesverloop 1.1 Het gaat in deze zaak in de kern om de vraag welke eisen moeten worden gesteld aan het noemen van zijn meester in de zin van art. 3:67 BW. Daarnaast komt…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 maart 2000|ECLI:NL:PHR:2000:AA5259
Rolnr. C98/215 Zitting d.d. 17 december 1999 Conclusie mr Spier inzake UAP-NieuwRotterdam Schade N.V. (hierna: UAP) tegen C.W. Lease (Belgium) N.V. (hierna: CW Lease) Edelhoogachtbaar College, 1 . Feiten 1.1 Uit het vonnis van de Rechtbank d.d. 9 december 1994 (blz. 2 in samenhang met rov 2 van het bestreden arrest)…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.