11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVereffenaar van heropende vereffening vordert op grond van artikel 2:23c BW terugbetaling van een aan…
Rechtbank Rotterdam|27 mei 2015|ECLI:NL:RBROT:2015:3945
Vereffenaar van heropende vereffening vordert op grond van artikel 2:23c BW terugbetaling van een aan wederpartij in eerste vereffening uitgekeerd bedrag teneinde de kosten van het de vereffenaar toegekende salaris … eiser] is alleen plaats als in te veel in de zin van artikel 2:23c BW ook worden begrepen de na afsluiting van de vereffening gemaakte kosten. 4.8. De rechtbank verwerpt deze
- Civiel recht overigCassatieInternationaal privaatrecht, rechtspersonenrecht. Procesrecht, executie- en beslagrecht. Overdracht van…
Hoge Raad|13 november 2015|ECLI:NL:HR:2015:3299Aangehaald in 13 uitspraken
hoofdzaak kan instellen. Hierin wordt niet voorzien door art. 2:23c BW, dat bepaalt dat de rechtspersoon herleeft indien de vereffening wordt heropend. Heropening van de vereffening is volgens die bepaling immers
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigRabo Vastgoedgroep maakt aanspraak op betaling van een bedrag van ruim 19 miljoen euro dat via de…
Rechtbank Noord-Holland|11 november 2015|ECLI:NL:RBNHO:2015:9757
Rabo Vastgoedgroep maakt aanspraak op betaling van een bedrag van ruim 19 miljoen euro dat via de derdengeldrekening van het notariskantoor naar bankrekeningen van (vennootschappen van) cliënten van de notaris, hoofdrolspelers in de Vastgoedfraude, is gevloeid. De rechtbank wijst de vorderingen van Rabo Vastgoedgroep…
- InsolventierechtHoger beroepOok na turboliquidatie kan vennootschap failliet verklaard worden.
Gerechtshof Den Haag|2 juli 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1846
eerst heropening van de vereffening op de voet van het bepaalde in artikel 2:23c BW plaatsvindt. In dat geval moet de rechtspersoon geacht worden ter afwikkeling van het faillissement te zijn
- Civiel recht overigHoger beroepBorgtocht. Geschil over de omvang van de vordering en over de vraag of de vordering tegen de failliete…
Gerechtshof Den Haag|29 september 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:2525
rechtbank gehouden was dat verjaringsverweer te toetsen aan de relevante wettelijke regels, waaronder artikel 2:23c BW. Omdat uit de stellingen van [appellant] voortvloeit dat de vordering van de bank
- Civiel recht overigHoger beroepverzekering tegen beroepsaansprakelijkheid. recht om benadeelden rechtstreeks schadeloos te stellen. derdenbeding?
Gerechtshof Den Haag|12 mei 2015|ECLI:NL:GHDHA:2015:1146
feitelijk nog wel. Zij is immers nog steeds een (historische) entiteit waarop artikel 2:23c BW toepasselijk is en die dus vatbaar is voor herleving indien nog een schuldeiser of gerechtigde
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigAansprakelijkheid werkgever ex art 7:658 lid 4 BW voor letselschade blijkt gedekt onder twee…
Rechtbank Noord-Holland|5 augustus 2015|ECLI:NL:RBNHO:2015:6558
Aansprakelijkheid werkgever ex art 7:658 lid 4 BW voor letselschade blijkt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVordering tot schadevergoeding gebaseerd op bestuurdersaansprakelijkheid. Vraag wie contractspartij zijn bij…
Rechtbank Gelderland|14 oktober 2015|ECLI:NL:RBGEL:2015:6732
bestuur verantwoordelijk is voor de beoordeling of vereffening noodzakelijk is. De weg van artikel 2:23c BW op grond waarvan een besloten vennootschap kan ‘herleven’ voor zover dit voor de vereffening nodig
- Civiel recht overigHoger beroepUitspraak na verwijzing door HR 19 december 2014 ECLI:NL:HR:2014:3677 / Situatie als bedoeld in artikel 2:19…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 december 2015|ECLI:NL:GHSHE:2015:5265
Uitspraak na verwijzing door HR 19 december 2014 ECLI:NL:HR:2014:3677 / Situatie als bedoeld in artikel 2:19 lid 5 BW/ Onvoldoende duidelijkheid omtrent vermogenstoestand ten tijde ontbindingsbesluit/ mogelijk nadeel derden bij herroeping ontbindingsbesluit/ Onvoldoende compensatie of garanties in kader mogelijk…
- Civiel recht overigBodemzaakOnder verwijzing naar het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 16 april 2013, in welk arrest het…
Rechtbank Noord-Holland|5 augustus 2015|ECLI:NL:RBNHO:2015:12186
Onder verwijzing naar het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 16 april 2013, in welk arrest het Hof tot de conclusie kwam dat de door D bij R uitgevoerde werkzaamheden feitelijk tot de bedrijfsuitoefening van A behoorden en oordeelde dat in dat geval aan het vereiste van artikel 7:658 lid 4 BW was…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVervolg op Rb. Amsterdam 26 juni 2013 (ECLI:NL:RBAMS:2013:4617), Rb. Amsterdam 18 september 2013…
Rechtbank Amsterdam|14 januari 2015|ECLI:NL:RBAMS:2015:153
Vervolg op Rb. Amsterdam 26 juni 2013 (ECLI:NL:RBAMS:2013:4617), Rb. Amsterdam 18 september 2013 (ECLI:NL:RBAMS:2013:5910) en HR 28 maart 2014 (ECLI:NL:HR:2014:766). De rechtbank beantwoordt de resterende ‘voorvragen’.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.