11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Insolventierecht20 februari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/055HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Parket bij de Hoge Raad|20 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO3873
curator heeft [verzoeker] bij brief van 19 maart 2001 op grond van art. 2: 248 BW aansprakelijk gesteld. Daarbij heeft hij gesteld dat [verzoeker] zijn taak als bestuurder, althans feitelijk beleidsbepaler … bewerkstelligen. 1.8 Over zijn ontvankelijkheid heeft [verzoeker] gesteld dat de curator hem ex art. 2:248 BW aansprakelijk stelt voor het tekort van Delcon. Daarmee is hij belanghebbende
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigMoedermaatschappij heeft via een van haar statutaire directeuren, die teven statutair directeur is van haar…
Rechtbank Zutphen|27 oktober 2004|ECLI:NL:RBZUT:2004:AR4700
zich schuldig gemaakt aan kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW. Het niet bedingen van financiële garanties van Coutts kan als een van de belangrijkste oorzaken … vordering primair gebaseerd op onrechtmatige daad (artikel 6: 162 BW) en tevens op artikel 2:248 BW, welk artikel een species is van het bepaalde in artikel 6: 162 BW. Op grond
- InsolventierechtCassatie5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan…
Hoge Raad|5 maart 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO1338Aangehaald in 6 uitspraken
overweegt daartoe dat [verweerder] samen met de Holding op grond van art. 2:248 BW wegens schending van de boekhoudplicht is veroordeeld tot vergoeding van het boedeltekort in het faillissement … curator in dat faillissement, Van Gelein Vitringa, [verweerder] eveneens aanspreekt op grond van art. 2:248 BW tot vergoeding van het boedeltekort in het faillissement van de Holding en dat het boedeltekort
- InsolventierechtCassatie20 februari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/082HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|20 februari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO4149
curator heeft bij brief van 19 maart 2001 [verzoeker] op de voet van art. 2:248 BW aansprakelijk gesteld. 3.1.2 Op 5 februari 2003 heeft [verzoeker] op grond … grondslag dat de bestuurder van een vennootschap die op de voet van art. 2:248 BW jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk is voor het bedrag van de schulden voorzover deze niet door
- InsolventierechtCassatie20 februari 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R03/055HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van…
Hoge Raad|20 februari 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO3873
curator heeft bij brief van 19 maart 2001 [verzoeker] op de voet van art. 2:248 BW aansprakelijk gesteld. 3.1.2 Op 5 februari 2003 heeft [verzoeker] een verzoek gedaan aan de rechter … grondslag dat de bestuurder van een vennootschap die op de voet van art. 2:248 BW jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk is voor het bedrag van de schulden voorzover deze niet door
- Insolventierecht5 maart 2004 Eerste Kamer Nr. R03/115HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: Mr. Robert Jan…
Parket bij de Hoge Raad|5 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1338
boedel van de holding, waarvoor [verweerder] als bestuurder van de holding krachtens art. 2:248 BW aansprakelijk is gesteld door de curator in het faillissement van de holding, mr. Van Gelein Vitringa … door [verweerder] van de vordering van mr. Van Gelein Vitringa q.q., gebaseerd op art. 2:248 BW, geen hout snijdt omdat de vordering van mr. Van Gelein Vitringa q.q. (althans voor zover
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigOnbehoorlijk bestuur. Onrechtmatige daad. Vernietiging.
Rechtbank Utrecht|3 november 2004|ECLI:NL:RBUTR:2004:AR5970
gebaseerde vordering eveneens jegens CvB Partners als ongegrond te worden afgewezen. 4.6. Ingevolge artikel 2:248 BW is iedere bestuurder die zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld, jegens de boedel hoofdelijk aansprakelijk … hoofde van onbehoorlijk bestuur, nu een dergelijke vordering ingevolge lid 6 van artikel 2:248 BW alleen kan worden ingesteld op grond van onbehoorlijke taakvervulling voorafgaande aan het faillissement. De verplichting
- Insolventierecht6 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C02/278HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1…
Parket bij de Hoge Raad|6 februari 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO3045
zijn van een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door het bestuur in de zin van artikel 2:248 BW, dan is vereist dat geen redelijk denkend bestuur onder dezelfde omstandigheden tot een dergelijke praktijk
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigDe curator vordert dat de rechtbank voor recht zal verklaren dat SMH zich schuldig heeft gemaakt aan…
Rechtbank Arnhem|29 december 2004|ECLI:NL:RBARN:2004:AS2209
welke, gekwalificeerd dient te worden als kennelijk onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW alsmede als onrechtmatig handelen jegens de crediteuren van Imax. 4.12 Ingevolge dat artikel 2:248
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|16 november 2004|ECLI:NL:GHSHE:2004:806
door de rechter-commissaris, in dit geding gevorderd [appellant] op de grondslag van art. 2:248 BW te veroordelen tot betaling van het tekort van de gefailleerde vennootschap
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe vraag moet worden beantwoord of de curator voldoende heeft gesteld om, indien bewezen, de conclusie die…
Rechtbank Arnhem|11 augustus 2004|ECLI:NL:RBARN:2004:AR2982
onvoorzichtige bedrijfsvoering. Dat is nog geen onbehoorlijk bestuur in de zin van artikel 2:248 BW, maar het is ook niet onrechtmatig tegenover de toenmalige en huidige schuldeisers van HJB Project Consultancy
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.