25 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieBestuurdersaansprakelijkheid. Verhaalsvordering van curator op voet van art. 2:248 BW tegen bestuurder van…
Hoge Raad|30 november 2007|ECLI:NL:HR:2007:BA6773Aangehaald in 64 uitspraken
Bestuurdersaansprakelijkheid. Verhaalsvordering van curator op voet van art. 2:248 BW tegen bestuurder van gefailleerde vennootschap; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, ontzenuwen van wettelijk vermoeden bij een van buiten komende oorzaak, stelplicht- en bewijslastverdeling … hiervoor onder 1 vermelde - verhaalsvordering van de curator op de voet van art. 2:248 BW tegen [eiser] als enig bestuurder van de gefailleerde besloten vennootschap Blue Tomato B.V. Bij de toewijzing
- Civiel recht overigBestuurdersaansprakelijkheid. Verhaalsvordering van curator op voet van art. 2:248 BW tegen bestuurder van…
Parket bij de Hoge Raad|30 november 2007|ECLI:NL:PHR:2007:BA6773Aangehaald in 5 uitspraken
Bestuurdersaansprakelijkheid. Verhaalsvordering van curator op voet van art. 2:248 BW tegen bestuurder van gefailleerde vennootschap; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, ontzenuwen van wettelijk vermoeden bij een van buiten komende oorzaak, stelplicht- en bewijslastverdeling … omstandigheid dan onbehoorlijk bestuur. De zaak zou dan vervolgens onder lid 1 van art. 2: 248 BW dienen te worden afgedaan. De curator zou aannemelijk dienen te maken dat het niet-uitkeren
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigDe primaire vordering van de curator is gbaseerd op artikel 2:248 BW: de hoofdelijke aansprakelijkheid van de…
Rechtbank Arnhem|18 april 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:BA5588
primaire vordering van de curator is gbaseerd op artikel 2:248 BW: de hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders jegens de boedel voor het tekort op grond van kennelijk onbehoorlijk bestuur en aannemelijkheid … beoordeling 4.1. De primaire vordering van de curator is gebaseerd op artikel 2: 248 BW: de hoofdelijke aansprakelijkheid van de bestuurders jegens de boedel voor het tekort op grond van kennelijk onbehoorlijk
- Civiel recht overigKort gedingGeldvordering in kort geding; (mede-)beleidsbepaler als ware hij bestuurder?; 2:248 BW; 2:10 BW; 2:394 BW…
Rechtbank Maastricht|4 juni 2007|ECLI:NL:RBMAA:2007:BA6307
Geldvordering in kort geding; (mede-)beleidsbepaler als ware hij bestuurder?; 2:248 BW; 2:10 BW; 2:394 BW; onrechtmatige selectieve betalingen? RECHTBANK MAASTRICHT Sector Civiel Datum uitspraak: 4 juni 2007 Zaaknummer … feitelijk bestuurder/leidinggevende. 2.3 De curatoren zijn van mening dat gedaagden aansprakelijk zijn ex artikel 2:248 BW, en dat gedaagden onrechtmatige daden hebben gepleegd door het doen van onrechtmatige selectieve betalingen, welke
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigNa het ontslag van betrokkene 1 heeft Atlanco Rimec Group niet in benoeming van een nieuwe bestuurder…
Rechtbank Arnhem|7 februari 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:AZ9882
bestuurstaak waarnam, worden beschouwd. Als zodanig is zij volgens de curator krachtens art 2:248 BW aansprakelijk voor het tekort in het faillissement. vonnis RECHTBANK ARNHEM Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer … bestuurstaak waarnam, worden beschouwd. Als zodanig is zij volgens de curator krachtens art. 2:248 BW aansprakelijk voor het tekort in het faillissement. 4. Het verweer 4.1. Atlanco Rimec Group stelt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig''(...) De beoordeling Teus Vlot heeft haar vorderingen onder meer gebaseerd op de stelling dat Van Oeveren…
Rechtbank Middelburg|24 januari 2007|ECLI:NL:RBMID:2007:AZ8529
enig moment tot de gestelde schade heeft geleid. Teus Vlot beroept zich op artikel 2:248 BW en (...)'' vonnis RECHTBANK MIDDELBURG 51488HA ZA 06-8351488HA ZA 06-8310 januari 2007 Sector … enig moment tot de gestelde schade heeft geleid. Teus Vlot beroept zich op artikel 2:248 BW en stelt dat niet niet nakomen van deze verplichtingen een belangrijke oorzaak voor het faillissement
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBestuurdersaansprakelijkheid. Bank eist krediet op als blijkt van vervalste voorraadadministratie (alleen…
Rechtbank Zwolle-Lelystad|17 oktober 2007|ECLI:NL:RBZLY:2007:BD0106
belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement in de zin van art. 2:248 BW. De [gedaagden] hebben immers nagelaten ervoor zorg te dragen dat de administratie van de vennootschappen waarvan … curator aangevoerd dat, voor zover niet toegekomen kan worden aan toepassing van art. 2:248 BW, hij zijn vordering grondt op onrechtmatig handelen van de [gedaagden], zowel jegens de vennootschappen als jegens
- Civiel recht overigHoger beroepAppellant bestrijdt niet dat hij en [betrokkene 1] (op grond van het bepaalde in artikel 2:351 lid 1 BW) als…
Gerechtshof Leeuwarden|6 juni 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BA6747
heeft gezien om tegen een of meer bestuurders een vordering als bedoeld in art. 2:248 BW in te stellen” alsmede dat hij “in ieder geval tot dusver geen aanleiding [heeft] gehad … curator [curator 1] geen grond zag voor het instellen van een vordering ex artikel 2:248 BW, noch tegen [betrokkene 1] noch tegen [appellant], doch dat uit de bedoelde producties geenszins
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVonnis in verzet. Bestuurdersaansprakelijkheid. Op basis van artikel 2:10 lid 1 BW is het bestuur verplicht…
Rechtbank Dordrecht|28 november 2007|ECLI:NL:RBDOR:2007:BB9557
grond van het voorgaande stelt de curator dat [eiser 1] ex artikel 2:248 BW als bestuurder aansprakelijk kan worden gesteld voor het gehele tekort in het faillissement van [postzegelhandel … curator beroept zich daarbij op het wettelijk vermoeden van lid 2 van artikel 2:248 BW. Er is sprake van een onweerlegbaar vermoeden van kennelijk onbehoorlijk bestuur, aangezien niet is voldaan
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigverzoek tot ontslag curator toegewezen. schijn van belangenverstrengeling
Rechtbank Rotterdam|21 juni 2007|ECLI:NL:RBROT:2007:BA7841
waarvan de curator eveneens curator is, en E niet aan te spreken ex artikel 2:248 BW, heeft de curator een zodanig ernstige schijn van belangenverstrengeling gewekt, dat zijn positie als curator … overgelegd op 8 juni 2007, verklaard dat E wel aansprakelijk is gesteld ex artikel 2:248 BW, maar dat er (nog) geen procedure jegens E is geëntameerd. De curator heeft daarbij onder
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVolstortingsplicht aandelen en bestuurdersaansprakelijkheid. Onvoldoende onderbouwing van betwisting van het…
Rechtbank Dordrecht|16 mei 2007|ECLI:NL:RBDOR:2007:BA5273
faillissement. Er is sprake van bestuurdersaansprakelijkheid, primair op basis van art. 2:10 juncto 2:248 BW, althans 2:9 juncto 2:203 lid 4 BW juncto 2:248 BW, subsidiair … vennootschap uit de boekhouding blijken, hetgeen leidt tot bestuurdersaansprakelijkheid op basis van art. 2:248 BW. Dit standpunt is juist. Op basis van art. 2:10 lid 1 BW is het bestuur
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigAansprakelijkheid commissaris 2:248 juncto 2:259 of 2:9 of 6:162 enkel omdat hij faillissement aanvraagt…
Rechtbank Utrecht|31 januari 2007|ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7840
tekort van de boedel dat na vereffening zal resteren, primair op grond van artikel 2:248 BW dat krachtens artikel 2:259 BW van overeenkomstige toepassing is op commissarissen. Subsidiair acht … taak als commissaris (kennelijk) onbehoorlijk heeft vervuld – uitgaande van het bepaalde in de artikelen 2:248 BW en 2:9 BW, dan wel dat hij onrechtmatig heeft gehandeld jegens de gezamenlijke crediteuren
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg Montedison-zaak na verwijzing door de Hoge Raad; het hof acht nu een deskundigenbericht aangewezen
Gerechtshof 's-Gravenhage|7 augustus 2007|ECLI:NL:GHSGR:2007:BB6864
failliet], door aldus te handelen, onbehoorlijk bestuur heeft/hebben gepleegd als bedoeld in artikel 2:248 BW, terwijl dit onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement van [failliet], waarbij geldt … tekort in het faillissement. De vordering van de curator voorzover gegrond op artikel 2:248 BW is door de rechtbank afgewezen omdat Montedison naar het oordeel van de rechtbank slechts als aandeelhouder
- InsolventierechtWSNP, afgewezen verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling op grond van art. 288 lid 2, aanhef en…
Parket bij de Hoge Raad|9 februari 2007|ECLI:NL:PHR:2007:AZ4855
daarover hierboven in 3.6 is opgemerkt. Voor zover in § 5.4 een beroep op artikel 2:248 BW wordt gedaan ten betoge dat verzoekers vanwege tijdige melding van betalingsonmacht niet privé aansprakelijk zijn … betamelijkheid' van het aangaan van de schulden had moeten toepassen die uit artikel 2:248 BW en niet die uit artikel 288, lid 2 sub a Fw. 3.11 De stelling
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBevoegdheidsincident; aandelenoverdracht ex art. 2:336 BW; exclusieve competentie; verknochte vordering.
Rechtbank 's-Gravenhage|31 oktober 2007|ECLI:NL:RBSGR:2007:BD1244
plegen zij bovendien wanprestatie. Voorts kan [C] onbehoorlijk bestuur (artikel 2:9 en 2:248 BW) en wanbeleid in de zin van artikel 2:355 BW worden verweten. [A] heeft in verband
- Civiel recht overigHoger beroepIs appellant ingevolge artikel 2:248 lid 1 BW dan wel op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk voor het…
Gerechtshof Amsterdam|22 november 2007|ECLI:NL:GHAMS:2007:BL9421
binnen die periode valt, aldus [X] . 4.5. Deze grieven falen. De vordering ingevolge artikel 2:248 BW kan slechts worden ingesteld op grond van onbehoorlijke taakvervulling in de periode van drie jaren
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigWat betreft het beroep op niet-ontvankelijkheid van de curator in zijn vordering overweegt de rechtbank het…
Rechtbank Arnhem|4 juli 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:BB0141
Looman en/of als een onbehoorlijke vervulling van hun taak in de zin van art. 2:248 BW konden worden aangemerkt. Dit is van belang voor zover de gedaagden zich, zoals hieronder nader
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHeeft gedaagde sub 2, als middellijk bestuurder, voldaan aan de administratieplicht van artikel 2:10 BW?
Rechtbank Rotterdam|21 maart 2007|ECLI:NL:RBROT:2007:BA1309
administratie voldoet aan artikel 2:10 BW. 2.10. Dit strookt met artikel 2:248 BW. Er is sprake van het wettelijk vermoeden van onbehoorlijke taakvervulling indien het bestuur niet heeft voldaan
- Civiel recht overigHoger beroepNoch de inhoud van het in de renvooiprocedure gewezen vonnis, noch het vonnis van 6 december 1999, noch wat…
Gerechtshof Amsterdam|11 september 2007|ECLI:NL:GHAMS:2007:BB8625
niet gesteld of gebleken zijn, als een onbelangrijk verzuim in de zin van artikel 2:248 BW moet worden aangemerkt. Grief 17 is daarom ongegrond en grief 18 behoeft geen bespreking meer
- Civiel recht overigHoger beroepAldus is nog slechts één mogelijke oorzaak in debat, en wel het kennelijk onbehoorlijk bestuur door…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|30 oktober 2007|ECLI:NL:GHSHE:2007:BB7907
gesteld dat in het systeem van art. 36 Iw 1990 - anders dan bij art. 2:248 BW - niet in een matigingsbevoegdheid van de rechter is voorzien (mva/inc.grieven sub 3.23). 4.11.3. Naar
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.