Zoekresultaten

Voor “"2:349a BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

2 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overig
    Enquêterecht. Belanghebbende in de zin van art. 282 lid 1 Rv.

    Parket bij de Hoge Raad21 maart 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF9440

    twijfelen (art. 2:350 lid 1 BW)(15). De ondernemingskamer kan ingevolge art. 2:349a BW op verzoek van de indieners van het verzoek een onmiddellijke voorziening treffen voor ten hoogste

  • Ondernemingsrecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Ondernemingsrecht

    Parket bij de Hoge Raad21 februari 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF1486

    Nr. OK 101 mr. E.M. Wesseling-van Gent Parket, 29 november 2002 Conclusie inzake: Hollandsche Beton Groep N.V. tegen Vereniging van Effectenbezitters Inleiding Het gaat in deze zaak om de vraag of de ondernemingskamer terecht en op goede gronden heeft verstaan dat is gebleken van wanbeleid bij HBG in de periode van 1…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.