Uitspraken zoeken

Naar resultaten

Uitgebreid zoeken

Resultaten voor “"2 AWR"”

10 uitspraken gevonden

  • BelastingrechtHoge Raad · 5 juni 1996ECLI:NL:HR:1996:AA2023
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 31163Aangehaald in 13 uitspraken

    heeft de Inspecteur verklaard geen beroep te doen op het bepaalde in artikel 29, lid 2, AWR. De klacht dat het Hof ten onrechte deze bepaling desondanks, ambtshalve, heeft toegepast faalt … rechtsoverweging 3.3 hiervoor samengevatte omstandigheden niet in de zin van artikel 29, lid 2, AWR de vereiste aangifte had gedaan geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde geen nadere motivering

  • BelastingrechtHoge Raad · 15 juli 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1908
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 30919

    geval is voldaan aan de eisen die overigens aan de toepasselijkheid van artikel 38, lid 2, AWR worden gesteld. Bij dit oordeel is het Hof kennelijk ervan uitgegaan dat aan die toepasselijkheid … uitgangspunt behoefde echter nadere motivering. Immers, in het licht van het in artikel 38, lid 2, AWR neergelegde vereiste, dat de buiten Nederland verrichte arbeid moet zijn verricht voor een in Nederland

  • BelastingrechtHoge Raad · 17 april 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1823
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 29941

    inspecteur ook aan de derde een aangiftebiljet uitreiken." Daarnaast is in art. 47, lid 2 AWR die derde de verplichting opgelegd, desgevraagd over die aangelegenheden aan de inspec- teur inlichtingen te verstrekken … derde' (zie art. 6, lid 1, tweede volzin AWR en art. 47, lid 2 AWR). De gemoedsgesteldheid van die andere echtgenoot is in dit verband niet van belang. D. . Het is mogelijk

  • BelastingrechtParket bij de Hoge Raad · 17 april 1996ECLI:NL:PHR:1996:AA1823
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    29941

    inspecteur ook aan de derde een aangiftebiljet uitreiken." Daarnaast is in art. 47, lid 2 AWR die derde de verplichting opgelegd, desgevraagd over die aangelegenheden aan de inspec- teur inlichtingen te verstrekken … derde' (zie art. 6, lid 1, tweede volzin AWR en art. 47, lid 2 AWR). De gemoedsgesteldheid van die andere echtgenoot is in dit verband niet van belang. D. . Het is mogelijk

  • BelastingrechtHoge Raad · 1 mei 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1959
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 31070Aangehaald in 6 uitspraken

    naheffingsaanslag te hoog is doch daartoe op grond van het bepaalde in artikel 29, lid 2, AWR volledig bewijs dient te leveren, ligt ten grondslag dat tussen partijen een allesomvattend compromis

  • BelastingrechtHoge Raad · 16 oktober 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1721
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 31550

    beroep op het met betrekking tot de woon- en vestigingsplaats in artikel 4, lid 2, AWR bepaalde ervan wordt uitgegaan dat "schip is territoir" een algemeen geldende regel is, moet derhalve worden

  • BelastingrechtHoge Raad · 28 februari 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1816
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 30179

    behoeft geen behandeling meer nu deze verhoging kennelijk ingevolge het bepaalde in artikel 21, lid 2, AWR is komen te vervallen. 3.16. Het middel behoeft ook geen behandeling

  • BelastingrechtHoge Raad · 21 augustus 1996ECLI:NL:HR:1996:AA1702
    Hoge Raad · Cassatie · Belastingrecht

    Cassatie · 29614

    mogelijkheid voor het bestuur opengehouden om een klaarblijkelijk administratieve fout te herstellen." 3.4.Art. 16, lid 2 AWR bevat vervolgens een opsomming van specifieke situaties, waarin navordering in beginsel altijd - d.w.z

  • BelastingrechtParket bij de Hoge Raad · 21 augustus 1996ECLI:NL:PHR:1996:AA1702
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht

    29614

    mogelijkheid voor het bestuur opengehouden om een klaarblijkelijk administratieve fout te herstellen." 3.4.Art. 16, lid 2 AWR bevat vervolgens een opsomming van specifieke situaties, waarin navordering in beginsel altijd - d.w.z

  • BelastingrechtParket bij de Hoge Raad · 28 november 1996ECLI:NL:PHR:1996:19
    Schenkingsrecht; Successiewet 1956; Verdrag inzake het recht dat toepasselijk is op trusts en inzake de…

    31.756

    onderhavige geval de karaktertrekken krijgt van een doelvermogen in de zin van art. 2 AWR. 3.2.3. Vermogensbelasting 3.2.3.1. RvB Amsterdam 25 juni 1924, PW 12 003, betrof een naar Engels recht opgerichte

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.