17 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|10 december 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3835
cassatiemiddel 5. Middelonderdeel 1 klaagt dat het Hof - gezien de bepaling van art. 178 lid 2 Rv. dat tegenbewijs vrijstaat tenzij de wet het uitsluit - ten onrechte aan het bewijsaanbod van [eiser … heeft mis-kend dat volgens de algemene regel van bewijsrecht neergelegd in art. 178 lid 2 Rv., tegenbewijs vrijstaat tenzij de wet het uitsluit zodat specificatie van een aanbod tot het leveren
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|10 december 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA3835Aangehaald in 5 uitspraken
precies te bewij-zen aanbiedt, heeft het Hof miskend dat het volgens art. 178 lid 2 Rv. aan [eiser] vrijstond bewijs te leveren tegen de ver-kla-rin-gen opgenomen
- Civiel recht overigCassatieFaillissementsrecht. Art. 24 Iw 1990. Verrekening. Fiscale eenheid
Hoge Raad|15 januari 1999|ECLI:NL:HR:1999:ZC2820
Rechtbank heeft de Curator op de voet van art. 398, aanhef en onder 2°, Rv. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|21 april 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA2739
Nr. 33.359 Mr Ilsink Derde Kamer B Conclusie inzake: Onroerende zaakbelasting 1994 X tegen Parket, 4 november 1998 Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal Edelhoogachtbaar College, 1. Inleiding 1.1. Dit op het oog eenvoudige waardegeschil zou mij geen aanleiding hebben gegeven tot het…
- Civiel recht overigArubaanse zaak. Merken- en auteursrecht; samenloop/cumulatie.
Parket bij de Hoge Raad|29 januari 1999|ECLI:NL:PHR:1999:20
Cassatieregeling van de Nederlandse Antillen en Aruba in verbinding met art. 407 lid 2/426a lid 2 Rv. 3.29 Subonderdeel bb voert aan dat het Hof zijn oordeel mede baseert op zelfs niet
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|19 november 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA3379
bijstand. Een en ander brengt mee dat in deze procedures de in art. 429n lid 2 Rv. gegeven regeling van de appeltermijn van overeenkomstige toepassing is, zodat de appeltermijn voor [verweerder
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|19 november 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA1062
bijstand. Een en ander brengt mee dat in deze procedures de in art. 429n lid 2 Rv. gegeven regeling van de appeltermijn van overeenkomstige toepassing is, zodat de appeltermijn voor [verweerder
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|10 december 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA3841
10 december 1999 Eerste Kamer Nr. C98/209HR FD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr W. Heemskerk, t e g e n 1. [verweerder 1], wonende te [woonplaats], 2. [verweerder 2], wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, advocaat: mr J.L.W.…
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|24 september 1999|ECLI:NL:HR:1999:AA3383
bezwaren daartegen bestaan. Het onderdeel voldoet daarmee niet aan de eisen van art. 426a lid 2 Rv. 4.16 Ten overvloede: in rov 5.6 heeft de Rechtbank de grief verworpen dat de Kantonrechter
- Civiel recht overigHoger beroepVerkeersongeval; letselschade; whiplash; causaal verband.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 april 1999|ECLI:NL:GHSHE:1999:3
rente af; bekrachtigt dat vonnis voor het overige; voorts rechtdoende krachtens art. 355 lid 2 Rv: veroordeelt appellante tot betaling van de wettelijke rente: - over het door haar reeds betaalde voorschot
- Civiel recht overigKort gedingRechtbank Arnhem · Kort geding · Civiel recht overig
Rechtbank Arnhem|22 maart 1999|ECLI:NL:RBARN:1999:AA1019
handtekening door haar gezet is, maar hebben dit niet stellig ontkend, zoals artikel 186 lid 2 Rv. vereist. Daarom wordt, mede op basis van een oppervlakkige vergelijking met de wel door haar
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|10 december 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3841
Rolnr. C98/209 Zitting 17 september 1999 (bij vervroeging) Conclusie mr Spier inzake [Eiser] tegen 1. [Verweerder 1] 2. [verweerder 2] (gezamenlijk: [verweerders] Edelhoogachtbaar College, 1. Feiten 1.1 In cassatie kan worden uitgegaan van de feiten zoals de Rechtbank deze heeft vastgesteld in haar tussenvonnis d.d.…
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|3 december 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3826
veroordeling in de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad kan verklaren omdat art. 52 lid 2 Rv (“De uitvoerbaarverklaring bij voorraad kan de gehele uitspraak betreffen (...)”) dienaangaande geen uitzondering bevat
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 november 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA1054
onder b) weergegeven klacht voldoet niet aan de eisen van art. 407 lid 2 Rv. 5.11 De onder a) verwoorde klacht is een herhaling van zetten en moet
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|24 september 1999|ECLI:NL:PHR:1999:AA3383
bezwaren daartegen bestaan. Het onderdeel voldoet daarmee niet aan de eisen van art. 426a lid 2 Rv. 4.16 Ten overvloede: in rov 5.6 heeft de Rechtbank de grief verworpen dat de Kantonrechter
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Arnhem · Eerste aanleg - meervoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Arnhem|25 november 1999|ECLI:NL:RBARN:1999:AA3882
hoger beroep bestreden vonnis bekrachtigd, en, rechtdoende krachtens artikel 355 lid 2 Rv, de Y-regeling nietig verklaard en de vorderingen van De B. c.s. betreffende onverschuldigd betaalde uittreegelden toegewezen. Tegen
- Civiel recht overigProcesrecht. Verzet tegen wijziging van eis; art. 134 (oud) Rv. Staat hogere voorziening open tegen…
Parket bij de Hoge Raad|5 februari 1999|ECLI:NL:PHR:1999:17
1639w oud BW ), art. 28 Huurprijzenwet woonruimte , art. 28g Huurwet , art. 216 lid 2 Rv (beschikking voorlopige getuigenverhoor ), art. 824 lid 1 Rv (voorlopige voorzieningen ) en op de — voorshands nog niet
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.