37 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|29 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD8646
oorspronkelijke tenlastelegging opgenomen gedraging hetzelfde feit in de zin van art. 313 lid 2 Sv jo art. 68 Sr oplevert als de in de vordering tot wijziging van de tenlastelegging opgenomen gedraging … handelen en de schuld van verdachte dat de gedachte achter de in artt. 313 lid 2 Sv opgenomen beperking, die naar art. 68 Sr verwijst, meebrengt dat de gevorderde wijziging toelaatbaar
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|5 november 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE8855
oorspronkelijke dagvaarding ten grondslag ligt. De rechtbank baseert zich hierbij op artikel 314a lid 2 Sv die uitsluit de laatste volzin van art. 313 lid 2 Sv. In de laatste bepaling … artikel 313 lid 2 Sv wordt aangegeven dat wijziging van de tenlastelegging niet ertoe mag leiden dat de tenlastelegging niet langer hetzelfde feit, in de zin van artikel 68 Sr zou inhouden
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|5 november 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE8856
oorspronkelijke dagvaarding ten grondslag ligt. De rechtbank baseert zich hierbij op artikel 314a lid 2 Sv die uitsluit de laatste volzin van art. 313 lid 2 Sv. In de laatste bepaling … artikel 313 lid 2 Sv wordt aangegeven dat wijziging van de tenlastelegging niet ertoe mag leiden dat de tenlastelegging niet langer hetzelfde feit, in de zin van artikel 68 Sr zou inhouden
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|18 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD4921
voorwerp in beslag is genomen kan van die teruggave afstand doen (art. 116 lid 2 Sv). Ook zonder zo'n afstandsverklaring kan het openbaar ministerie het voorwerp teruggeven aan degene die redelijkerwijs … volgens de taxatie voorafgaand aan de vernietiging - redelijkerwijze zou hebben opgebracht (art. 119 lid 2 Sv). De opbrengst of getaxeerde waarde komt dan in de plaats van het terug te geven voorwerp
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|6 augustus 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE6175
middelen of omdat een dag voor de uitspraak is bepaald (art. 438 lid 2 Sv). Deze 'administratieve rolzitting' is bij de parlementaire voorbereiding ervan als volgt toegelicht: Met het nieuw voorgestelde … aanvangt, zoals bedoeld in art. 453 lid 1 Sv, met het overeenkomstig art. 438 lid 2 Sv door de rolrechter verwijzen van de zaak naar de meervoudige kamer. Het cassatieberoep
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD6257
ingediend. 3.1. In het eerste middel wordt erover geklaagd dat het hof art. 424 lid 2 Sv heeft geschonden en/of verkeerd toegepast, nu uit de stukken niet blijkt dat de Officier … dagen termijn gebeurd die voor het instellen van een rechtsmiddel open staat. Art. 424 lid 2 Sv, dat uitgaat van de situatie waarin enkel de verdachte in hoger beroep is gekomen
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|26 februari 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9583
sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. Daartoe wordt - onder verwijzing naar een overgelegd vonnis van de Rechtbank te Amsterdam … dezen niet voordoet een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv zodat de aanvraag ongegrond is. 4. Beslissing De Hoge Raad verklaart de aanvraag tot herziening
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|5 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8855
oorspronkelijke dagvaarding ten grondslag ligt. De rechtbank baseert zich hierbij op artikel 314a lid 2 Sv die uitsluit de laatste volzin van art. 313 lid 2 Sv. In de laatste bepaling … artikel 313 lid 2 Sv wordt aangegeven dat wijziging van de tenlastelegging niet ertoe mag leiden dat de tenlastelegging niet langer hetzelfde feit, in de zin van artikel 68 Sr zou inhouden
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|5 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE8856
oorspronkelijke dagvaarding ten grondslag ligt. De rechtbank baseert zich hierbij op artikel 314a lid 2 Sv die uitsluit de laatste volzin van art. 313 lid 2 Sv. In de laatste bepaling … artikel 313 lid 2 Sv wordt aangegeven dat wijziging van de tenlastelegging niet ertoe mag leiden dat de tenlastelegging niet langer hetzelfde feit, in de zin van artikel 68 Sr zou inhouden
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|12 februari 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9162Aangehaald in 26 uitspraken
verschoningsgerechtigde hoofdregel is en de vatbaarheid van de in het slot van artikel 98 lid 2 Sv. bedoelde stukken voor inbeslagneming, uitzondering. Een uitzondering die, gelet op het belang van de vertrouwelijkheid
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|24 september 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE6122
verzoek was immers gedaan met inachtneming van de termijn voorgeschreven in art. 263 lid 2 Sv en kennelijk bij aangetekend schrijven dat en heeft de advocaat-generaal gelet op zijn reactie tijdig … onderzoek na schorsing op een nadere terechtzitting wordt hervat (art. 321 lid 1 en 2 Sv en art. 415 Sv). 11. Misschien heeft het Hof ten onrechte aangenomen dat art. 288 Sv
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|8 januari 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD5594
verdachte, zoals dat bij voorbeeld wel het geval is indien art. 398 onder 2° Sv of art. 48, eerste lid WED in verbinding met laatstgenoemde bepaling van toepassing
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE3543
Blok en Besier zijn van oordeel dat de 'nieuwe bezwaren' van art. 255 lid 2 Sv gelijk moeten worden gesteld met nieuwe bewijsmiddelen(2). Door verscheidene auteurs is dit standpunt echter … inhoud van de verklaring - voldaan zijn aan de (formele) vereisten van art. 255 lid 2 Sv. 's Hofs oordeel, dat de stelling van de raadsman dat de verklaring van de april-getuige
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|27 september 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE3389
ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel in de art. 36e Sr. en 577 lid 2 Sv. rekening wordt gehouden met de positie van benadeelde derden levert, anders dan het onderdeel voorts
- Strafrecht overigHerzieningHoge Raad · Herziening · Strafrecht overig
Hoge Raad|29 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AF0494
niet hebben geleid tot een van de in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv genoemde beslissingen, maar tot schorsing van het onderzoek ter terechtzitting door de Politierechter
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigRechtbank Utrecht · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig
Rechtbank Utrecht|8 mei 2002|ECLI:NL:RBUTR:2002:AE2462
getrokken, dat de rechtbank toen een bevel heeft gegeven als bedoeld in artikel 278 lid 2 Sv. Verdachte was immers ter terechtzitting aanwezig. Bovendien kan die passage niet los worden gezien … begaan daarvan gediend hebben". Deze bepaling is rechtstreeks ontleend aan artikel 98 lid 2 Sv en moet naar het oordeel van de rechtbank worden verstaan als verlof aan de rechter-commissaris
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|1 oktober 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE5209
hoogte van het feit dat er nog een rechtsmiddel openstond. Hoewel artikel 399 lid 2 Sv - in verband met aanvang van de termijn waarbinnen verzet kan worden ingesteld - slechts eist dat sprake
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|8 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD6214
schriftuur ingezonden, houdende twee middelen van cassatie. 3.1. Het eerste middel klaagt dat art.409 lid 2 Sv is geschonden omdat de aanzegging van het appel vanwege de officier van justitie niet
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingGerechtshof 's-Gravenhage · Hoger beroep kort geding · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Gravenhage|11 april 2002|ECLI:NL:GHSGR:2002:AE5301
goede grond herhalingsgevaar aanwezig acht, waarbij geldt dat krachtens art. 67a lid 2 sub 2 Sv. aan de gevreesde recidive niet de eis mag worden gesteld dat deze op de Nederlandse rechtsorde
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|19 maart 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD8940
niet kan worden aangemerkt als een middel van cassatie als bedoeld in art. 437 lid 2 Sv (HR 10 juli 2001, NJ 2001, 605 rov. 3.1.). Ten overvloede merk
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.