69 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigVermogensrecht. Voor verjaring vereist bezit. Heeft het hof ten aanzien van betwisting van bezit terecht een…
Parket bij de Hoge Raad|14 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1238
Vermogensrecht. Voor verjaring vereist bezit. Heeft het hof ten aanzien van betwisting van bezit terecht een verzwaarde motiveringsplicht aangenomen?
- Civiel recht overigVermogensrecht. Bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW). Eigendom steiger in openbaar vaarwater; bezit…
Parket bij de Hoge Raad|6 juni 2025|ECLI:NL:PHR:2025:644
BW bepaalt dat bezit het houden van een goed is voor zichzelf. Volgens art. 3:108 BW wordt de vraag of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf … bezit door zich daarover de feitelijke macht te verschaffen. Op grond van art. 3:108 BW moet deze machtsuitoefening zodanig zijn dat zij naar verkeersopvatting als bezit kan worden gekwalificeerd
- VerbintenissenrechtBodemzaakIn deze zaak gaat het om een burengeschil over eigendomsrechten, gebruik van een stukje grondstrook…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|4 juni 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:3843
worden beantwoord aan de hand van de maatstaf van de artikelen 3:107 en 3:108 BW. Artikel 3:107 BW omschrijft het bezit als het houden van een goed voor zichzelf … feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen, met inachtneming
- Civiel recht overigBodemzaakStrook grond door bevrijdende verjaring eigendom van opvolgende bezitters. Oorspronkelijke eigenaar vordert…
Rechtbank Oost-Brabant|23 januari 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:255
worden beantwoord aan de hand van de maatstaf van de artikelen 3:107 en 3:108 BW. Artikel 3:107 BW omschrijft het bezit als het houden van een goed voor zichzelf … feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvattingen, met inachtneming
- Civiel recht overigHoger beroepGeen erfdienstbaarheid ontstaan door verkrijgende verjaring.
Gerechtshof Den Haag|5 augustus 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:1601
andere dat hij de bezitter is van een erfdienstbaarheid in de zin van artikel 3:108 BW en dat hij ten aanzien van dit bezit te goeder trouw is omdat … oordeel van het hof ook niet voldaan aan de voorwaarde van (onafgebroken) bezit (artikel 3:108 BW). Het enkele toestaan of gedogen dat gebruik werd gemaakt van de oprit leidt niet
- Civiel recht overigKort gedingKort geding. Vordering tot ontruiming strook grond. Geen sprake van verkrijgende verjaring.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|4 november 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:7671
3:109 BW e.v. en overigens op grond van uiterlijke feiten (art. 3:108 BW). Dit is dus een objectieve maatstaf: het gaat erom of naar algemene maatstaven een wilsuiting kan worden … feitelijke machtsuitoefening moet zodanig zijn dat zij naar verkeersopvatting als bezit wordt gekwalificeerd (art. 3:108 BW). Voor het aannemen van bezit van een onroerend goed geldt nog een extra bepaling. Omdat
- GoederenrechtBodemzaakRecht van erfdienstbaarheid door verjaring.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|19 maart 2025|ECLI:NL:RBZWB:2025:1669
goed’ is sprake als feitelijke macht over een goed wordt uitgeoefend. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf of voor … moet zodanig zijn dat zij naar verkeersopvatting als bezit kan worden gekwalificeerd (conform artikel 3:108 BW). Een bezitter van een goed verliest het bezit, wanneer hij het goed kennelijk prijsgeeft
- Civiel recht overigKort gedingGeschil tussen eigenaren van twee aan elkaar grenzende percelen over de perceelsgrens. De vraag of sprake…
Rechtbank Oost-Brabant|17 oktober 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:6751
feitelijke macht over een goed met de pretentie rechthebbende te zijn. Artikel 3:108 BW bepaalt dat de vraag of iemand een goed voor zichzelf houdt, wordt beoordeeld naar verkeersopvatting, met inachtneming … regels die in de op artikel 3:108 BW volgende wetsartikelen worden gegeven en op grond van uiterlijke feiten. De (niet naar buiten blijkende) interne wil om als rechthebbende op te treden
- Civiel recht overigHoger beroepPartijen hebben aan elkaar grenzende percelen op een bedrijventerrein. Zij hebben een geschil over de locatie…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|13 mei 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:2886
hekwerk en de kadastrale grens hebben respectievelijk heeft (gehad). 4.10 Op grond van artikel 3:108 BW en verder wordt het antwoord op de vraag of iemand de voor bezit vereiste feitelijke
- Civiel recht overigHoger beroepTwee aangrenzende eigenaren in een agrarisch gebied twisten over de eigendom van een strook grond. Het beroep…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|18 maart 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:1671
ander houdt, beoordeeld naar verkeersopvatting en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). De rol van de verkeersopvatting brengt mee dat daarbij de aard en de bestemming
- Civiel recht overigHoger beroepBurengeschil. Waar ligt de juridische erfgrens tussen de percelen? Bevrijdende verjaring (3:105 BW) en…
Gerechtshof Amsterdam|1 april 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:820
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Er geldt dus een objectieve maatstaf. Voor de beantwoording van de vraag of een niet-rechthebbende
- Civiel recht overigHoger beroepVerkrijgende verjaring strook publieke grond
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|9 december 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:7895
bezit moet echter worden beoordeeld naar verkeersopvattingen en overigens op grond van uiterlijke feiten (3:108 BW). Daarbij dienen alle bezitsdaden dus in samenhang te worden beoordeeld en niet, zoals de gemeente
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDrie vonnissen (in de zaken C/09/671764 / HA ZA 24-737, C/09/663662 / HA ZA 24-285 en C/09/669287 / HA ZA…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:5036
artikel 3:109 e.v. BW en overigens op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Dit is een objectieve maatstaf en alle relevante omstandigheden van het geval moeten daarbij in aanmerking
- Civiel recht overigHoger beroepBurenrecht. Geen bezit stuk grond, want niet ondubbelzinnig als eigenaar van stuk grond gedragen. Sprake van…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 oktober 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:6688
BW bepaalt dat bezit het houden van een goed is voor zichzelf. Volgens art. 3:108 BW wordt de vraag of iemand een goed houdt en of hij dit voor zichzelf
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingGerechtshof Arnhem-Leeuwarden · Hoger beroep kort geding · Civiel recht overig
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|29 juli 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:4717
grond van uiterlijke feiten (artikel 3:107 lid 1 BW jo. artikel 3:108 BW). Er geldt dus een objectieve maatstaf. 3.11 De vraag ligt voor of [appellant] de woning in bezit
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigBurenrecht. Erfgrensgeschil. Verkrijgende verjaring. Tussenvonnis waarin gedaagde in de gelegenheid wordt…
Rechtbank Den Haag|29 oktober 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:20645
bezit moet worden beoordeeld naar de verkeersopvattingen op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Dit is een objectieve maatstaf en alle relevante omstandigheden van het geval moeten daarbij in aanmerking
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil tussen buren over juridische erfgrens. Verkrijgende verjaring? Ondergrond haag.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|14 oktober 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:6414
inachtneming van de wettelijke regels en overigens op grond van de uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit heeft genomen
- VerbintenissenrechtHoger beroepBeroep op zowel de verkrijgende als bevrijdende verjaring faalt.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 februari 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:349
zijn. 6.12. De verkeersopvattingen worden soms opzijgezet door de wetsbepalingen die volgen op artikel 3:108 BW. Dit kan zich voordoen bij het interversieverbod van artikel 3:111 BW. Ingevolge artikel 3
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDrie vonnissen (in de zaken C/09/671764 / HA ZA 24-737, C/09/663662 / HA ZA 24-285 en C/09/669287 / HA ZA…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:5068
bezit moet worden beoordeeld naar de verkeersopvattingen op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Dit is een objectieve maatstaf en alle relevante omstandigheden van het geval moeten daarbij in aanmerking
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDrie vonnissen (in de zaken C/09/671764 / HA ZA 24-737, C/09/663662 / HA ZA 24-285 en C/09/669287 / HA ZA…
Rechtbank Den Haag|26 maart 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:5069
bezit moet worden beoordeeld naar de verkeersopvattingen op grond van uiterlijke feiten (artikel 3:108 BW). Dit is een objectieve maatstaf en alle relevante omstandigheden van het geval moeten daarbij in aanmerking
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.