Zoekresultaten

Voor “"3:11 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

4 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad12 mei 2000ECLI:NL:HR:2000:AA5776

    schuldsaneringsregeling natuurlijke personen niet om de goede trouw als bedoeld in art. 3:11 BW of de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in de art. 6:2 en 248 BW, maar … 3, blz. 37/38), niet om de goede trouw als bedoeld in art. 3:11 BW of de objectiefrechtelijke redelijkheid en billijkheid als bedoeld

  • Insolventierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht

    Parket bij de Hoge Raad25 februari 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA4938

    blijkt dat het hier niet gaat om de goede trouw als bedoeld in art. 3:11 BW of de objectiefrechtelijke redelijkheid en billijkheid als bedoeld

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad12 mei 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA5776

    3, blz. 37/38), niet om de goede trouw als bedoeld in art. 3:11 BW of de objectiefrechtelijke redelijkheid en billijkheid als bedoeld

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad16 juni 2000ECLI:NL:PHR:2000:AA6231

    geval aanleiding geven aan de be-voegdheid van de schuldenaar te twijfelen (vgl. art. 3:11 BW). Voor de vraag of de retentor redelijkerwijs van de bevoegdheid van de schuldenaar

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.