18 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigEiser vordert dat gedaagde het aan hem betaalde bedrag terugbetaald, omdat de goederen waarvoor hij dit…
Rechtbank Rotterdam|21 maart 2025|ECLI:NL:RBROT:2025:6651
geldige overdracht omdat hij te goeder trouw was in de zin van artikel 3:11 BW. [eiser] stelt dat [gedaagde] niet te goeder trouw was, omdat hij zijn onderzoeksplicht heeft geschonden. Goede … wist of moest weten dat [persoon A] geen eigenaar van de hometrainers was (artikel 3:11 BW). Wanneer er reden is voor twijfel dat de verkoper de eigenaar van de goederen
- Civiel recht overigHoger beroep kort gedingKort geding. Transformatorstation op perceel van een ander, vordering tot verwijdering. Spoedeisend belang?…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|28 oktober 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:6921
Kort geding. Transformatorstation op perceel van een ander, vordering tot verwijdering. Spoedeisend belang? Opstalrecht verkregen door verjaring? Persoonlijk gebruiksrecht? Belangenafweging. Vordering tot verwijdering toegewezen.
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigRevindicatie vordering van Zweedse eigenaar van auto toegewezen. Autobedrijf in Nederland komt geen…
Rechtbank Noord-Holland|3 september 2025|ECLI:NL:RBNHO:2025:10625
Revindicatie vordering van Zweedse eigenaar van auto toegewezen. Autobedrijf in Nederland komt geen derdenbescherming toe en kan niet als rechthebbende van de auto worden beschouwd.
- Civiel recht overigVerwijzing na Hoge RaadVerwijzingszaak HR (ECLI:NL:HR:2025:753 )/verzoek ex artikel 350 lid 3 sub f Fw tot beëindiging…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|21 augustus 2025|ECLI:NL:GHSHE:2025:2297
trouw’ in artikel 288 Fw valt niet samen met het gelijkluidende begrip in artikel 3:11 BW. Geen sprake is van objectief recht zoals de eisen van redelijkheid en billijkheid als bedoeld
- Personen- en familierechtHoger beroepDe vereffenaar vertegenwoordigt op basis van art 4:211 lid 1 BW de erfgenamen in en buiten rechte. De…
Gerechtshof Den Haag|22 juli 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:1538
De vereffenaar vertegenwoordigt op basis van art 4:211 lid 1 BW
- VerbintenissenrechtHoger beroepWAM-verzekering. Verzekeraar doet beroep op alcholclausule. Oneerlijk beding?
Gerechtshof Den Haag|15 april 2025|ECLI:NL:GHDHA:2025:516
artikel 15 lid 1 WAM is te begrijpen op dezelfde wijze als in art. 3:11 BW. Goede trouw ontbreekt dus niet alleen als de aansprakelijke persoon wist dat zijn aansprakelijkheid niet
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigBorgtochtovereenkomst tussen eiseres en gedaagde. Er is geen afstand gedaan van enig vorderingsrecht, zodat…
Rechtbank Midden-Nederland|16 juli 2025|ECLI:NL:RBMNE:2025:3521
goeder trouw was, moet worden beoordeeld aan de hand van de vereisten van artikel 3:11 BW. Hieruit volgt dat [eiser] niet te goeder trouw kan zijn als zij wist of behoorde
- Civiel recht overigHoger beroepKlacht tegen een notaris. Beslag op derdenrekening (voorganger) notaris. Onduidelijk aan wie bedrag op…
Gerechtshof Amsterdam|1 juli 2025|ECLI:NL:GHAMS:2025:1655
veilingkoper is te goeder trouw (…) als hij niet wist of behoorde te weten (art. 3:11 BW) van de feiten die hebben geleid tot de vernietigingen op grond van pauliana en bedrog
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiser ontvangt, in aanvulling op zijn werkloosheidsuitkering van het UWV, een bovenwettelijke…
Rechtbank Overijssel|15 juli 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:4742
bedrag moest terugbetalen of als hij dit behoorde te weten (artikel 3:11 BW). Om te kunnen vaststellen dat [eiser] dit niet behoorde te weten, moet [eiser] voldoen aan zijn onderzoeksplicht
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigKort geding, opheffing conservatoir beslag, uitleg vaststellingsovereenkomst. de tussen partijen gesloten…
Rechtbank Den Haag|31 januari 2025|ECLI:NL:RBDHA:2025:1215
eiseres] hangt op grond van het bepaalde in artikel 3:35 in verbinding met 3:11 BW af van de vraag of [gedaagde] in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mocht begrijpen dat [eiseres
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigBevrijdende of verkrijgende verjaring, inbezitname publieke grond.
Rechtbank Limburg|21 mei 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:4758
trouw betrekking moet hebben kende, maar ook als hij ze behoorde te kennen (artikel 3:11 BW). Artikel 3:118 lid 3 BW bevat een regel van bewijslastverdeling: goede trouw wordt vermoed
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiser en gedaagde hebben als opdrachtgever onderscheidenlijk aannemer een overeenkomst tot aanneming van werk…
Rechtbank Overijssel|26 maart 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:1714
betaling te goeder trouw moet zijn geweest in de zin van artikel 3:11 BW. Deze situatie doet zich hier voor. [eiser] meende immers door de verklaringen van [naam 1] en [naam
- InsolventierechtWSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door…
Parket bij de Hoge Raad|12 februari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:191
WSNP. Verzoek tussentijdse beëindiging. Goede trouw-toets schuldenaar. Innemen tegenstrijdige stellingen door schuldenaar. Mogelijk onjuiste informatie toelatingsverzoek.
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigIn 2023 verstrekte Bridgefund, een zakelijke, niet-bancaire kredietverstrekker, een krediet aan vijf aan…
Rechtbank Amsterdam|6 augustus 2025|ECLI:NL:RBAMS:2025:5741
wederpartij, in dit geval BridgeFund, te goeder trouw was. Op grond van artikel 3:11 BW ontbreekt goede trouw in dit geval niet alleen indien BridgeFund wist dat [gedaagde 5] gehuwd
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVerzekeringsrecht. Verhaalsrecht van art. 15 WAM. Bestuurder van auto veroorzaakt onder invloed van een…
Rechtbank Noord-Nederland|8 januari 2025|ECLI:NL:RBNNE:2025:3353
gedekt, is het begrip goede trouw te begrijpen op dezelfde wijze als in artikel 3:11 BW. Goede trouw ontbreekt derhalve niet alleen indien de aansprakelijke persoon wist dat zijn aansprakelijkheid niet
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBelgische eigenaar van een camper stelt dat deze is gestolen en vordert afgifte van Nederlandse handelaar die…
Rechtbank Limburg|2 april 2025|ECLI:NL:RBLIM:2025:11811
niet geschiedt en de verkrijger te goeder trouw is. Op grond van artikel 3:11 BW ontbreekt goede trouw van een persoon, vereist voor enig rechtsgevolg, niet alleen indien hij de feiten
- Civiel recht overigBodemzaakDeze zaak draait om de vraag of een Nederlandse autohandelaar aansprakelijk is jegens een Belgische…
Rechtbank Oost-Brabant|17 december 2025|ECLI:NL:RBOBR:2025:8172
onderzoek naar de relevante gedragsnorm voldoet dit kader. 4.3.3. Goede trouw is in art. 3:11 BW negatief omschreven, in die zin dat bepaald wordt wanneer goede trouw ontbreekt. Goede trouw ontbreekt
- Personen- en familierechtErfgenaam verzoekt machtiging om nalatenschap alsnog beneficiair te aanvaarden i.v.m. onbekende schulden van…
Parket bij de Hoge Raad|7 november 2025|ECLI:NL:PHR:2025:1211
Erfgenaam verzoekt machtiging om nalatenschap alsnog beneficiair te aanvaarden i.v.m. onbekende schulden van de nalatenschap (art. 4:194a lid 1 BW). Kantonrechter en hof wijzen verzoek toe. Oordeel dat erfgenaam geen kennis had dan wel behoorde te hebben van (gestelde) schulden; verzoek tijdig binnen drie maanden…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.