3 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigKort gedingVoor verkrijgende verjaring van onroerende zaken is het onafgebroken bezit van een zaak te goeder trouw…
Rechtbank Arnhem|27 november 2007|ECLI:NL:RBARN:2007:BB9650
zich als rechthebbende beschouwt en hij zich ook redelijkerwijze als zodanig mag beschouwen (artikel 3:118 BW). Voorshands acht de voorzieningenrechter onvoldoende aannemelijk dat eiseressen bezitters te goeder trouw zijn geweest. vonnis … zich als rechthebbende beschouwt en hij zich ook redelijkerwijze als zodanig mag beschouwen (artikel 3:118 BW). 5.5. Voorshands acht de voorzieningenrechter onvoldoende aannemelijk dat eiseressen bezitters te goeder trouw zijn geweest
- Civiel recht overigHoger beroepIn deze grief handhaaft SHP uitdrukkelijk haar zowel door de voorzieningenrechter als door de rechtbank…
Gerechtshof Leeuwarden|22 augustus 2007|ECLI:NL:GHLEE:2007:BB2285
tijde van het begin van het bezit niet af, gelet op het in artikel 3:118 BW, tweede lid neergelegde beginsel dat later opkomende kwade trouw niet schaadt. 20. Het hof dient
- Civiel recht overigBodemzaakVordering tot ontruiming. Verjaring op grond van artikel 3:99 BW of artikel 3:105 BW? Bezit te goeder trouw?…
Rechtbank Amsterdam|18 april 2007|ECLI:NL:RBAMS:2007:BA5589
goeder trouw dienen te zijn. Gelet op het bepaalde in artikel 3:118 BW is een bezitter te goeder trouw wanneer hij zich als rechthebbende beschouwt en zich ook redelijkerwijze als zodanig
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.