19 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigNiet-ontvankelijkheid op grond van artikelen 3:296 BW, 3:302 BW en 3:303 BW.
Rechtbank Limburg|7 maart 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:2077
Niet-ontvankelijkheid op grond van artikelen 3:296 BW, 3:302 BW en 3:303 BW. vonnis RECHTBANK LIMBURG Burgerlijk recht Zittingsplaats Roermond zaaknummer / rolnummer: C/03/238434 / HA ZA 17-390 Vonnis … verklaring van recht met betrekking tot rechtsverhoudingen tussen partijen, niet zijnde de notaris. Artikel 3:302 BW bepaalt dat op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon de rechter omtrent
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigCollectieve actie van Stichting Sint Jan voor Eerlijk Proces tegen (de Klachtencommissie van) de Stichting…
Rechtbank Gelderland|18 april 2018|ECLI:NL:RBGEL:2018:1743
opgevraagde stukken over te leggen. Bij een vordering tot verklaring voor recht ex art. 3:302 BW is de rechtbank gebonden aan de formulering van de eisende partij. De rechtbank kan zonder
- Civiel recht overigHoger beroepHuur bedrijfsruimte op Schiphol. Combinatie van concessie en huur. Ontruimingsbescherming. Mogelijkheid in…
Gerechtshof Amsterdam|23 oktober 2018|ECLI:NL:GHAMS:2018:3868
einde gekomen? Wetsartikelen: 7:230a BW, 6:248 BW, 6:228 BW, 3:302 BW GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team I zaaknummer : 200.233.408/01 zaak-/rolnummer rechtbank Noord-Holland
- VerbintenissenrechtHoger beroepIs de Rabobank bevoegd om op grond van een akte van cessie een koopovereenkomst op grond van een wilsgebrek…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|15 mei 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:2109
Is de Rabobank bevoegd om op grond van een akte van cessie een koopovereenkomst op grond van een wilsgebrek te vernietigen? beroep op misbruik van omstandigheden, dwaling en verrekening
- VerbintenissenrechtHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Verbintenissenrecht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|17 april 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:1603
gedaagde geen recht." De onjuistheid van dit oordeel volgt volgens Dexia onmiddellijk uit art. 3:302 BW. Aan de voorwaarden van deze bepaling is voldaan, zodat Dexia het (spiegelbeeldig) recht heeft … rechtsverhouding betrokken persoon kan een verklaring voor recht vorderen omtrent die rechtsverhouding (art. 3:302 BW). Een partij bij een overeenkomst, zoals Dexia in deze zaak, behoort tot de onmiddellijk
- Civiel recht overigHoger beroepdexia waiverzaak toegang tot de rechter en buitengerechtelijke kosten
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 oktober 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:4336
gedaagde geen recht." De onjuistheid van dit oordeel volgt volgens Dexia onmiddellijk uit art. 3:302 BW. Aan de voorwaarden van deze bepaling is voldaan, zodat Dexia het (spiegelbeeldig) recht heeft … rechtsverhouding betrokken persoon kan een verklaring voor recht vorderen omtrent die rechtsverhouding (art. 3:302 BW). Een partij bij een overeenkomst, zoals Dexia in deze zaak, behoort tot de onmiddellijk
- Civiel recht overigFinancieel recht. Effectenlease (Dexia). Negatieve verklaring voor recht; daarvoor vereist belang; stelplicht…
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2018|ECLI:NL:PHR:2018:1429Aangehaald in 8 uitspraken
middel. 5.5 Ik schets eerst het juridisch kader voor deze klachten. Art. 3:302 BW bepaalt dat de rechter, op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon, omtrent die rechtsverhouding
- Civiel recht overigHoger beroepOntvankelijkheidsgronden afgewezen. Eiswijziging tijdens pleidooi.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 februari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:812
BW, maar slechts tot het verkrijgen van een declaratoire uitspraak als bedoeld in artikel 3:302 BW met werking uitsluitend tussen partijen. Dit brengt mee dat de eis van inschrijving
- Burgerlijk procesrechtVerstekAfwijzing vordering in verstekvonnis. Geen gronden naar voren gebracht die de vordering kunnen dragen. Geen…
Rechtbank Limburg|5 december 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:12453
feitelijke) het gevorderde niet kan dragen. Daartoe overweegt de rechtbank het volgende. 3.3. Artikel 3:302 BW bepaalt dat op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon de rechter omtrent
- Civiel recht overigBodemzaakOverheidsaansprakelijkheid. Collectieve actie van de Woonbond tegen onder meer de Staat en een…
Rechtbank Den Haag|10 januari 2018|ECLI:NL:RBDHA:2018:171Aangehaald in 5 uitspraken
Overheidsaansprakelijkheid. Collectieve actie van de Woonbond tegen onder meer de Staat en een woningcorporatie over afgifte en gebruik van de inkomensverklaring ex artikel 7:252a, derde lid, BW, voor inkomensafhankelijke huurverhoging. Ontvankelijkheid. Taakverdeling burgerlijke rechter/bestuursrechter.…
- GoederenrechtEerste aanleg - enkelvoudigerfpacht; art. 5:91 lid 4 BW; verbod herziening canon als voorwaarde bij overdracht recht van erfpacht…
Rechtbank Midden-Nederland|25 juni 2018|ECLI:NL:RBMNE:2018:2943
toegewezen. De rechtbank acht een verklaring voor recht, gelet op het bepaalde in artikel 3:302 BW, minder passend en zal het gevorderde verbod en de hieraan gekoppelde dwangsom toewijzen ten aanzien
- ArbeidsrechtHoger beroepWWZ; Billijke vergoeding (art. 7:681 lid 1, aanhef en onder a, BW).
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|18 januari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:144
worden uitgesproken op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon (art. 3:302 BW) en kan alleen dienen tot het op, jegens de andere betrokkenen, bindende wijze vaststellen van haar
- ArbeidsrechtHoger beroepWWZ. Billijke vergoeding bij berusting in het ontslag op staande voet.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|1 februari 2018|ECLI:NL:GHSHE:2018:355
arbeidsovereenkomst geen dringende reden ten grondslag ligt. Op grond van het bepaalde in artikel 3:302 BW spreekt de rechter op vordering van een bij een rechtsverhouding onmiddellijke betrokken persoon omtrent
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigRechtsopvolging partij lopende procedure. Heeft vonnis gezag van gewijsde voor rechtsopvolger? Hoewel de…
Rechtbank Rotterdam|12 december 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:10980
vonnis, steeds voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: voor recht te verklaren (ex artikel 3:302 BW) dat - indien de onderappartementsrechten 139 en 141 nietig zijn - het opstalrecht dat is gevestigd
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigOntvankelijkheid in de zin van art. 3:305a lid 2 BW. Er bestaat onvoldoende aanleiding om aan te nemen dat de…
Rechtbank Rotterdam|18 juli 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:9219
Stichting als gevolmachtigde/lasthebber, onmiddellijk betrokken zijn is voldaan aan het vereiste dat art. 3:302 BW stelt. Dat voldoende belang bestaat bij de verklaringen voor recht volgt voldoende uit de omstandigheid
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiser heeft op de gevel van zijn pand posters gehangen waarop de president van Turkije en de President van…
Rechtbank Rotterdam|27 juli 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:6177
Gemeente is aangevoerd dat [eiser] geen belang heeft bij deze vordering. Uit artikel 3:302 BW volgt dat een bij een rechtsverhouding onmiddellijk betrokken persoon een vordering tot verklaring van recht
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe vraag die centraal staat is of er een met de erfdienstbaarheid strijdige toestand bestaat.
Rechtbank Limburg|28 februari 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:1969
voor toewijzing van een dergelijke vordering te zijn voldaan aan het vereiste van artikel 3:302 BW dat de verklaring slechts wordt gegeven op vordering van een bij de rechtsverhouding onmiddellijk betrokken
- ArbeidsrechtTussenbeschikkingTussenbeschikking: werkgever mag bewijzen dat werknemer haar arbeidsovereenkomst heeft opgezegd…
Rechtbank Rotterdam|1 november 2018|ECLI:NL:RBROT:2018:9078
verzoekster 1] verzoekt de kantonrechter, voor zover vereist, te verklaren voor recht ex artikel 3:302 BW dat de arbeidsovereenkomst per 1 juni 2018 rechtsgeldig is geëindigd. 3.1.6 Indien de kantonrechter
- Burgerlijk procesrechtEerste aanleg - enkelvoudigDe vraag die voorligt: wie is eigenaar van de - eeuwen geleden uitgegraven - gangen gelegen onder een drietal…
Rechtbank Limburg|7 februari 2018|ECLI:NL:RBLIM:2018:1142
De vraag die voorligt: wie is eigenaar van de - eeuwen geleden uitgegraven - gangen gelegen onder een drietal percelen? De rechtbank is van oordeel dat de gangen onder deze percelen samen één gangenstelsel en daarmee één zaak vormen, die toebehoort aan eigenaar van het perceel waarop de hoofdingang van het…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.