90 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepBurengeschil. Vordering tot verwijdering poort, schutting en kliko’s. Beroep op extinctieve verjaring art…
Gerechtshof Amsterdam|6 augustus 2024|ECLI:NL:GHAMS:2024:2444
poort, schutting en kliko’s. Beroep op extinctieve verjaring art 3:105 jo art 3:306 BW faalt, omdat vanwege in het verleden door andere buren gegeven toestemming geen bezit maar slechts … beroep van [geïntimeerde] op extinctieve verjaring onder toepassing van artikel 3:105 jo artikel 3:306 BW gehonoreerd en de vorderingen van [appellanten 1] afgewezen, waarbij [appellanten 1] zijn veroordeeld
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBurengeschil, geen verkrijging eigendom door verjaring (art. 3:99 BW, art. 3:105 en 3:106 BW), wel ontstaan…
Rechtbank Overijssel|13 juni 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:3157
3:105 en 3:106 BW), wel ontstaan erfdienstbaarheid/recht van overpad door verjaring (art. 3:306 BW). Tussen de schuren van eiser en gedaagde loopt een strook grond waarvan eiser en gedaagde … BW als voor bevrijdende verjaring op grond van artikel 3:105 jo artikel 3:306 BW. Bezit is een vorm van houden, waarbij de bezitter macht over het betreffende goed uitoefent voor
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigVordering van eiseres uit nalatenschap van haar vader op de nalatenschap van de weduwe van haar vader. Beroep…
Rechtbank Rotterdam|1 mei 2024|ECLI:NL:RBROT:2024:4283
slaagt niet, want geen sprake van een vordering uit overeenkomst. Op grond van artikel 3:306 BW geldt een verjaringstermijn van 20 jaar. Evenmin slaagt beroep op rechtsverwerking. Gevorderde hoofdsom wordt toegewezen … aangezien geen sprake is van een vordering uit overeenkomst en op grond van artikel 3:306 BW een verjaringstermijn geldt van twintig jaren. Voor zover gedaagden ook een beroep op rechtsverwerking willen
- VerbintenissenrechtCassatiePersonen- en familierecht. Verbintenissenrecht. Verjaring. Aansprakelijkheid van ene echtgenoot voor…
Hoge Raad|5 juli 2024|ECLI:NL:HR:2024:1027
niet anders bepaalt, de algemene verjaringstermijn van 20 jaar op grond van art. 3:306 BW van toepassing. Nog daargelaten dat uit de correspondentie uit 2019 volgt dat [verweerders] diverse stuitingshandelingen hebben … niet anders bepaalt, de algemene verjaringstermijn van art. 3:306 BW van toepassing is op de vorderingsrechten van [verweerders] jegens [eiser 2] . Volgens het onderdeel is dit oordeel onjuist, omdat
- VerbintenissenrechtAansprakelijkheid andere echtgenoot voor verbintenissen aangegaan ten behoeve van de gewone gang van de…
Parket bij de Hoge Raad|2 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:119
vorderingen tot terugbetaling jegens [eiseres 2] de algemene 20-jarige verjaringstermijn van art. 3:306 BW van toepassing is en dat de door [verweerster] gevorderde buitengerechtelijke kosten toegewezen worden, omdat daartegen geen … niet anders bepaalt, de algemene verjaringstermijn van 20 jaar ex art. 3:306 BW van toepassing. Nog daargelaten dat uit de correspondentie uit 2019 volgt dat [verweerster] diverse stuitingshandelingen heeft verricht
- Civiel recht overigVerkrijgende verjaring (art. 3:99 BW); bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW); aparte maatstaf voor…
Parket bij de Hoge Raad|2 augustus 2024|ECLI:NL:PHR:2024:804
houden gedurende de voor verkrijgende verjaring ex art. 3:105 lid 1 jo. art. 3:306 BW vereiste termijn van twintig jaren, en dat [verweerder] gehouden is tot schadevergoeding; (V) veroordeling … BW, althans op grond van bevrijdende verjaring ex art. 3:105 BW jo art. 3:306 BW eigenaar is geworden van het perceelsgedeelte grond kadastraal bekend Gemeente [plaats] , [sectie] , nummer [001] zoals
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigverjaring door 20 jaar bezit van een strook gemeentegrond
Rechtbank Gelderland|15 mei 2024|ECLI:NL:RBGEL:2024:2701
verkregen door bevrijdende verjaring (op grond van artikel 3:105 lid 1 juncto 3:306 BW), aldus Dito. Zij voert daartoe aan dat zij vanaf de levering in april … beëindiging van het bezit heeft ingesteld (artikel 3:105 lid 1 BW juncto artikel 3:306 BW), bezit is vereist. Voor de beantwoording van de vraag of iemand een zaak in bezit
- GoederenrechtHoger beroepBurengeschil. Verkrijging van erfdienstbaarheid van overpad door bevrijdende verjaring?
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|23 april 2024|ECLI:NL:GHSHE:2024:1403
door bevrijdende verjaring als bedoeld in artikel 3:105 BW in combinatie met artikel 3:306 BW een recht van erfdienstbaarheid (recht van overpad) heeft verkregen. De brandgang wordt al sinds jaar … verjaring als geregeld in artikel 3:105 lid 1 BW in combinatie met artikel 3:306 BW. Artikel 3:105 lid 1 BW verheft tot rechthebbende degene die een goed bezit
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeschil tussen buren over de eigendom van een strook grond. Gedaagde in conventie, eiseres in reconventie is…
Rechtbank Overijssel|17 september 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:4868
rechtsvordering tot beëindiging van bezit als bedoeld in artikel 3:105 BW en 3:306 BW. [partij A] zijn daarom gehouden om hun medewerking te verlenen aan het vaststellen en registreren … door verkrijgende (artikel 3:99 BW), dan wel bevrijdende verjaring (artikel 3:105 en 3:306 BW) eigenaar zijn geworden. Als dit verweer slaagt, zou dat betekenen dat de hoek
- Civiel recht overigVermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft…
Parket bij de Hoge Raad|9 februari 2024|ECLI:NL:PHR:2024:139
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde partners (art. 3:320 jo. 3:321 lid 1 sub a…
- GoederenrechtBodemzaakVerkrijging recht van erfpacht door bevrijdende (extinctieve) verjaring op gronden van een energiecentrale.
Rechtbank Den Haag|10 januari 2024|ECLI:NL:RBDHA:2024:221
grond van de artikelen 3:105 jo. 3:314 lid 2 jo. 3:306 BW als bezitter van het recht van erfpacht ter zake van de Gronden met daarop de Energiecentrale door … grond van artikel 3:105 jo. artikel 3:314 lid 2 jo. artikel 3:306 BW. In deze artikelen is bepaald dat ook bezit niet te goeder trouw tot verkrijging door verjaring
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEisers stellen dat zij over een erfdienstbaarheid van watergangen beschikken. Deze erfdienstbaarheid ziet op…
Rechtbank Overijssel|23 oktober 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:5547
eisers] een beroep doen op de bevrijdende verjaring, zoals opgenomen in artikel 3:306 BW. Voor een geslaagd beroep op de verkrijging van een erfdienstbaarheid door bevrijdende verjaring gelden twee vereisten … erfdienstbaarheid (ii) gedurende twintig jaren (artikel 3:105 BW in verbinding met artikel 3:306 BW). 5.9. Voor een geslaagd beroep op verjaring moeten [eisers] concreet en feitelijk stellen dat er sprake
- VerbintenissenrechtBodemzaakeigendom van een garagebox/berging
Rechtbank Noord-Holland|15 mei 2024|ECLI:NL:RBNHO:2024:5199
bezit heeft verkregen (artikel 3:314 lid 2 BW) en bedraagt twintig jaar (artikel 3:306 BW). 5.2. Bezit is het houden van een goed voor zichzelf (artikel 3:107 BW … verjaringstermijn van de vordering tot beëindiging van het bezit is verstreken (artikel 3:306 BW) en (ii) [eiser] had op dat moment de berging in bezit. 5.5. Voor wat betreft het bezit
- Civiel recht overigHoger beroepVordering tot ontruiming. Beroep op verkrijgende verjaring wordt verworpen.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|26 november 2024|ECLI:NL:GHARL:2024:7273
termijn is voltooid na twintig jaren (zie artikelen 3:314 lid 2 en 3:306 BW). 5.5. Of sprake is van ‘bezit’, moet steeds beoordeeld worden naar verkeersopvatting, met inachtneming … strekt tot beëindiging van het bezit. Die termijn bedraagt immers twintig jaar (zie artikel 3:306 BW). Het beroep op verkrijgende verjaring kan daarom alleen nog slagen als bewezen wordt dat [geïntimeerde1
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGedaagden moeten aan eiser onbelemmerde toegang tot zijn perceel verlenen en hun bouwwerk op het perceel van…
Rechtbank Midden-Nederland|21 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:869
Artikel 3:99 lid 1 BW. Artikel 3:23 BW. Artikel 3:105 jo. 3:306 BW. Productie 2 van [gedaagde sub 1] . [A] was vanaf ongeveer … eiser] . Productie 10 van [eiser] . Artikel 3:23 BW. Artikel 3:105 jo. 3:306 BW
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHuurrecht. De huurster huurt een etage. Daarnaast staat in de huurovereenkomst dat aan haar alleen een…
Rechtbank Amsterdam|18 juni 2024|ECLI:NL:RBAMS:2024:4419
zolder gebruikt zonder recht of titel. Deze vordering verjaart op grond van artikel 3:306 BW door verloop van twintig jaren. De Hoge Raad heeft in een arrest van 24 januari … Deze vangt namelijk pas aan op het moment dat de eerdere verjaringstermijn van artikel 3:306 BW van twintig jaar verstreken is. Dat betekent in deze zaak dat sprake moet zijn
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEiser en betrokkene zijn de zoons van gedaagde. Gedaagde is gehuwd geweest met hun vader. Dit huwelijk is…
Rechtbank Overijssel|21 februari 2024|ECLI:NL:RBOVE:2024:964
moment. Als de wet niet anders bepaalt, verjaart een rechtsvordering op grond van artikel 3:306 BW immers in ieder geval na verloop van 20 jaar. Ten aanzien van de vordering … maakt nu meer dan 30 jaar later aanspraak op dit recht. Gelet op artikel 3:306 BW is ook deze vordering verjaard. Het had op de weg van [eiser] gelegen
- VerbintenissenrechtBodemzaakHet gaat in deze procedure kort gezegd om de vraag wie eigenaar is van een bepaalde strook grond. Gedaagde…
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|17 juli 2024|ECLI:NL:RBZWB:2024:5505
Het gaat in deze procedure kort gezegd om de vraag wie eigenaar is van een bepaalde strook grond. Gedaagde betwist niet dat de betreffende strook grond onderdeel uitmaakt van het kadastrale perceel van eiser, maar stelt dat hij eigenaar is geworden door verkrijgende danwel bevrijdende verjaring. Eiser betwist dat en…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe eigenaren van een zorgboerderij hebben door verjaring in 2012 een recht van erfdienstbaarheid van weg…
Rechtbank Amsterdam|17 januari 2024|ECLI:NL:RBAMS:2024:252
vervolgens te houden gedurende de voor de verkrijgende verjaring ex art. 3:105 jo. 3:306 BW vereiste termijn van twintig jaren, alsmede dat [eisers] gehouden zijn aan [gedaagden] diens hierdoor gelegen … bezitter is geworden (art. 3:314 lid 2 BW), en bedraagt twintig jaar (art. 3:306 BW). Onder het Burgerlijk Wetboek zoals dat gold vóór 1 januari 1992 was bezit
- Civiel recht overigHoger beroepGeschil tussen eigenaars van (vakantie-)woningen over de eigendom van een driehoekje water gelegen in een…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|15 oktober 2024|ECLI:NL:GHARL:2024:6341
Geschil tussen eigenaars van (vakantie-)woningen over de eigendom van een driehoekje water gelegen in een havenperceel, de eigendom van een pier, de vraag of sprake is van een door verjaring verkregen erfdienstbaarheid op de pier en over het recht op vrij uitzicht. Vervolg op Rechtbank Noord-Nederland, locatie…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.