10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD9119
appel nog beroepen op verjaring van de vordering van [eiseres] op grond van art. 3:307 BW, voor zover deze de periode vóór 4 november 1992 betreft. [Eiseres] heeft bij conclusie … voor het geval de rechtbank niet art. 3:310 BW doch art. 3:307 BW van toepassing acht, heeft gevorderd voor recht te verklaren dat [verweerster] is gehouden een schadevergoeding te betalen
- Personen- en familierechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Personen- en familierecht
Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE9241
richt zich tegen 's Hofs oordeel dat de verjaringstermijn op grond van art. 3:307 BW eerst is gaan lopen vanaf het einde van het huwelijk, en tegen hetgeen
- Civiel recht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig
Hoge Raad|12 april 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD9119
geval de rechtbank inzake de verjaring niet art. 3:310 BW doch art. 3:307 BW van toepassing acht, vordert voor recht te verklaren dat [verweerster] gehouden is een schadevergoeding te betalen
- Civiel recht overigHoger beroepproceskosten -deels- voor winnende partij wegens onzorgvuldig procederen.
Gerechtshof Arnhem|19 november 2002|ECLI:NL:GHARN:2002:AT6594
deze vordering is verjaard op grond van het eerste of tweede lid van artikel 3:307 BW, derhalve of de vordering is verjaard op 1 januari 1993 (primair standpunt van Hoge Hexel
- Civiel recht overigHoger beroepGerechtshof 's-Hertogenbosch · Hoger beroep · Civiel recht overig
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|7 november 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AF1048
rechtsvordering tot nakoming mitsdien aangevangen op 12 mei 1993, zodat deze vordering ingevolge art. 3:307 BW zonder stuiting zou zijn verjaard op 12 mei 1998. 4.4. Weliswaar is die verjaring ingevolge
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 januari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD6085
vordering van ING in hoofdsom toegewezen. Zij overwoog daartoe, kort gezegd, dat ingevolge art. 3:307 BW en art. 73 Ow II de onder het oude recht begonnen verjaringstermijn van 20 jaar
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Arnhem · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Arnhem|8 augustus 2002|ECLI:NL:RBARN:2002:AE6878
vordering in ieder geval op grond van het bepaalde in artikel 3:307 BW jo artikel 73 Overgangswet NBW op 1 december 1993 verjaard. Niet is gesteld of gebleken dat voor
- Civiel recht overigHoger beroepMet [appellant] is het hof van oordeel dat de bewijslast van de inhoud van de aannemingsovereenkomst op BVR…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 januari 2002|ECLI:NL:GHSHE:2002:AQ7917
Niet in geschil is dat in casu de korte verjarings-termijn van art. 3:307 BW van toepassing is. De facturen zijn gedateerd op data in juni, september en oktober
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|15 februari 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD6624
aangevoerd dat de vorderingen inmiddels zijn verjaard. Zij heeft zich daarbij beroepen op art. 3:307 BW juncto art. 73 Overgangswet voorzover de litigieuze vordering strekt tot nakoming en op art. 3
- Personen- en familierechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Personen- en familierecht
Parket bij de Hoge Raad|6 december 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE9241
C 01/086 HR Mr. F.F. Langemeijer Zitting 11 oktober 2002 Conclusie inzake: [De man] tegen [De vrouw] In dit geschil tussen gewezen echtgenoten over een zgn. nieuw Amsterdams verrekenbeding wordt voortgebouwd op eerdere rechtspraak over dit onderwerp. In het bijzonder is de vraag aan de orde wanneer de vordering tot…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.