11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigCassatieVermogensrecht. Ondernemingsrecht. Borgtocht en verjaring; art. 7:853 BW. Einde verjaringstermijn van…
Hoge Raad|30 juni 2017|ECLI:NL:HR:2017:1182Aangehaald in 12 uitspraken
bestaande rechtspersoon. Geldt verlengde termijn van art. 2:23c lid 2 BW jo. art. 3:320 BW slechts indien vereffening wordt heropend, of loopt verjaringstermijn zolang rechtspersoon niet meer bestaat? Stuiting verjaring … waarin de rechtspersoon had opgehouden te bestaan er een verlengingsgrond als bedoeld in artikel 3:320 BW is ten aanzien van de verjaring van rechtsvorderingen tegen de rechtspersoon. Het feit
- Civiel recht overigVermogensrecht. Ondernemingsrecht. Borgtocht en verjaring; art. 7:853 BW. Einde verjaringstermijn van…
Parket bij de Hoge Raad|12 mei 2017|ECLI:NL:PHR:2017:525
bestaande rechtspersoon. Geldt verlengde termijn van art. 2:23c lid 2 BW jo. art. 3:320 BW slechts indien vereffening wordt heropend, of loopt verjaringstermijn zolang rechtspersoon niet meer bestaat? Stuiting verjaring … waarin de rechtspersoon had opgehouden te bestaan er een verlengingsgrond als bedoeld in artikel 3:320 BW is ten aanzien van de verjaring van rechtsvorderingen tegen de rechtspersoon. Het feit
- Civiel recht overigHoger beroepBestuurdersaansprakelijkheid. Onregelmatige uitgaven en beloning. Bewijsopdracht
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|11 april 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1550
artikel 3:321 lid 1 aanhef en onder d BW in samenhang met artikel 3:320 BW): wanneer een verjaringstermijn zou aflopen terwijl een bestuurder nog deze hoedanigheid heeft of binnen
- Civiel recht overigHoger beroepGeldlening tussen (ex) echtgenoten. Verlengingsgrond verjaringstermijn. Artikelen 3:320 en 321, lid 1 sub a BW.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|14 november 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:4883
situatie de verjaringstermijn vijf jaar en zou deze op 1 januari 2014 aflopen. Artikel 3:320 BW bepaalt evenwel dat, wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond
- Personen- en familierechtHoger beroepHuwelijkse voorwaarden. Geen verjaring. Geen vernietiging op grond van wilsgebreken.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|11 juli 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:5969
verjaring van de rechtsvordering tot vernietiging op grond van dwaling geen sprake is. Artikel 3:320 BW bepaalt dat wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen
- Civiel recht overigBodemzaakBorgtocht en verjaring. 7:853 BW. HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1182
Rechtbank Den Haag|6 december 2017|ECLI:NL:RBDHA:2017:14356
waarin de rechtspersoon had opgehouden te bestaan er een verlengingsgrond als bedoeld in art. 3:320 BW is ten aanzien van de verjaring van rechtsvorderingen tegen de rechtspersoon. Het feit
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Rotterdam · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Rotterdam|8 maart 2017|ECLI:NL:RBROT:2017:1832
verjaringstermijn van een rechtsvordering wegens een gebrek in een opgeleverd werk verlengd overeenkomstig artikel 3:320 BW indien die rechtsvordering krachtens de leden 1 en 2 van artikel 7:761 BW
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVordering shockschade. Verjaring. De schade is niet tot na de verjaringstermijn verborgen gebleven, dus aan…
Rechtbank Midden-Nederland|14 juni 2017|ECLI:NL:RBMNE:2017:2810
verjaringstermijn totdat 6 maanden na het verdwijnen van de verlengingsgrond zijn verstreken (artikel 3:320 BW). Nu uit de sommatiebrief van 20 januari 2014 blijkt dat [eiser] in ieder geval
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVervolg op rechtbank Amsterdam 27 juli 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4704. De stellingen van gedaagde die erop…
Rechtbank Amsterdam|22 maart 2017|ECLI:NL:RBAMS:2017:2713
Vervolg op rechtbank Amsterdam 27 juli 2016, ECLI:NL:RBAMS:2016:4704. De stellingen van gedaagde die erop neerkomen dat toekenning van volledige schadevergoeding in de gegeven omstandigheden tot kennelijk onaanvaardbare gevolgen zou leiden, slagen alleen voor zover het de kosten van de erfrechtprocedure betreft. De…
- Civiel recht overigEerste aanleg - meervoudigAansprakelijkheid voormalig bestuurders woningstichting; tegenstrijdig belang woningstichting en bestuurder…
Rechtbank Limburg|8 maart 2017|ECLI:NL:RBLIM:2017:2082
wordt ingevolge art. 3:321 lid 1 onder d BW in verbinding met art. 3:320 BW van rechtswege verlengd tot zes maanden na het defungeren van de aangesproken bestuurder, wanneer
- Civiel recht overigBeschikkingNa ontslag stellen (voormalig) statutair bestuurder en vennootschap over en weer vorderingen tegen elkaar in…
Rechtbank Overijssel|3 augustus 2017|ECLI:NL:RBOVE:2017:3132
Na ontslag stellen (voormalig) statutair bestuurder en vennootschap over en weer vorderingen tegen elkaar in. Tot het oordeel wordt gekomen dat bestuurder zich weinig gelegen heeft laten liggen aan de hem gestelde grenzen en beperkingen en bewust een situatie van onduidelijkheid heeft gecreëerd waarin hij dan als…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.