5 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 januari 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AA9431
interpretatie van de wilsverklaringen van de partijen en van het vertrouwensbeginsel (art. 3:35 BW)(14). In HR 21 september 1990, NJ 1991, 799 m.nt. CJHB(15), waar het ging … concept-akte, zoals deze aan AMEV (c.q. aan KBW) was toegezonden. Art. 3:35 BW bepaalt dat tegen hem, die eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|21 december 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD5352
rechtshandeling berust op een dubbele grondslag.(16) Daarom moeten de artikelen 3:33 en 3:35 BW worden gezien als één samenhangend geheel, dat meebrengt dat vraag of een overeenkomst is totstandgekomen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigKantongerecht Heerenveen · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Kantongerecht Heerenveen|11 oktober 2001|ECLI:NL:KTGHRV:2001:AD6075
geen reden had om te twijfelen aan de verklaring van [gedaagde] (artikel 3:35 BW). Van dwaling en/of bedrog kan volgens De Koningh eveneens geen sprake zijn, nu zij nimmer uitspraken gedaan
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|4 mei 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AB1492
Erasmus van 14 september 1993 een erkenning van haar vordering inhield, brengt art. 3:35 BW mee dat Erasmus aan de aldus gewekte schijn was gebonden, ongeacht haar in werkelijkheid mogelijk andersluidende
- Civiel recht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig
Parket bij de Hoge Raad|30 november 2001|ECLI:NL:PHR:2001:AD3953
beroep kunnen pareren met het beroep op gerechtvaardigd vertrouwen in de zin van art. 3:35 BW(33). De derde-beslagene wordt dan gebonden alsof bij hem wel degelijk een wil aanwezig
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.