Zoekresultaten

Voor “"3:4 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

3 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Civiel recht overig

    Hoge Raad25 oktober 2002ECLI:NL:HR:2002:AE6999

    Graftekens kunnen niet worden aangemerkt als bestanddeel - in de zin van art. 3:4 BW - van de grond van de begraafplaats. Anders dan voor de vraag of iets een bestanddeel is, kunnen … werk naar verkeersopvattingen geen bestanddeel van de grond is in de zin van art. 3:4 BW, van betekenis is voor de beantwoording van de vraag of dat werk duurzaam

  • Civiel recht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Civiel recht overig

    Parket bij de Hoge Raad25 oktober 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE6999

    vraag of iets bestanddeel van een zaak is in de zin van art. 3:4 BW - niet kunnen worden gebezigd als zelfstandige maatstaf voor de beoordeling van de vraag of een zaak … genomen dat graftekens niet kunnen worden aangemerkt als bestanddeel in de zin van art. 3:4 BW. In dat verband overwoog het Hof dat graftekens in het algemeen niet zodanig

  • Insolventierecht
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Insolventierecht

    Parket bij de Hoge Raad20 september 2002ECLI:NL:PHR:2002:AE3381

    C 01/004 HR Mr. F.F. Langemeijer Zitting 17 mei 2002 Conclusie inzake: ING Bank N.V. tegen Mr. E.N. Muller q.q. Deze zaak gaat over verpanding van software. Het principaal cassatiemiddel heeft voornamelijk betrekking op de vraag, voor welke vordering(en) verpanding heeft plaatsgevonden. Het voorwaardelijk incidenteel…

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.