12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroep(schijn van) vertegenwoordigingsbevoegdheid; art. 3:61 BW; art. 6:32 BW
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|22 maart 2016|ECLI:NL:GHSHE:2016:1043
schijn van) vertegenwoordigingsbevoegdheid; art. 3:61 BW; art. 6:32 BW GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH Afdeling civiel recht zaaknummer 200.157.827/01 arrest van 22 maart 2016 in de zaak van [beheer 1] Beheer
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigCiviel. Tussenvonnis. Overeenkomsten van opdracht bestaande uit het uitzenden van tv-programma’s en/of…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|24 augustus 2016|ECLI:NL:OGEAA:2016:540
geval gerechtvaardigd op mocht vertrouwen (in de zin van het tweede lid van artikel 3:61 BW) dat Derde bevoegd was om voor of namens (de eenmanszaak van) Gedaagde bedoelde overeenkomsten
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigciviel, handelszaak: tussenvonnis waarin het Gerecht zijn oordeel geeft over het karakter of kenmerk van een…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba|4 mei 2016|ECLI:NL:OGEAA:2016:370
niet stilzwijgend) hebben gevolmachtigd in de zin van het eerste lid van artikel 3:61 BW om (zonder verdere medewerking van de ander) naast het eigen deel van het saldo
- BelastingrechtHoger beroepIn hoger beroep is in geschil of de aanslag binnen de wettelijke termijn is opgelegd. Verder is in geschil of…
Gerechtshof Den Haag|4 oktober 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:3032
geval sprake was van een schijn van volmacht als bedoeld in artikel 3:61 BW. Hetgeen [belanghebbende] hieromtrent verder nog heeft aangevoerd, met name over de wijze waarop [de Inspecteur] een verklaring
- Civiel recht overigHoger beroepGeen koopovereenkomst tot stand gekomen, want onderhandelaar was niet bevoegd en er was ook geen volmacht aan…
Gerechtshof Den Haag|25 oktober 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:3353
ieder geval mocht denken dat er een volmacht was, geldt dat hiervoor krachtens artikel 3:61 BW is vereist dat H&B Bouw het bestaan van die volmacht op grond
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigToezegging verlenging arbeidsovereenkomst, bevoegdheid leidinggevende daartoe, (on)mogelijkheid intrekken…
Rechtbank Amsterdam|22 januari 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:280
gesprek op 28 oktober 2015 wordt voorshands aangenomen dat [eiser] er overeenkomstig artikel 3:61 BW gerechtvaardigd op heeft mogen vertrouwen dat zijn leidinggevende [naam 1] bevoegd was om hem namens Swazoom
- Civiel recht overigKort gedingAfwijzing vordering tot voortzetten en uitvoeren van de zorgovereenkomst. Zorg werd door eiseres bij gedaagde…
Rechtbank Overijssel|20 april 2016|ECLI:NL:RBOVE:2016:1624
zorgverleningsovereenkomst op te zeggen, omdat zij beschikt over een volmacht ex artikel 3:61 BW. 4.12. De voorzieningenrechter is van oordeel dat Ambiq voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij gewichtige redenen
- Civiel recht overigHoger beroeponrechtmatige daad, derdenwerking exoneratiebeding
Gerechtshof Den Haag|1 maart 2016|ECLI:NL:GHDHA:2016:600
door Vopak gedane beroep op schijn van volmachtverlening als bedoeld in artikel 3:61 BW oordeelt het hof dat dit niet kan slagen. Vopak heeft namelijk niet (voldoende onderbouwd) gesteld op grond
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:347
zoals die onder meer tot uitdrukking komt in art. 3:36 BW en art. 3:61 BW, wellicht van pas komt wanneer de vraag aan de orde is of degene die achter
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:349
zoals die onder meer tot uitdrukking komt in art. 3:36 BW en art. 3:61 BW, wellicht van pas komt wanneer de vraag aan de orde is of degene die achter
- Civiel recht overigProcesrecht. Betekening verstekvonnis. Art. 143 lid 2 Rv en art. 46 e.v. Rv. Betekening aan de Ontvanger ‘in…
Parket bij de Hoge Raad|29 april 2016|ECLI:NL:PHR:2016:348
zoals die onder meer tot uitdrukking komt in art. 3:36 BW en art. 3:61 BW, wellicht van pas komt wanneer de vraag aan de orde is of degene die achter
- Civiel recht overigOnbevoegde vertegenwoordiging, art. 3:61 lid 2 BW. Vervolg van HR 21 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ5369…
Parket bij de Hoge Raad|14 oktober 2016|ECLI:NL:PHR:2016:1023
Onbevoegde vertegenwoordiging, art. 3:61 lid 2 BW. Vervolg van HR 21
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.