11 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieArt. 3 AWR. Art. 27 Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003. Art. 26 IVBPR. Art. 14 EVRM. Art. 3.16, lid 7…
Hoge Raad|18 april 2008|ECLI:NL:HR:2008:BC9550
3 AWR. Art. 27 Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003. Art. 26 IVBPR. Art. 14 EVRM. Art. 3.16, lid 7, Wet IB 2001. Ondernemerschap en kosten kleding en verzorging prostituee. Gelijkheidsbeginsel. Meerderheidsregel. Gerechtvaardigde ongelijke behandeling
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigAanslag rioolrecht. Artikelen 5 en 11, lid 3, AWR. Bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard…
Rechtbank Arnhem|1 februari 2008|ECLI:NL:RBARN:2008:BI0753
Aanslag rioolrecht. Artikelen 5 en 11, lid 3, AWR. Bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Aanslag wordt vernietigd omdat deze niet binnen drie jaren na het ontstaan van de belastingschuld
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigAb-winst belast in jaar dat obligatoire overeenkomst perfect wordt; geen definitieve aanslag opgelegd…
Rechtbank Arnhem|26 februari 2008|ECLI:NL:RBARN:2008:BC6453
jaar dat obligatoire overeenkomst perfect wordt; geen definitieve aanslag opgelegd; vijfjaarstermijn van artikel 16, lid 3, AWR verstreken; belastingplichtige te kwader trouw; voordeel in buitenland opgekomen; verlengde navorderingstermijn niet in strijd
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigBelanghebbende heeft in het jaar 2000 een bedrag ter grootte van ƒ 41.068 in mindering op haar winst gebracht…
Rechtbank Breda|8 september 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BG1677
aanslag van 31 januari 2004 en is derhalve binnen de termijn van artikel 11 lid 3 AWR afgegeven. De inspecteur heeft daarbij het in geschil zijnde bedrag ter behoud van rechten gecorrigeerd … inspecteur vrij om de aanslag tegen het einde van de in artikel 11, lid 3, AWR genoemde termijn op te leggen naar een geschatte belastbare winst indien hij niet binnen die termijn
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigBelanghebbende heeft in het jaar 2000 een bedrag ter grootte van ƒ 41.068 in mindering op haar winst gebracht…
Rechtbank Breda|8 september 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BG1675
aanslag van 31 januari 2004 en is derhalve binnen de termijn van artikel 11 lid 3 AWR afgegeven. De inspecteur heeft daarbij het in geschil zijnde bedrag ter behoud van rechten gecorrigeerd … inspecteur vrij om de aanslag tegen het einde van de in artikel 11, lid 3, AWR genoemde termijn op te leggen naar een geschatte belastbare winst indien hij niet binnen die termijn
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigHet concern waarvan belanghebbende deel uitmaakt heeft een factuur ontvangen ten bedrage van (omgerekend) ƒ…
Rechtbank Breda|8 september 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BG1668
dagtekening 13 november 2004 en binnen de (aanslag)termijn ex artikel 11 lid 3, AWR afgegeven. De inspecteur heeft daarbij het in geschil zijnde bedrag ter behoud van rechten gecorrigeerd omdat … inspecteur vrij om de aanslag tegen het einde van de in artikel 11, lid 3, AWR genoemde termijn op te leggen naar een geschatte belastbare winst waarmee nog niet verrekende verliezen worden
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigHet concern waarvan belanghebbende deel uitmaakt heeft een factuur ontvangen ten bedrage van (omgerekend) ƒ…
Rechtbank Breda|8 september 2008|ECLI:NL:RBBRE:2008:BF3277
verliesbeschikking met dagtekening 31 januari 2004 zijn binnen de termijn ex artikel 11 lid 3, AWR opgelegd, onderscheidenlijk afgegeven. De inspecteur heeft daarbij het in geschil zijnde bedrag ter behoud van rechten … vrij om de aanslag c.q. verliesbeschikking tegen het einde van de in artikel 11, lid 3, AWR genoemde termijn op te leggen c.q. af te geven naar een geschat belastbaar bedrag/verlies indien
- BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudigGelet op het overwogene onder 4.5 en 4.6 is belanghebbende, althans één van de twee vennoten van…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|31 januari 2008|ECLI:NL:GHSHE:2008:BC6772
Gelet op het overwogene onder 4.5 en 4.6 is belanghebbende, althans één van de twee vennoten van belanghebbende, te weten de heer A, zich bewust geweest van het feit dat belanghebbende niet voldeed aan haar fiscale verplichtingen betreffende het tijdig op aangifte voldoen van de door haar over het tijdvak 1 januari…
- BelastingrechtArtikel 14 Wet IB 1964. Uitleg begrip 'opbrengst bij vervreemding'.
Parket bij de Hoge Raad|6 juni 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BA6418
tegen de uitspraak van de Rechtbank sprongcassatie ingesteld op de voet van art. 28, lid 3, AWR. De Minister heeft bij verweer geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het cassatieberoep. Er is gere- noch
- BelastingrechtArt. 2, lid 1, letter d, Wet VPB 1969; betaaldvoetbalorganisatie in vorm van vereniging drijft een onderneming.
Parket bij de Hoge Raad|17 oktober 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BB3485
mening gekozen moeten worden voor een ingangstijdstip van 1 juli 1994. Volgens artikel 11 lid 3 AWR vervalt de bevoegdheid van de inspecteur tot het vaststellen van de aanslag door verloop
- BelastingrechtArt. 8 Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (tekst tot en met 2007)…
Parket bij de Hoge Raad|16 mei 2008|ECLI:NL:PHR:2008:BC6455
Art. 8 Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen (tekst tot en met 2007). Art. 26 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Bevoegdheid belastingrechter.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.