32 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatie1. Beslissing tot splitsing van gevoegde zaken ex art. 285 lid 3 Sv; geen toetsing in cassatie. 2…
Hoge Raad|20 april 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO0616
Beslissing tot splitsing van gevoegde zaken ex art. 285 lid 3 Sv; geen toetsing in cassatie. 2. Onpartijdige rechter. Hof heeft na splitsing en nadat het de ene zaak (A) had afgedaan … onpartijdige rechter. Ad 1. De beslissing tot splitsing van zaken ex art. 285 lid 3 Sv in het belang van het onderzoek is voorbehouden aan de feitenrechter en leent zich niet voor
- Strafrecht overig1. Beslissing tot splitsing van gevoegde zaken ex art. 285 lid 3 Sv; geen toetsing in cassatie. 2…
Parket bij de Hoge Raad|20 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO0616Aangehaald in 6 uitspraken
Beslissing tot splitsing van gevoegde zaken ex art. 285 lid 3 Sv; geen toetsing in cassatie. 2. Onpartijdige rechter. Hof heeft na splitsing en nadat het de ene zaak (A) had afgedaan … onpartijdige rechter. Ad 1. De beslissing tot splitsing van zaken ex art. 285 lid 3 Sv in het belang van het onderzoek is voorbehouden aan de feitenrechter en leent zich niet voor
- Strafrecht overigCassatieVerdachte niet-ontvankelijk in cassatie ondanks onjuiste mededeling kantonrechter. Tegen veroordeling tot…
Hoge Raad|2 maart 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO1826
zake van overtreding van het Binnenvaartpolitiereglement staat ingevolge art. 404 lid 2 en 3 Sv hoger beroep noch beroep in cassatie open. Daaraan doet niet af dat de kantonrechter heeft medegedeeld
- Strafrecht overigVerdachte niet-ontvankelijk in cassatie ondanks onjuiste mededeling kantonrechter. Tegen veroordeling tot…
Parket bij de Hoge Raad|2 maart 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO1826
zake van overtreding van het Binnenvaartpolitiereglement staat ingevolge art. 404 lid 2 en 3 Sv hoger beroep noch beroep in cassatie open. Daaraan doet niet af dat de kantonrechter heeft medegedeeld … Jense, advocaat te Purmerend, twee middelen van cassatie voorgesteld. 3. Ingevolge art. 404 lid 3 Sv in samenhang met art. 404 lid 2 aanhef en sub b Sv staat tegen voormeld vonnis
- Strafrecht overigDagvaarding met cumulatief een ex art. 261.3 Sv en een ex art. 261.1 Sv tenlastegelegd feit. 1. De opvatting…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO7053
volgende aangevoerd: "Preliminair verweer met betrekking tot de inleidende dagvaarding ex art. 261 lid 3 Sv en de vordering nadere omschrijving tenlastelegging ex art. 314a Sv. Ik verzoek u allereerst alles … zich op het standpunt dat deze dagvaarding een zogenaamde 'summiere' dagvaarding ex artikel 261 lid 3 Sv is. Niet alleen staat dit expliciet op de dagvaarding vermeld, maar ook de door
- Strafrecht overigSchending art. 511b.3 Sv (geen gelijktijdige betekening van sluiting s.f.o. met ontnemingsvordering) leidt…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO3438
maatregel overwogen dat gelet op de hiervoor bedoelde schending van art. 511b lid 3 Sv het door de veroordeelde te betalen bedrag op tien procent lager wordt gesteld, dan het als wederrechtelijke … reeds te worden geappointeerd." 7. Anders dan ten aanzien van schending van art. 511b lid 3 Sv wordt ten aanzien van art. 511b lid 1 Sv, inhoudende dat de ontnemingsvordering zo spoedig
- Strafrecht overigAfwijzing door hof van verzoek ex art. 263 Sv om getuige te horen ontoereikend gemotiveerd. Het hof heeft de…
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4206
hoofdzaak betrekking op feit 3, zoals nog omschreven in de voorlopige tenlastelegging ex 261 lid 3 Sv., terwijl daarin het verwijt gebaseerd op zaaksdossier [A] niet terugkeert en voorts twee nieuwe feiten … afgehoord". Conclusie: Ten onrechte is gebruik gemaakt van de mogelijkheid van art. 261 lid 3 Sv. De vordering nadere omschrijving tenlastelegging had door de Rechtbank afgewezen dienen te worden, nu sprake
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigripdeal, dagvaarding met poging doodslag, 310/312 Sr en 2/10 OW. art 314a WvSv niet toegestaan omdat er geen…
Rechtbank Dordrecht|16 maart 2004|ECLI:NL:RBDOR:2004:AO5734
voorlopige dagvaarding ex 261 lid 3 WvSv was uitgebracht (want geen verwijzing naar 261 lid 3 Sv op de dagvaarding). Ambtshalve overweging tav ontvankelijkheid OM. RECHTBANK DORDRECHT MEERVOUDIGE STRAFKAMER Tegenspraak Parketnummer : 11/006352-03
- Strafrecht overigDe beslagene kan na het verstrijken van de in art. 116.3 Sv genoemde termijn niet meer worden ontvangen in…
Parket bij de Hoge Raad|1 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO5857
Vierde Boek van overeenkomstige toepassing." 12. Uit de omstandigheid dat art. 116 lid 3 Sv titel IX van het vierde boek van overeenkomstige toepassing verklaart, moet worden opgemaakt dat art. 552a Sv … indienen van een klaagschrift tegen het voornemen tot teruggave als bedoeld in art. 116 lid 3 Sv.(2) 13. De Rechtbank heeft vastgesteld dat tegen het voornemen van de Officier van Justitie
- Strafrecht overigUit de vaststelling door het hof dat de vervolgingsbeslissing is genomen door een administratief juridisch…
Parket bij de Hoge Raad|12 oktober 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AQ8834
verklaring van een getuige als bedoeld in art. 339, eerste lid aanhef en onder 3, Sv j° art. 342, eerste lid, Sv (zie ook S. Jongeling, Trema … onrechte als getuigenverklaring in de zin van art. 339, eerste lid aanhef en onder 3, Sv j° art. 342 Sv voor het bewijs heeft gebruikt. 18. Echter, om kans van slagen
- Strafrecht overigOM-cassatie. Het hof oordeelde de op art. 240b (oud) Sr (kinderporno) toegesneden tenlastelegging onvoldoende…
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AQ3710
plaatsgevonden dan wel de in deze bepaling bedoelde omstandigheid zich heeft voorgedaan (art. 434 lid 3 Sv). Deze bepalingen strekken ertoe de verdachte de mogelijkheid te bieden incidenteel cassatieberoep in te stellen … Raad in behandeling kan worden genomen.(10) Ook aan de ratio van art. 434 lid 3 Sv lijkt mij hier te zijn voldaan. De advocaat die zich heeft gesteld is immers
- Strafrecht overigHoger beroepDe officier van justitie is bij de raadkamer van de rechtbank in beroep gekomen tegen de beslissing van de…
Rechtbank Amsterdam|23 juni 2004|ECLI:NL:RBAMS:2004:AP3499
heeft begaan. Er zijn dus ernstige bezwaren tegen haar als bedoeld in artikel 67, lid 3 Sv; - blijft over de vraag of zich de situatie voordoet als bedoeld in artikel … 3 Sv: een ernstig vermoeden dat geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf zal worden opgelegd dan wel dat de duur van de voorlopige hechtenis de duur van de op te leggen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf zal overtreffen
- Strafrecht overigMededeling aan verdachte ex art. 51f.2 Sv van voeging benadeelde partij in appèl ontbreekt. Uit het p-v…
Parket bij de Hoge Raad|29 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO9560
blijkens het zich eveneens bij de stukken bevindende "Voegingsformulier hoger beroep ex art. 421 lid 3 Sv", daterend van 23 december 2002, in hoger beroep opnieuw gevoegd. 3.4 Ter terechtzitting in hoger … hoger beroep weer had gevoegd.(1) Artikel 51f Sv, dat ingevolge art. 421 lid 3 Sv in hoger beroep van overeenkomstige toepassing is, schrijft in zijn tweede lid voor dat de officier
- Strafrecht overigCassatieAanwezigheidsrecht. Verstekbehandeling nietig nu ná geldige betekening van de dagvaarding aan de griffier…
Hoge Raad|22 juni 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO9097Aangehaald in 8 uitspraken
dagvaarding in hoger beroep, die overeenkomstig art. 588, eerste lid aanhef en onder b sub 3°, Sv is uitgereikt, rechtsgeldig is betekend. De primaire klacht faalt derhalve. 3.4. De subsidiaire klacht steunt
- Civiel recht overigKort geding[...] [eiser] vordert na wijziging van eis -zakelijk weergegeven- gedaagde te gebieden om binnen 10 dagen…
Rechtbank 's-Gravenhage|11 augustus 2004|ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ6599
houden. Tenslotte dient nog beoordeeld te worden of de uitzonderingssituatie van artikel 126bb lid 3 Sv zich voordoet. Anders dan gedaagde betoogt valt niet in te zien dat de verwijzing naar artikel … titels IVA, V en VA gebruik is gemaakt. De uitzonderingssituatie van artikel 126bb lid 3 Sv is dan ook niet van toepassing. Daarbij komt nog dat, juist nu gedaagde zelf stelt
- Strafrecht overigAfstand van appèl. Het hof is uitgegaan van de juistheid van hetgeen volgens verdachte door hem is gezegd op…
Parket bij de Hoge Raad|14 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4177
verdachte in zijn hoger beroep niet kan worden ontvangen." 8. Artikel 288 lid 3 Sv, dat ook in hoger beroep van toepassing is, bepaalt dat de rechtbank (voorts) van oproeping of hernieuwde … feitenrechter van de op straffe van nietigheid voorgeschreven verplichting de in art. 358 lid 3 Sv genoemde verweren gemotiveerd te weerleggen behoeft dat geen verbazing te wekken. 13. Het kan zich
- Strafrecht overig1. Bewijsbestemming ex art. 225 Sr van prospectussen/brochures. 2. Bewezenverklaring van oplichting van meer…
Parket bij de Hoge Raad|20 april 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AN9379
stelt op overschrijding van de termijn van vier maanden als genoemd in art. 365a lid 3 Sv voor wat betreft de aanvulling van het verkort vonnis en, gelet op art. 327a … 3 Sv het verkort proces-verbaal. Een overschrijding van die termijn met vier maanden maakt dit niet anders (vgl. HR 24 maart 1998, NJ 1998, 557). 27. Het middel faalt
- Strafrecht overigLocatiegegevens vallen onder inlichtingen terzake van alle verkeer ex art. 125f (oud) en 126n Sv. Onder…
Parket bij de Hoge Raad|7 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO9090
geen behandeling van de zaak zelf plaatsvindt.(1) 11. Op basis van art. 322 lid 3 Sv zoals dat luidde ten tijde van het hoger beroep in de onderhavige zaak wordt
- Strafrecht overigCassatieDagvaarding met cumulatief een ex art. 261.3 Sv en een ex art. 261.1 Sv tenlastegelegd feit. 1. De opvatting…
Hoge Raad|1 juni 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO7053
telastelegging ten aanzien van dit feit een voorlopige telastelegging overeenkomstig artikel 261 lid 3 Sv. De vordering nadere omschrijving, door de officier van justitie gedaan ter zitting van 26 oktober 2000, wordt
- Strafrecht overig1. De oorspronkelijke summiere tenlastelegging ex art. 261.3 Sv hoeft niet in de einduitspraak te worden…
Parket bij de Hoge Raad|28 september 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AP4221
Justitie volstaan met een korte opgave van het feit als bedoeld in art. 261 lid 3 Sv. Het arrest bevat de op de voet van art. 314a Sv gegeven nadere omschrijving … Bergop) ontbreekt." 20. Als in de inleidende dagvaarding op grond van art. 261 lid 3 Sv voor de opgave van het feit is volstaan met de omschrijving die in het bevel gevangenneming
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.