Zoekresultaten

Voor “"3.41 Wet IB 2001"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

3 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • BelastingrechtCassatie
    Inkomstenbelasting; art. 3.41, leden 2 en 3, Wet IB 2001. Hoogte kleinschaligheidsinvesteringsaftrek bij…

    Hoge Raad24 mei 2019ECLI:NL:HR:2019:785Aangehaald in 15 uitspraken

    Belanghebbende maakt aanspraak op toepassing van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (hierna: de KIA) bedoeld in artikel 3.41 Wet IB 2001. 2.2.1. Voor het Hof was in geschil op welk bedrag de KIA moet worden … kunnen maken bij een investeringsbedrag van gelijke omvang. Volgens het derde lid van artikel 3.41 Wet IB 2001 wordt daarom het voor de leden van het samenwerkingsverband geldende percentage

  • BelastingrechtHoger beroep
    Berekening van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA). Belanghebbende en zijn broer, vennoten in een…

    Gerechtshof Den Haag3 april 2019ECLI:NL:GHDHA:2019:759Aangehaald in 11 uitspraken

    deel uitmaken, samengeteld. 5.4. In de Memorie van Toelichting bij de totstandkoming van artikel 3.41 Wet IB 2001 is ten aanzien van lid 3 van genoemd artikel het volgende vermeld: "Bij verschillende … toelichting volgt dat de wetgever met de invoering van het derde lid van artikel 3.41 Wet IB 2001 heeft willen voorkomen dat leden van een samenwerkingsverband samen een KIA zouden ontvangen

  • BelastingrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Eiseres neemt deel in diverse ondernemingen, zowel geheel voor eigen rekening en risico alsmede gezamenlijk…

    Rechtbank Den Haag17 mei 2019ECLI:NL:RBDHA:2019:5209

    overeenstemming met de strekking van de in het tweede en derde lid van artikel 3.41 Wet IB 2001 neergelegde systematiek van de KIA bij samenwerkingsverbanden. Beoogd is immers dat leden … voorts van oordeel dat de tekst van het tweede en derde lid van artikel 3.41 Wet IB 2001 evenmin steun geeft aan de opvatting van eiseres. Uit niets blijkt immers dat toepassing

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.