6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|25 maart 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF3329
Voor de beoordeling van het middel zijn de volgende wettelijke bepalingen van belang: (i) Art. 321 Sr luidt: "Hij die opzettelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort … geld onder zich heeft terwijl het toebehoort aan de Belastingdienst in de zin van art. 321 Sr. In een dergelijk geval is sprake van een schuld van de betrokkene aan de Belastingdienst
- Civiel recht overig11 juli 2003 Eerste Kamer Nr. C02/027HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser], wonende…
Parket bij de Hoge Raad|11 juli 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF7512
haar bestuurder, [eiser], moet worden vastgesteld, dat zij die auto, in de zin van art. 321 Sr. anders dan door misdrijf onder zich hadden. 4.2.6 Nu Adplan/[eiser] het ertoe hebben geleid … auto gedragen en hebben zij zich die auto toegeëigend in de zin van art. 321 Sr. 4.2.7 Voor een dergelijke onrechtmatige daad is [eiser] naast Adplan rechtstreeks aansprakelijk tegenover Carned Lease
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|25 maart 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF3329
moment geacht kan worden aan de Staat toe te behoren in de zin van art. 321 Sr. Vanaf dat moment is de ondernemer ten aanzien van dat bedrag aan te merken … worden aangemerkt als een goed dat de Staat toebehoort in de zin van art. 321 Sr. 14. Het in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel dat de nog niet op aangifte voldane
- Strafrecht overig16 september 2003 Strafkamer nr. 01466/02 PB/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…
Parket bij de Hoge Raad|16 september 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AF5690
vonnis klaagt het middel. 9. Cruciaal in de onderhavige zaak is dat art. 321 Sr eist dat het opzet is gericht op het wederrechtelijke van de toeëigening. Het moet dus zo zijn … feitelijke component is van belang voor het bewijs. Dat komt omdat het opzet van art. 321 Sr mede het ongeoorloofde van het gedrag omvat. Zou immers komen vast te staan dat verdachte
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|21 januari 2003|ECLI:NL:HR:2003:AF1588
Arnhem van 21 april 1998 bij verstek tot straffen veroordeeld ter zake van misdrijven (art. 321 Sr alsmede de art. 7, 8 en 9, eerste lid, WVW 1994). Tevens is de verdachte
- Strafrecht overig7 oktober 2003 Strafkamer nr. 00384/03 IV/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…
Parket bij de Hoge Raad|7 oktober 2003|ECLI:NL:PHR:2003:AI1657
Hoge Raad der Nederlanden plv. 1 Anders T&C Sr, aant. 9 bij art. 321 Sr, waarin wordt vermeld dat voor medeplegen van verduistering vereist is dat elk van de partners
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.