Zoekresultaten

Voor “"36e Sr"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

19 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Strafrecht overigCassatie
    's Hofs oordeel dat het bezwaarlijk anders kan zijn dan dat de politierechter ex art. 511e lid 1 onder a Sv…

    Hoge Raad23 december 2003ECLI:NL:HR:2003:AM2767Aangehaald in 5 uitspraken

    511e lid 1 onder a Sv naar aanleiding van een vordering ex art. 36e Sr heeft beslist, is onvoldoende gemotiveerd nu de vordering zich niet in het dossier bevindt. Op grond … zijn oordeel besloten dat de vordering van het Openbaar Ministerie als bedoeld in art. 36e Sr, die zich niet in het dossier bevindt, in eerste aanleg bij de Politierechter aanhangig is gemaakt

  • Strafrecht overig
    's Hofs oordeel dat het bezwaarlijk anders kan zijn dan dat de politierechter ex art. 511e lid 1 onder a Sv…

    Parket bij de Hoge Raad23 december 2003ECLI:NL:PHR:2003:AM2767

    511e lid 1 onder a Sv naar aanleiding van een vordering ex art. 36e Sr heeft beslist, is onvoldoende gemotiveerd nu de vordering zich niet in het dossier bevindt. Op grond … afgewezen." 5. De inleidende vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in art. 36e Sr - zo die ooit heeft bestaan - en de oproeping van veroordeelde voor de behandeling

  • Strafrecht overig
    1. Gevolgen van ontbinding koopovereenkomst (heling auto) voor schatting wederrechtelijk verkregen voordeel…

    Parket bij de Hoge Raad14 oktober 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF8048

    dele) kan verhalen op de twee andere veroordeelden. De in het zesde lid van art. 36e Sr opgenomen bepaling beoogt immers te waarborgen dat de schadevergoeding aan een benadeelde partij niet door … voordeel wordt aangemerkt. De Rechtbank overwoog daartoe dat de in het zesde lid van art. 36e Sr opgenomen bepaling beoogt te waarborgen dat de belangen van de benadeelde derde niet worden geschaad

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad18 maart 2003ECLI:NL:HR:2003:AF2342

    schatten voordeel hier niet kan gelden als wederrechtelijk verkregen voordeel in de zin van art. 36e Sr, heeft het Hof zonder schending van enige rechtsregel het bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel … bedoeld in art. 36e Sr kunnen schatten aan de hand van het bedrag van al de terzake van de desbetreffende hashtransporten gedane investeringen en gemaakte kosten en heeft het kunnen oordelen

  • Strafrecht overig
    9 september 2003 Strafkamer nr. 02161/02 P SCR/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…

    Parket bij de Hoge Raad9 september 2003ECLI:NL:PHR:2003:AG2077

    plegen een periode die mede ligt vóór het tijdstip van inwerkingtreding van het huidige art. 36e Sr. Wanneer de veroordeling tot heling van die ene bewezenverklaarde auto slaat op een tijdstip vóór

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad4 maart 2003ECLI:NL:HR:2003:AF1965Aangehaald in 25 uitspraken

    kleinhandel verkregen voordeel moet worden geacht niet wederrechtelijk verkregen te zijn als bedoeld in art. 36e Sr. Dat oordeel geeft op zichzelf geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting. 3.4.2. Zodanig uitgangspunt brengt

  • Strafrecht overigCassatie
    De enkele omstandigheid dat niet aannemelijk is geworden dat de betrokkene tijdig conform art. 311 lid 1 Sv…

    Hoge Raad9 december 2003ECLI:NL:HR:2003:AK3574Aangehaald in 19 uitspraken

    wordt gesteld van de door het openbaar ministerie beoogde toepassing van de maatregel van art. 36e Sr." (Kamerstukken II 1991-92, 21 504, nr. 8, blz. 19). 3.4.5. Over het verband tussen

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad11 februari 2003ECLI:NL:HR:2003:AF1964Aangehaald in 7 uitspraken

    overwogen, nog het volgende. Nu een uitspraak, gegeven op een vordering als bedoeld in art. 36e Sr geen deel uitmaakt van de uitspraak waarbij de verdachte is veroordeeld ter zake

  • Strafrecht overig
    De enkele omstandigheid dat niet aannemelijk is geworden dat de betrokkene tijdig conform art. 311 lid 1 Sv…

    Parket bij de Hoge Raad9 december 2003ECLI:NL:PHR:2003:AK3574

    officier van justitie inderdaad bij requisitoir aangekondigd voornemens te zijn een vordering ex art. 36e Sr aanhangig te maken. 9. Gelet op het feit dat (a) de advocaat-generaal ter terechtzitting … requisitoir in de hoofdzaak heeft aangekondigd voornemens te zijn een vordering ex art. 36e Sr aanhangig te maken. 10. Om deze reden kan het arrest van het hof, dat immers aan zijn

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad8 april 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF4334

    onverklaarde bron van ontvangsten, wordt aangemerkt als wederrechtelijk verkregen voordeel in de zin van art. 36e Sr(1). Het verschil met methode van vermogensvergelijking is dat daar de onverklaarbare vermogensvermeerdering als wederrechtelijk … ontvangsten niet of niet geheel hun oorsprong vinden in de feiten als bedoeld in art. 36e Sr dan wel anderszins niet kunnen gelden als voordeel in de zin van die bepaling

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad1 april 2003ECLI:NL:HR:2003:AF4146Aangehaald in 6 uitspraken

    zijn arrest van 22 mei 2001, NJ 2001, 575 het volgende overwogen: - De in art. 36e Sr en in titel IIIb van het vierde boek van het Wetboek van Strafvordering vervatte regeling

  • Strafrecht overigCassatie
    Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

    Hoge Raad28 januari 2003ECLI:NL:HR:2003:AE8849

    onderzoek ter terechtzitting heeft beraadslaagd over de vraag of de in art. 36e Sr bedoelde maatregel moet worden opgelegd en zo ja, op welk bedrag de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel

  • Strafrecht overigCassatie
    9 september 2003 Strafkamer nr. 00517/01 B AG/ABG Hoge Raad der Nederlanden Beschikking op het beroep in…

    Hoge Raad9 september 2003ECLI:NL:HR:2003:AF6602

    geldbedrag aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in art. 36e Sr. Bij zodanige beslaglegging is de officier van justitie niet gebonden aan een eventueel in de eerdere

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad3 juni 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF5261

    Borgers, De ontnemingsmaatregel, blz. 257. 6. Dat strookt met het oogmerk van de in art. 36e Sr voorziene maatregel. Die strekt er immers toe de financiële situatie van de veroordeelde terug

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Gravenhage10 juni 2003ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9883

    RECHTBANK ’S-GRAVENHAGE SECTOR STRAFRECHT MEERVOUDIGE KAMER [Parketnummer] BESLISSING EX ARTIKEL 36e SR Beslissing van de rechtbank 's-Gravenhage, rechtdoende in strafzaken, op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Gravenhage10 juni 2003ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9878

    RECHTBANK ’S-GRAVENHAGE SECTOR STRAFRECHT MEERVOUDIGE KAMER [Parketnummer] BESLISSING EX ARTIKEL 36e SR Beslissing van de rechtbank 's-Gravenhage, rechtdoende in strafzaken, op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek

  • Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudig
    Rechtbank 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Strafrecht overig

    Rechtbank 's-Gravenhage10 juni 2003ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9881

    RECHTBANK ’S-GRAVENHAGE SECTOR STRAFRECHT MEERVOUDIGE KAMER [parketnummer] BESLISSING EX ARTIKEL 36e SR Beslissing van de rechtbank 's-Gravenhage, rechtdoende in strafzaken, op de vordering ex artikel 36e van het Wetboek

  • Strafrecht overig
    7 oktober 2003 Strafkamer nr. 02470/02 P EW/ABG Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie…

    Parket bij de Hoge Raad7 oktober 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF9473

    zijn arrest van 22 mei 2001, NJ 2001, 575 het volgende overwogen: - De in art. 36e Sr en in titel IIIb van het vierde boek van het Wetboek van Strafvordering vervatte regeling

  • Strafrecht overig
    Conclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig

    Parket bij de Hoge Raad18 maart 2003ECLI:NL:PHR:2003:AF2342

    juli 1997 heeft de officier van justitie aangekondigd voornemens te zijn een ontnemingsvordering ex art. 36e Sr tegen verzoeker aanhangig te maken. Op 16 juli 1997 heeft de rechtbank vonnis gewezen

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.