15 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Personen- en familierechtWrakingWrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk omdat er geen gronden zijn aangevoerd.
Rechtbank Noord-Holland|13 juni 2016|ECLI:NL:RBNHO:2016:5348
zake partijdigheid en vooringenomenheid.” Dit bericht is opgevat als een wrakingsverzoek als bedoeld in artikel 37 Rv. De gewraakte rechter is mr. M.M. van Weely, (hierna te noemen: de rechter) als behandelend … zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn. 2.2 Ingevolge het bepaalde in artikel 37 Rv dient een verzoek tot wraking echter de gronden van het verzoek te bevatten. Verzoekster heeft echter
- Burgerlijk procesrechtWrakingFeiten en omstandigheden waren op 10 augustus 2016 al bekend geworden. Wraking d.d. 13 september 2016 – niet…
Rechtbank Limburg|26 oktober 2016|ECLI:NL:RBLIM:2016:9633
dwingen. Ingevolge artikel 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) in relatie tot artikel 37 Rv dient het verzoek tot wraking te worden gedaan zodra de feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid … worden bezien of het verzoek tijdig is ingediend. Voorop staat dat het bepaalde in artikel 37 Rv meebrengt dat het wrakingsverzoek moet worden gedaan zodra daartoe redengevende feiten of omstandigheden tot wraking
- Civiel recht overigWrakingWrakingsverzoek bevat geen concrete feiten of omstandigheden waaruit de vooringenomenheid van de rechter…
Rechtbank Noord-Nederland|9 maart 2016|ECLI:NL:RBNNE:2016:1821
oordeel van verzoeker is niet doorslaggevend. 2.3. Uit de wet (artikel 36 Rv en artikel 37 Rv) volgt dat een verzoeker concrete feiten en omstandigheden dient aan te voeren waaruit objectief afgeleid
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerzoek afgewezen. De motivering van het verzoek bevat geen feiten of omstandigheden waaruit…
Rechtbank Amsterdam|12 april 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:3080
partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 3.3 Uit de wet (artt. 36 en 37 Rv) en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat een verzoeker concrete feiten en omstandigheden dient
- Burgerlijk procesrechtWrakingWraking – tijdsverloop te groot – verzoek niet ontvankelijk
Rechtbank Limburg|30 augustus 2016|ECLI:NL:RBLIM:2016:11591
feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend zijn geworden. Het tweede lid van artikel 37 Rv bepaalt dat het verzoek tot wraking schriftelijk en gemotiveerd moet worden gedaan. Ingevolge het derde
- Civiel recht overigWrakingWraking omdat de rechter niet wil aangeven wat zijn hobby is. Verzoeker is niet ontvankelijk + misbruik van…
Rechtbank Noord-Nederland|26 juli 2016|ECLI:NL:RBNNE:2016:5522
oordeel van verzoeker is niet doorslaggevend. 2.3. Uit de wet (artikel 36 Rv en artikel 37 Rv) volgt dat een verzoeker concrete feiten en omstandigheden dient aan te voeren waaruit objectief afgeleid
- Civiel recht overigWrakingWraking. Wrakingsverzoek afgewezen. Het verzoek bevat geen concrete feiten en omstandigheden waaruit…
Rechtbank Gelderland|28 april 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:2697
gerechtvaardigd is (HR 24 oktober 1995 NJ 1996,484). 3.2 Uit de artikelen 36 en 37 Rv en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat verzoeker concrete feiten en omstandigheden moet aanvoeren waaruit
- Burgerlijk procesrechtWrakingWraking niet ontvankelijk – te groot tijdsverloop tussen datum kennisname van feiten en indienen van verzoek
Rechtbank Limburg|22 februari 2016|ECLI:NL:RBLIM:2016:1482
feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend zijn geworden. Het tweede lid van artikel 37 Rv bepaalt dat het verzoek tot wraking schriftelijk en gemotiveerd moet worden gedaan. Ingevolge het derde
- Civiel recht overigWrakingWraking, wegens bejegening tijdens getuigeverhoor. Verzoek is niet tijdig. Verzoek is afgewezen.
Rechtbank Noord-Nederland|13 juli 2016|ECLI:NL:RBNNE:2016:5842
juni 2016. Verzoeker is dan ook te laat met zijn wrakingsverzoek, nu art. 37 Rv voorschrijft, dat het verzoek wordt gedaan zodra de feiten of omstandigheden aan de verzoeker bekend zijn geworden
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVerzoek niet-ontvankelijk. In deze zaak kan slechts bij advocaat worden geprocedeerd. Nu de regeling…
Rechtbank Amsterdam|16 maart 2016|ECLI:NL:RBAMS:2016:3077
partij dienaangaande bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 3.3 Uit de wet (artt. 36 en 37 Rv) en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat een verzoeker concrete feiten en omstandigheden dient
- Civiel recht overigWrakingWrakingskamer. Verzoeker is deels niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot wraking en voor het overige…
Rechtbank Gelderland|21 januari 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:465
zitting heeft gesteld, slechte ervaringen mee heeft. 3.2. Uit de artikelen 36 en 37 Rv en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat verzoeker concrete feiten en omstandigheden moet aanvoeren waaruit objectief
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigUitnodiging BOPZ-zitting dag voor strafzitting processuele beslissing, wraking gehele rechtbank niet-ontvankelijk.
Rechtbank Den Haag|17 oktober 2016|ECLI:NL:RBDHA:2016:16762
verzoek tot wraking van (alle leden van) de rechtbank 6.6. Op grond van artikel 37 Rv kan een partij wraking verzoeken van elk van de rechters die de zaak behandelen
- Civiel recht overigWrakingWraking. Wrakingsverzoek afgewezen. Inhoudelijke en procesbeslissingen die op zichzelf geen zwaarwegende…
Rechtbank Gelderland|28 april 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:2677
gerechtvaardigd is (HR 24 oktober 1995 NJ 1996,484). 3.3 Uit de artikelen 36 en 37 Rv en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat verzoeker concrete feiten en omstandigheden moet aanvoeren waaruit
- Civiel recht overigWrakingWrakingskamer. Verzoek tot wraking van de wrakingskamer buiten behandeling gesteld, nu een herhaling van niet…
Rechtbank Gelderland|21 januari 2016|ECLI:NL:RBGEL:2016:510
objectief gerechtvaardigd is (HR 24 oktober 1995 NJ 1996,484). Uit de artikelen 36 en 37 Rv en het vermoeden van onpartijdigheid volgt dat de verzoeker concrete feiten en omstandigheden moet aanvoeren
- Civiel recht overigWrakingRechtbank Midden-Nederland · Wraking · Civiel recht overig
Rechtbank Midden-Nederland|25 oktober 2016|ECLI:NL:RBMNE:2016:5668
naar voren gebracht. De nadere wrakingsgronden zijn te laat ingediend, nu op grond van artikel 37 Rv de feiten en omstandigheden waarop het verzoek berust naar voren moeten worden gebracht zodra deze
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.