12 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigWet Bopz. Vervolg van HR 9 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:181. Termijn waarbinnen rechtbank na cassatie en…
Parket bij de Hoge Raad|12 april 2019|ECLI:NL:PHR:2019:444
volgende beslissing na verwijzing. Het EHRM achtte dit tijdsverloop in strijd met art. 5 lid 4 EVRM, omdat geen reden was opgegeven voor de voortgezette detentie na verwijzing en aan die detentie … langer dan in het algemeen wenselijk is te achten”) de toets aan art. 5 lid 4 EVRM kon doorstaan . Nawerking van de voorgaande machtiging - wetsgeschiedenis 2.5 De Krankzinnigenwet van 1884 (Kw) voorzag
- SocialezekerheidsrechtHoger beroepVerplichting gebruik te maken van door college aangeboden voorziening. Geen sprake van dwangarbeid of…
Centrale Raad van Beroep|25 juni 2019|ECLI:NL:CRVB:2019:2117
maken van door college aangeboden voorziening. Geen sprake van dwangarbeid of verplichte arbeid (artikel 4 EVRM). Geen verdringing reguliere arbeid. 17 7272 WWB Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Datum uitspraak
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Verzoek schadevergoeding i.v.m. overschrijding beslistermijn voor machtiging voortgezet verblijf…
Hoge Raad|22 maart 2019|ECLI:NL:HR:2019:413Aangehaald in 12 uitspraken
gegeven omstandigheden voldoende spoedig (in de zin van artikel 5 lid 4 EVRM), mede nu de rechtbank daarover het overleg heeft gezocht met de advocaat van de betrokkene.” 3.3.1 Onderdeel II ziet … haar beslissing in de gegeven omstandigheden voldoende spoedig (in de zin van artikel 5 lid 4 EVRM) heeft gegeven. In zoverre kan het onderdeel bij gebrek aan feitelijke grondslag niet tot cassatie
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Vervolg van HR 9 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:181. Termijn waarbinnen rechtbank na cassatie en…
Hoge Raad|28 juni 2019|ECLI:NL:HR:2019:1054Aangehaald in 12 uitspraken
ander na te laten, niet ‘ speedily ’ heeft beslist als bedoeld in art. 5 lid 4 EVRM en evenmin heeft gewaakt tegen onredelijke vertraging van de procedure als bedoeld … moet beslissen op het verzoek van de officier van justitie. De door art. 5 lid 4 EVRM gestelde eis dat de rechter spoedig (“ speedily ”) beslist over de rechtmatigheid van iedere vrijheidsbeneming geldt
- Civiel recht overigWet Bopz. Verzoek schadevergoeding i.v.m. overschrijding beslistermijn voor machtiging voortgezet verblijf…
Parket bij de Hoge Raad|12 februari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:145
gegeven omstandigheden voldoende spoedig (in de zin van artikel 5 lid 4 EVRM), mede nu de rechtbank daarover het overleg heeft gezocht met de advocaat van de betrokkene. 5.7 De in artikel … beslissing door de rechtbank voldoende spoedig (in de zin van art. 5 lid 4 EVRM) is, mede nu de rechtbank daarover het overleg heeft gezocht met de advocaat van betrokkene. Het onderdeel
- Civiel recht overigCassatieWet Bopz. Procesrecht; wraking. Machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling (art. 27 Wet Bopz)…
Hoge Raad|1 november 2019|ECLI:NL:HR:2019:1691Aangehaald in 15 uitspraken
beslissing binnen de wettelijke beslistermijn. 4.2.3 Gelet zowel op het mede door art. 5 lid 4 EVRM gewaarborgde belang dat spoedig wordt beslist op een verzoek tot onvrijwillige vrijheidsbeneming in het algemeen
- Civiel recht overigArt. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. OvJ verzoekt voorlopige machtiging terwijl betrokkene in kader van…
Parket bij de Hoge Raad|15 april 2019|ECLI:NL:PHR:2019:399
Art. 81 lid 1 RO. Wet Bopz. OvJ verzoekt voorlopige machtiging terwijl betrokkene in kader van voorwaardelijke schorsing van zijn voorlopige hechtenis in psychiatrisch ziekenhuis verblijft. Misbruik van bevoegdheid door OvJ? Bereidheid tot verblijf in psychiatrisch ziekenhuis. Niet tijdig afgeven van proces-verbaal…
- Civiel recht overigProcesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan…
Parket bij de Hoge Raad|10 mei 2019|ECLI:NL:PHR:2019:600Aangehaald in 11 uitspraken
hier bestreden beschikking zo’n beslissing tot stand gebracht. Op grond van art. 5 lid 4 EVRM heeft de patiënt recht op een beoordeling door de rechter van de rechtmatigheid
- Strafrecht overigGrootschalige internetoplichting door op (daartoe ontworpen) websites goederen te koop aan te bieden en…
Parket bij de Hoge Raad|22 januari 2019|ECLI:NL:PHR:2019:77
bijzonder wijs ik op artikel 5 lid 1 EVRM (vrijheid en veiligheid), 5 lid 4 EVRM (rechterlijke procedure), artikel 6 (eerlijk proces, rechtsbijstand), 13 EVRM (effectief rechtsmiddel) en artikel 18 EVRM (détournement
- Civiel recht overigWet Bopz. Dwangbehandeling (art. 38c Wet Bopz). Dient bij dwangbehandeling op grond van het…
Parket bij de Hoge Raad|14 juni 2019|ECLI:NL:PHR:2019:630
strijd is met art. 3 EVRM, art. 5 lid 1 onder e en lid 4 EVRM en art. 8 EVRM. Ter toelichting op deze klacht is aangevoerd dat de rechtbank niet
- Strafrecht overigHoger beroepArt. 273f Sr, art. 240b Sr, WWM en Opiumwet. Mensenhandel in de vorm van seksuele uitbuiting van 5 aan…
Gerechtshof Den Haag|3 december 2019|ECLI:NL:GHDHA:2019:3173
Art. 273f Sr, art. 240b Sr, WWM en Opiumwet. Mensenhandel in de vorm van seksuele uitbuiting van 5 aan drugsverslaafde slachtoffers; misbruik van kwetsbare positie en van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht. Gevangenisstraf van 13 jaar en toekenning schadevergoeding; uitgebreide overwegingen t.a.v.…
- Burgerlijk procesrechtWet Bopz. Procesrecht. Voorwaardelijke machtiging. Enkelvoudig horen en meervoudig beslissen. HR 12 juli…
Parket bij de Hoge Raad|20 maart 2019|ECLI:NL:PHR:2019:265
unsound mind ” in de zin van art. 5 lid 1 sub e en lid 4 EVRM. 2.3 De onderdelen van het middel lenen zich voor een gezamenlijke behandeling. Alvorens daartoe over
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.