26 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVoorlopige voorziening ex artikel 287 lid 4 Fw, strekkende tot hervatting van energielevering.
Rechtbank Amsterdam|28 december 2017|ECLI:NL:RBAMS:2017:9802
Voorlopige voorziening ex artikel 287 lid 4 Fw, strekkende tot hervatting van energielevering. RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaak- / rekestnummer: C/13/640957 FT RK 17.2525 beschikking 28 december 2017 voorlopige voorziening (artikel 287b Fw … schuldsaneringsregeling een verzoek ingediend tot het geven van een voorlopige voorziening ex artikel 287 lid 4 Fw. Voorts heeft zij een verzoek tot het uitspreken van een dwangakkoord zoals bedoeld in artikel
- Civiel recht overigHoger beroepGeen recht op terugneming ex art. 61 Fw van de gezamenlijke woning voor de echtgenote van gefailleerde. Geen…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|21 maart 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:2329
echtgenote van gefailleerde de gezamenlijk in eigendom toebehorende woning kan terugnemen ex art. 61 lid 4 Fw. De stelling dat de echtgenote de woning met eigen middelen (via een buitenlandse constructie … toebehoren en niet in een gemeenschap vallen, uit het faillissement kan terugnemen. Artikel 61 lid 4 Fw voegt hier nog een bijzondere (bewijs)regel aan toe dat goederen, voortgesproten uit belegging
- InsolventierechtCassatieInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Hoge Raad|7 juli 2017|ECLI:NL:HR:2017:1280
slot doet zich de in art. 242 lid 1, aanhef en onder 4°, Fw bedoelde grond voor doordat (het bestuur van) Oi Coop de bewindvoerder geen, althans onvoldoende informatie verschaft, waardoor … aanhef en onder 2°, Fw mede moet worden uitgelegd in samenhang met art. 218 lid 4 Fw, dat bepaalt dat de definitieve verlening van de surseance moet worden geweigerd als gegronde vrees
- InsolventierechtCassatieInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Hoge Raad|7 juli 2017|ECLI:NL:HR:2017:1281Aangehaald in 7 uitspraken
slot doet zich de in art. 242 lid 1, aanhef en onder 4, Fw bedoelde grond voor doordat (het bestuur van) PTIF de bewindvoerder geen althans onvoldoende informatie verschaft waardoor de bewindvoerder … hoger beroep heeft te oordelen (hetzelfde geldt voor de bevoegdheid van art. 242 lid 4 Fw, om aan de intrekking van de surseance de faillietverklaring van de schuldenaar te verbinden). Daaruit volgt
- Civiel recht overigHoger beroepArt. 242 lid 1 sub 2, 3 en 4 Fw van toepassing. In hoger beroep alsnog intrekking voorlopige surseance van…
Gerechtshof Amsterdam|19 april 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:1325
4 Fw van toepassing. In hoger beroep alsnog intrekking voorlopige surseance van betaling en uitspreken faillissement van Oi Coop. Volgt vernietiging beschikking rechtbank. Zie ook ECLI:NL:GHAMS:2017:1326 GERECHTSHOF AMSTERDAM … voldaan, aldus Citadel c.s. 4.4. Het hof overweegt als volgt. In artikel 218 lid 4 Fw is bepaald dat surseance nimmer definitief kan worden verleend, indien er gegronde vrees bestaat
- Civiel recht overigHoger beroepArt. 242 lid 1 sub 1, 3 en 4 Fw van toepassing. In hoger beroep alsnog intrekking voorlopige surseance van…
Gerechtshof Amsterdam|19 april 2017|ECLI:NL:GHAMS:2017:1326
4 Fw van toepassing. In hoger beroep alsnog intrekking voorlopige surseance van betaling en uitspreken faillissement van PTIF. Volgt vernietiging beschikking rechtbank. Zie ook ECLI:NL:GHAMS:2017:1325 GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:528
komen. (…) 4. De beoordeling 4.4. Het hof overweegt als volgt. In artikel 218 lid 4 Fw is bepaald dat surseance nimmer definitief kan worden verleend, indien er gegronde vrees bestaat … opleveren voor intrekking van de surseance op de voet van artikel 242 lid 1 sub 4 Fw. 4.14. (…) De door het hof gemaakte afweging van de betrokken belangen leidt ertoe
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling nu schuldenaar schulden heeft welke…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|13 april 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:1620
schuldenaar schulden heeft welke voortvloeien uit een onherroepelijke veroordeling als bedoeld in artikel 358 lid 4 Fw ter zake van een of meer misdrijven, welke veroordeling onherroepelijk is geworden binnen de vijf … zaak het geval is, voortvloeien uit een onherroepelijke veroordeling als bedoeld in artikel 358 lid 4 Fw ter zake van een of meer misdrijven, welke veroordeling onherroepelijk is geworden binnen de vijf
- InsolventierechtInsolventierecht. Intrekking surseance van betaling en faillietverklaring o.g.v. art. 242 Fw. Internationaal…
Parket bij de Hoge Raad|21 juni 2017|ECLI:NL:PHR:2017:526
opleveren voor intrekking van de surseance op de voet van artikel 242 lid 1 sub 4 Fw. 5.12. Uit het voorgaande volgt dat aan de onder sub 1, 3 en 4 … behalve op het al genoemde art. 242 Fw (de intrekkingsgronden) ook op art. 218 lid 4 Fw, dat onder meer bepaalt dat de surseance nimmer definitief verleend kan worden indien er gegronde
- Civiel recht overigConservatoire maatregelMogelijkheid voorlopige voorziening bij verzoek dwangakkoord. WSNP stuit af op 10 jaarstermijn.
Rechtbank Noord-Nederland|17 augustus 2017|ECLI:NL:RBNNE:2017:5192
geëindigd zonder de schone lei. De gevraagde voorziening ex artikel 287 lid 4 Fw houdt in dat de rechtbank de uitoefening van het door gerekwestreerde gelegde beslag op het inkomen van [verzoeker … verzoek zich daarover uit te laten: ‘Hoe verhoudt zich het verzoek ex artikel 287 lid 4 Fw in relatie tot het verzoek ex artikel 287a (dwangakkoord)? Op grond waarvan kunnen deze twee
- Civiel recht overigPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Faillissementsrecht, arbeidsrecht. Is uitkering in geld voor niet genoten…
Parket bij de Hoge Raad|6 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1094
bedoelde uitkering in geld loon is in de zin van art. 40 lid 4 Fw (thans art. 40 lid 2 Fw), zodat de aanspraak op deze uitkering reeds daarom als een boedelvordering … moet worden aangemerkt. 2.8.3 Art 40 lid 2 (voorheen lid 4) Fw luidt: Van de dag der faillietverklaring af zijn het loon en de met de arbeidsovereenkomst samenhangende premieschulden boedelschuld. 2.8.4 Naar
- InsolventierechtProcesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen…
Parket bij de Hoge Raad|14 juli 2017|ECLI:NL:PHR:2017:885
waar beroep uitdrukkelijk is uitgesloten in art. 315 lid 2 Fw (vgl. art. 332 lid 4 Fw), werd in de toelichting gemotiveerd met het argument dat de gevolgen van (weigering van) dwangakkoorden … Fw (appel- en cassatietermijn bij intrekking van de surseance), art. 247b leden 2 en 4 Fw (appel- en cassatietermijn bij afwijzing van een verzoek tot omzetting van surseance in de schuldsaneringsregeling natuurlijke
- InsolventierechtPrejudiciële vragen (art. 392 Rv). Faillissementsrecht. Invloed faillissement op wederkerige overeenkomsten…
Parket bij de Hoge Raad|13 oktober 2017|ECLI:NL:PHR:2017:1593
Faillissementswet of binnen één maand na het einde van de surseance. Art. 249 lid 4 Fw bepaalt dat de faillissementsboedel, evenals de surseanceboedel op grond van art. 228 lid 2 Fw, niet … ontstaan op grond van art. 228 lid 2 jo. art. 249 lid 1 sub 4 Fw in het faillissement geen boedelschuld opleveren en evenmin als concurrente vordering voor verificatie in het faillissement
- InsolventierechtHoger beroepBekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b nu…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|19 oktober 2017|ECLI:NL:GHSHE:2017:4566
schuldenaar schulden heeft welke voortvloeien uit een onherroepelijke veroordeling als bedoeld in artikel 358 lid 4 Fw ter zake van een of meer misdrijven, welke veroordeling onherroepelijk is geworden binnen de vijf … komen. Dit is niet gerechtvaardigd tegenover hen die wel hun boetes voldoen. Artikel 358 lid 4 Fw somt de vorderingen op die buiten de schone lei vallen. Het betreft hier geldboetes, schadevergoedingsmaatregelen
- InsolventierechtPrejudiciële beslissingPrejudiciële vraag (art. 392 Rv). WSNP. Dient voor toepassing van de tienjaarstermijn van art. 288 lid 2…
Hoge Raad|31 maart 2017|ECLI:NL:HR:2017:572Aangehaald in 5 uitspraken
opgemaakt (art. 356 lid 1 in verbinding met art. 354a Fw, respectievelijk art. 350 lid 4 Fw), ofwel vindt afwikkeling plaats in het kader van een faillissement (art. 350 lid 5 Fw
- InsolventierechtCassatieProcesrecht. Insolventierecht. Surseance van betaling. Akkoord aan schuldeisers aangeboden. Beslissingen…
Hoge Raad|8 december 2017|ECLI:NL:HR:2017:3110Aangehaald in 9 uitspraken
Fw; art. 247b lid 2 en lid 4 Fw; art. 269a en art. 270 lid 1 Fw; art. 278 lid 1 en art. 279 lid 2 Fw). Aldus is in de titel
- InsolventierechtHoger beroep kort gedingHuur woning. Gelaste ontruiming geschorst bij (moratorium)vonnis ex art 287b Fw. Moratorium verliest niet…
Gerechtshof Den Haag|21 maart 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:632
automatisch zijn gelding wanneer aan de gestelde voorwaarde niet wordt voldaan. Uit artikel 287b lid 4 Fw volgt dat het moratorium strekt tot het van toepassing verklaren van (onder andere) artikel
- InsolventierechtEerste aanleg - enkelvoudigWSNP. Aanhouding verzoek zodat verzoekers bij de faillissementsverzoekers kunnen nagaan of zij bereid zijn…
Rechtbank Midden-Nederland|17 november 2017|ECLI:NL:RBMNE:2017:5648
toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank begrijpt dat, gelet op het gegeven dat overeenkomstig artikel 4 Fw een faillissementsaanvraag met grote spoed dient te worden behandeld, er te weinig tijd is geweest
- Civiel recht overigHoger beroepMet de voorwaarde dat tijdens het (voorlopige) moratorium de lopende huur moet worden voldaan is de rechtbank…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|18 mei 2017|ECLI:NL:GHARL:2017:4845
appellant] en [appellante] betogen dat de rechtbank, gelet op de verwijzing in artikel 287b lid 4 Fw naar artikel 305 Fw, de tijdige betaling van de huur over de periode vanaf
- InsolventierechtHoger beroepAfwijzing verzoek tot faillietverklaring. Centrum van voornaamste belangen. Vorderingsrecht aanvrager.
Gerechtshof Den Haag|21 december 2017|ECLI:NL:GHDHA:2017:3730
doet PVF een beroep op wat is bepaald in artikel 2 lid 2 en 4 Fw. PVF heeft aangevoerd dat zij een geldlening heeft verstrekt aan Beheer- en Exploitatiemaatschappij De Bosschen
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.