3 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigVerdachte n-o in zijn cassatieberoep. Blijkens het p-v tz. in eerste aanleg is aldaar door de ex art. 279 Sv…
Parket bij de Hoge Raad|24 september 2013|ECLI:NL:PHR:2013:1310
generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden n.d. De in het tweede lid van art. 495 Sv genoemde situaties doen zich hier immers niet voor. Vgl. HR 23 september 2003, LJN AF9425
- Strafrecht overigArt. 167a Sv. HR doet het middel af onder verwijzing naar de CAG. HR herhaalt voorts relevante overwegingen…
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2013|ECLI:NL:PHR:2013:CA0796
kinderrechter dan wel de gewone rechter bevoegd was (art. 488 lid 2 jo. art. 495 Sv). Het uitbrengen van twee dagvaardingen en dus het twee keer gelijktijdig vervolgen van de verdachte voor
- Strafrecht overigKinderrechter. Art. 495.3 Sv. Leeftijd verdachte niet exact vast te stellen. Blijkens de p-v’s van de tz. in…
Parket bij de Hoge Raad|10 december 2013|ECLI:NL:PHR:2013:2489
niet voldoende om aan te nemen dat aan de beraadslagingen een kinderrechter ex art. 495 Sv heeft deelgenomen. 10. Een andere opvatting zou het systeem van absolute en relatieve bevoegdheid buiten spel
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.