6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|26 maart 2002|ECLI:NL:HR:2002:AD7805Aangehaald in 28 uitspraken
EVRM." 3.3. Het middel faalt, reeds omdat het miskent dat - anders dan ingevolge art. 511f Sv ten aanzien van de schatting van het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel het geval
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|28 mei 2002|ECLI:NL:HR:2002:AE1182Aangehaald in 58 uitspraken
uitgebracht na 1 maart 1993 is wat betreft de schatting van het voordeel art. 511f Sv toepasselijk (vgl. HR 28 november 1995, NJ 1996, 383). Dat artikel luidt als volgt: "De rechter
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|12 november 2002|ECLI:NL:PHR:2002:ZE0001
omstandigheid dat verzoeker is veroordeeld voor een strafbaar feit, op grond van artikel 511f Sv slechts ontleend mag worden aan de inhoud van de wettige bewijsmiddelen" en dat "[o]p grond hiervan … geheel ander probleem betrekking. De omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel moet ingevolge art. 511f Sv uit de gebezigde bewijsmiddelen kunnen worden ontleend, maar dat verzoeker is veroordeeld voor strafbare feiten
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|12 november 2002|ECLI:NL:HR:2002:ZE0001
hoofdzaak, vindt geen steun in het recht en met name niet in art. 511f Sv. Deze bepaling heeft immers slechts betrekking op de basis van de schatting van het op geld waardeerbare
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|28 mei 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AE1182
plaatsvinden aan de hand van een schatting, die gebaseerd is op wettige bewijsmiddelen. In art. 511f Sv is het volgende bepaald: "De rechter kan de schatting van het op geld waardeerbare voordeel
- Strafrecht overigConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Strafrecht overig
Parket bij de Hoge Raad|26 maart 2002|ECLI:NL:PHR:2002:AD7805
volgens de raadsman de bewijsvoering niet in overeenstemming is met het bepaalde in art. 511f Sv omdat daarin een vermoeden is opgenomen. Die klacht acht ik niet gegrond. Gelezen in samenhang
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.