2 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Strafrecht overigCassatieValsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) en oplichting (art. 326.1 Sr). Voortgezette handeling, art. 56.1 Sr?…
Hoge Raad|4 december 1990|ECLI:NL:HR:1990:ZC8648Aangehaald in 7 uitspraken
staan dat zij moeten worden beschouwd als één voortgezette handeling in de zin van art. 56 Sr, aangezien Hof er kennelijk van is uitgegaan dat bewezen verklaarde valsheid in geschrift … nemen vormen, in het bijzonder de artikelen 350, 358, 359 en 415 Sv., alsmede artikel 56 Sr., doordat het Hof het ter terechtzitting door de raadsman van requirant gevoerde verweer met betrekking
- Strafrecht overigValsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) en oplichting (art. 326.1 Sr). Voortgezette handeling, art. 56.1 Sr?…
Parket bij de Hoge Raad|23 oktober 1990|ECLI:NL:PHR:1990:1
staan dat zij moeten worden beschouwd als één voortgezette handeling in de zin van art. 56 Sr, aangezien Hof er kennelijk van is uitgegaan dat bewezen verklaarde valsheid in geschrift … requirant gevoerde verweer, dat beide feiten als eén voortgezette handeling in de zin van art. 56 Sr zouden moeten worden beschouwd: Het Hof heeft deze stelling nl. slechts afgewezen met een beroep
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.