9 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigVoorlopige voorziening+bodemzaakOverlijdensschade ex art. 6: 108 BW. Verzekeringsuitkering. Affectieschade.
Rechtbank 's-Hertogenbosch|27 oktober 2004|ECLI:NL:RBSHE:2004:AR7776
Overlijdensschade ex art. 6: 108 BW. Verzekeringsuitkering. Affectieschade. RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH VONNIS Zaaknummer : 91040 / HA ZA 03-266 Datum uitspraak : 27 oktober 2004 Vonnis van de rechtbank 's-Hertogenbosch, enkelvoudige kamer voor … schade lijden. De uitvaartkosten bedragen € 470,83 De overlijdensschade ex artikel 6:108 BW bedraagt conform de berekening van het Nederlands Rekencentrum Letselschade (NRL) € 61.008,--, in welke berekening de sub 2.3 vermelde
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGevorderde schadevergoeding voor nabestaanden in verband met onder meer shock-schade (artikel 6:106 BW). De…
Rechtbank Roermond|12 mei 2004|ECLI:NL:RBROE:2004:AP1094
schade vallen te verdelen in vorderingen gebaseerd op onrechtmatig handelen jegens [vd V] (artikel 6:108 BW) en vorderingen gebaseerd op onrechtmatig handelen jegens [eisers]. zelf (artikel 6:106 BW … geleden. De rechtbank zal deze vraag hierna beantwoorden. Schade als bedoeld in artikel 6:108 BW 5.3 [eisers]. verwijzen in verband met de schadevordering uitdrukkelijk naar artikel 6:108, eerste lid aanhef
- Civiel recht overigHoger beroepHet hof, rechtdoende in hoger beroep: laat St. Jansdal toe tot het bewijs van feiten en omstandigheden…
Gerechtshof Arnhem|20 juli 2004|ECLI:NL:GHARN:2004:AR4647
uiteindelijk dat de regeling slechts kon plaatsvinden binnen de daarvoor geldende wettelijke (artikel 6:108 BW) kaders (p. 3), had [geïntimeerde sub 1] de schade op zijn manier begroot en sloot deze … waarom het schadebedrag ad f 460.000,-- voor hen gezamenlijk in overeenstemming is met artikel 6:108 BW, zoals ontwikkeld in de rechtspraak. De berekening van [geïntimeerde sub 1] ad f 805.500,-- (productie
- Civiel recht overigVoorlopige voorziening+bodemzaakOverlijdens- en letselschade na verkeersongeval, waarbij Duitse auto met Belgische inzittenden tegen…
Rechtbank 's-Hertogenbosch|23 juni 2004|ECLI:NL:RBSHE:2004:AP6635
minderjarige kinderen. [eiser sub 1] maakt in dit geding op de voet van art. 6: 108 BW aanspraak op vergoeding van de kosten van lijkbezorging en het door haar en haar drie … eiser sub 1] en haar kinderen vorderingsgerechtigde zijn in de zin van art. 6: 108 BW. Hannover meent dat [eiser sub 1] haar stelling met gegevens van de burgerlijke stand moet onderbouwen
- Civiel recht overigCassatie17 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/211HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HERTEL…
Hoge Raad|17 december 2004|ECLI:NL:HR:2004:AR3290Aangehaald in 7 uitspraken
heeft geleden als gevolg van de blootstelling aan asbeststof alsmede, uit hoofde van art. 6:108 BW, tot vergoeding van de schade die zij zelf hebben geleden als gevolg van het overlijden
- Civiel recht overigCassatie4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C03/034HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres…
Hoge Raad|4 juni 2004|ECLI:NL:HR:2004:AO4596
BW en tot vergoeding van de overlijdensschade van [eiseres] c.s. persoonlijk krachtens art. 6:108 BW, zulks op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet en te vermeerderen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigSchadevergoeding; Beroepsfout huisarts? In deze procedure staat de vraag centraal of gedaagde jegens…
Rechtbank Arnhem|14 juli 2004|ECLI:NL:RBARN:2004:AR8862
gedaagde] aansprakelijk had gesteld voor vergoeding van overlijdensschade op grond van artikel 6:108 BW, is op voorstel van de aansprakelijkheidsverzekeraar van [gedaagde] op 9 april 2003 een expertise gevraagd
- Civiel recht overig4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C03/034HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres…
Parket bij de Hoge Raad|4 juni 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AO4596
6:106 en 6:107 BW en tot vergoeding van hun overlijdensschade krachtens artikel 6:108 BW, zulks op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, een en ander
- Civiel recht overig17 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/211HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HERTEL…
Parket bij de Hoge Raad|17 december 2004|ECLI:NL:PHR:2004:AR3290
17 december 2004 Eerste Kamer Nr. C03/211HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: HERTEL B.V., gevestigd te Amsterdam, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n 1. [Verweerder 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats], ten dezen handelend zowel voor…
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.