6 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHuurrecht. Wooncomplex voor jongeren. Vordering tot betaling van afrekening servicekosten over jaren 2017 tot…
Rechtbank Amsterdam|5 juni 2025|ECLI:NL:RBAMS:2025:6041
sprake is van een herziene afrekening servicekosten, is vordering toewijsbaar op grond van artikel 6:210 BW (waardevergoeding). Waarde gelijk aan bedrag dat Huurcommissie voor deze diensten eerder voor andere jaren heeft … servicekosten (7:259 BW) dan wel uit hoofde van waardevergoeding wegens ongerechtvaardigde verrijking (artikel 6:210 BW). Aan die vorderingen liggen dus geen te toetsen bedingen uit de dienstenovereenkomst ten grondslag. Gezag
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg bestelknoppen-zaak naar aanleiding van arrest van HR 4 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1355; Nu de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|4 februari 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:565
geval heeft Innova zonder rechtsgrond geleverd en zou op grond van artikel 6:210 BW [geïntimeerde] verplicht zijn de waarde van die (niet ongedaan te maken) prestatie te vergoeden. Die verplichting leidt … worden gezegd dat Innova zonder rechtsgrond heeft gepresteerd. De artikelen 6:103 en 6:210 BW missen daarom toepassing. Daar komt bij dat een geval als dit waarin op schending
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg bestelknoppen-zaak naar aanleiding van arrest van HR 4 oktober 2024, ECLI:NL:HR:2024:1355; Nu de…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|21 januari 2025|ECLI:NL:GHARL:2025:278
geval heeft Innova zonder rechtsgrond geleverd en zou op grond van artikel 6:210 BW [geïntimeerde] verplicht zijn de waarde van die (niet ongedaan te maken) prestatie te vergoeden. Die verplichting leidt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigPartij B is bij verstekvonnis veroordeeld tot betaling van een bedrag aan partij A voor juridische diensten…
Rechtbank Overijssel|21 mei 2025|ECLI:NL:RBOVE:2025:3252
aanspraak op een waardevergoeding op grond van artikel 6:203 BW (onverschuldigde betaling), artikel 6:210 BW (redelijke vergoeding als ongedaanmaking) en/of artikel 6:212 BW (ongerechtvaardigde verrijking). Zij beroept zich daarbij
- VerbintenissenrechtVerbintenissenrecht. Consumentenrecht. Overeenkomst tussen advocaat en cliënt vernietigd wegens dwaling over…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:72
Verbintenissenrecht. Consumentenrecht. Overeenkomst tussen advocaat en cliënt vernietigd wegens dwaling over mogelijkheid gefinancierde rechtsbijstand. Zou toevoeging zijn ingetrokken o.g.v. 34g lid 1 sub b Wrb? Ambtshalve toepassing art. 6:228 lid 2 dan wel art. 6:210 lid 2 BW? Restitutie betaalde declaraties naar…
- Civiel recht overigAansprakelijkheidsrecht. Vordering tot terugbetaling van door bank in rekening gebrachte, door cliënt…
Parket bij de Hoge Raad|17 januari 2025|ECLI:NL:PHR:2025:67
Aansprakelijkheidsrecht. Vordering tot terugbetaling van door bank in rekening gebrachte, door cliënt periodiek betaalde liquiditeitspremie. Onverschuldigde betaling en schadevergoeding wegens tekortkoming. Verjaring. Art. 3:309 en 3:310 lid 1 BW. Aanvangsmoment. Maatstaf. Motiveringsklachten.
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.