Zoekresultaten

Voor “"6:52 BW"”

Naar resultaten Uitgebreid zoeken

48 uitspraken gevonden

Sorteer op: Relevantie
  • Civiel recht overig
    Retentierecht op appartement; ouder of jonger derde-gerechtigde (art. 3:291 BW); peilmoment; verscherpte…

    Parket bij de Hoge Raad18 november 2022ECLI:NL:PHR:2022:1077

    retentierecht speciaal toekent, bestaat het retentierecht als voldaan is aan de vereisten van art. 6:52 BW (algemeen opschortingsrecht) en het daarbij gaat om de verbintenis van de schuldeiser tot afgifte … retentor , op grond van art. 3:290 BW en (analogische toepassing van ) art. 6:52 BW de volgende vereisten. 2.6 Volgens de heersende opvatting moet sprake zijn van een (in beginsel) opeisbare

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Vorderingen over en weer in verband met de ontwikkeling van een autodeelplatform

    Rechtbank Amsterdam21 december 2022ECLI:NL:RBAMS:2022:8074

    kosten en rente verschuldigd te zijn, omdat zij haar betalingsverplichting op grond van artikel 6:52 BW of artikel 6:262 BW had opgeschort. WeGo brengt daar tegenin dat de opschortingsbevoegdheid … niet de opschortingsbevoegdheid van ARS. De rechtbank zal daarom aan de hand van artikel 6:52 BW en artikel 6:262 BW toetsen of ARS een opschortingsbevoegdheid toekomt. 4.14. De rechtbank stelt

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Kort geding, geldvordering, gedogen executie, hoogte vordering retentierecht.

    Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba15 augustus 2022ECLI:NL:OGEABES:2022:16Aangehaald in 6 uitspraken

    opeisbare vordering op PDVSA Petro van US$ 41.699.529,72 aan achterstallige opslagkosten. Art. 6:52 BW kent een algemeen opschortingsrecht toe als tussen twee verbintenissen voldoende samenhang bestaat. Gaat het, zoals … gerecht voorshands niet voldoende zeker dat er voldoende samenhang (in de zin van artikel 6:52 BW BES) bestaat tussen de vordering van PDVSA Petro en de door de curator gepretendeerde vordering

  • Civiel recht overigKort geding
    Kort geding, nakoming vaststellingsovereenkomst, 3:300 lid 2 BW, opschorting.

    Rechtbank Limburg22 december 2022ECLI:NL:RBLIM:2022:10477

    juridische zin als een beroep op opschorting en wel in de zin van artikel 6:52 BW. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter kwalificeren de concrete verbintenissen in geschil (te weten … artikel 6:262 BW. Voor een geslaagd beroep op artikel 6:52 BW is in ieder geval vereist dat de schuldenaar die zich op opschorting beroept (in dit geval [gedaagde] ) een opeisbare

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Huurder mocht de huur niet opschorten omdat er onvoldoende samenhang bestond met een tussen dezelfde partijen…

    Rechtbank Amsterdam11 januari 2022ECLI:NL:RBAMS:2022:8772

    hebben voldoende samenhang om een beroep op opschorting door Boxx op grond van artikel 6:52 BW te rechtvaardigen. Voor zover er toch sprake zou zijn van een waardedaling van de garageboxen … Sloterdijk en [eiser] . Deze vorderingen hebben onvoldoende samenhang om de opschorting te rechtvaardigen (artikel 6:52 BW). Dit betekent dat Boxx de gevorderde huurachterstand, vermeerderd met de daarover onbetwist gevorderde contractuele wettelijke

  • VerbintenissenrechtKort geding
    Aanneming van werk. Opdrachtnemer heeft werkzaamheden gestaakt. Vordering tot hervatting werk in conventie…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant27 december 2022ECLI:NL:RBZWB:2022:7942

    opschorting. Opschorting gerechtvaardigd? 5.8. DKG beroept zich op het opschortingsrecht als omschreven in artikel 6:52 BW alsook in artikel 6:262 BW. Beide artikelen houden in (artikel 6:52 BW expliciet

  • VerbintenissenrechtHoger beroep
    Aanneming van werk. Beëindiging overeenkomst door opzegging. Eindafrekening. Betekenis overeengekomen vaste…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch19 april 2022ECLI:NL:GHSHE:2022:1251

    Aanneming van werk. Beëindiging overeenkomst door opzegging. Eindafrekening. Betekenis overeengekomen vaste aanneemsom voor gevorderde aanvullende kosten. Terecht beroep op opschorting? Voldoende duidelijke en precieze bezwaren tegen oordelen in het bestreden vonnis?

  • Civiel recht overigBodemzaak
    Nakoming overeenkomst bouwkwestie; voorwaarden opschortingsrecht; vereiste hersteltermijn voor verzuim; geen…

    Rechtbank Zeeland-West-Brabant16 maart 2022ECLI:NL:RBZWB:2022:1545

    zich in dat kader zowel op een opschortingsrecht als omschreven in artikel 6:52 BW als een opschortingsrecht als bedoeld in artikel 6:262 BW heeft beroepen. Beide artikelen houden in (artikel … 6:52 BW expliciet en artikel 6:262 BW impliciet) dat opschorting, in dit geval door HPI, slechts is toegestaan als zij een opeisbare vordering heeft op Bodek. Ook al is voor

  • VerbintenissenrechtHoger beroep
    Transactie tot overname c.q. inbreng van activa en samenwerking. Uitleg. Geen schending contractsbepalingen…

    Gerechtshof 's-Hertogenbosch17 mei 2022ECLI:NL:GHSHE:2022:1540

    Transactie tot overname c.q. inbreng van activa en samenwerking. Uitleg. Geen schending contractsbepalingen. Onrechtmatig handelen door een der samenwerkende partijen? Schade?

  • VerbintenissenrechtBodemzaak
    Uitleg overeenkomst tussen tulpenveredelaar en coöperatie. Tekortkoming kweker op gebied van administratie en…

    Rechtbank Den Haag30 maart 2022ECLI:NL:RBDHA:2022:4612

    Uitleg overeenkomst tussen tulpenveredelaar en coöperatie. Tekortkoming kweker op gebied van administratie en onkruidgroei. Maatman goed veredelaar. Gevolgen van ontbinding voor de verdeling van de tulpenkraam.

  • Civiel recht overigHoger beroep kort geding
    Kort geding. Ontbreken spoedeisend belang

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden17 mei 2022ECLI:NL:GHARL:2022:3957

    verplichting tot het verstrekken van genoemde overzichten en anderzijds de gestelde tegenvorderingen (artikel 6:52 BW). 3.8. Arrow heeft ook aangevoerd dat Ront geen spoedeisend belang heeft bij de gevraagde overzichten. Maar

  • GoederenrechtHoger beroep
    Vuistpand, rententierecht

    Gerechtshof Den Haag18 oktober 2022ECLI:NL:GHDHA:2022:1998

    concreet geval een retentierecht bestaat dient te worden bepaald aan de hand van art. 6:52 BW. Dat betekent dat [appellant] alleen dan een opschortingsrecht zou hebben als er voldoende samenhang bestaat

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Facturen diensten, opschorting.

    Rechtbank Midden-Nederland2 februari 2022ECLI:NL:RBMNE:2022:815

    betaling van de factuur opgeschort in afwachting van toegang tot het systeem. Uit artikel 6:52 BW volgt dat een schuldenaar die een opeisbare vordering heeft op zijn schuldeiser, bevoegd

  • Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig
    Betaling factuur voor het plaatsen van een schutting, beroep op opschorting slaagt niet.

    Rechtbank Midden-Nederland7 december 2022ECLI:NL:RBMNE:2022:5085

    zich echter niet beroepen op een opschortingsrecht. Op grond van artikel 6:52 BW bestaat er alleen een opschortingsrecht indien tussen de vordering en de verbintenis voldoende samenhang bestaat om opschorting

  • ArbeidsrechtHoger beroep
    Aanspraak op vergoeding van kosten van herstel van een printer en op schadevergoeding omdat appellant enige…

    Gerechtshof Den Haag20 december 2022ECLI:NL:GHDHA:2022:2679

    heeft gehad, [geïntimeerde] zich ingevolge artikel 3:290 BW gelezen in samenhang met artikel 6:52 BW rechtmatig heeft beroepen op een retentierecht met betrekking tot de printer. Vast staat dat [appellant

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Inlenen van Poolse arbeidskrachten. Opschorting. Zekerheid stellen. Inlener vreest verhaal op hem in verband…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden8 november 2022ECLI:NL:GHARL:2022:9631

    schuldeiser en tussen die beide vorderingen voldoende samenhang bestaat om opschorting te rechtvaardigen (artikel 6:52 BW). Indien, zoals in deze zaak, de tegenvordering van de schuldenaar of de omvang daarvan

  • ArbeidsrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    EJ. Cao verplichting niet nagekomen.

    Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba4 oktober 2022ECLI:NL:OGEAA:2022:388

    beroep van [verzoeker] op opschorting in de zin van het eerste lid van artikel 6:52 BW, dat ook eerst in rechte kan worden gedaan, slaagt. [verzoeker] - als zijnde schuldenaar ten opzichte

  • Civiel recht overigHoger beroep
    Huur bedrijfsruimte. Sloop en nieuwbouw. Nieuwe huurovereenkomst. Tekortkoming huurder. Schatting schade…

    Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden8 november 2022ECLI:NL:GHARL:2022:9513

    moment dat hij zich op opschorting beriep. Voor de voor opschorting op grond van 6:52 BW vereiste samenhang is slechts een licht verband voldoende. Naar het oordeel

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Rechtbank Rotterdam · Eerste aanleg - enkelvoudig · Verbintenissenrecht

    Rechtbank Rotterdam15 april 2022ECLI:NL:RBROT:2022:2976

    gedaan als verweermiddel in een procedure. Ten aanzien daarvan wordt als volgt overwogen. Artikel 6:52 BW bepaalt dat een schuldenaar, die een opeisbare vordering heeft op zijn schuldeiser, bevoegd

  • VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudig
    Vervoerrecht. Geen roekeloos handelen (art. 8:1108 lid 1 BW). Beroep vervoerder op…

    Rechtbank Gelderland6 april 2022ECLI:NL:RBGEL:2022:1760

    Vervoerrecht. Geen roekeloos handelen (art. 8:1108 lid 1 BW). Beroep vervoerder

Zoektips

Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.