14 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|11 januari 1995|ECLI:NL:HR:1995:AA3054
rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Het in lid 2 van art 6 EVRM neergelegde vermoeden van onschuld bracht volgens het Hof mee dat op de inspecteur de stelplicht … besliste dat het opleggen van de verhoging als een strafvervolging in de zin van art. 6 EVRM moet worden beschouwd. Al in 1950 en 1951 had Uw Raad de verhoging bij navordering
- BelastingrechtConclusie · Parket bij de Hoge Raad · Belastingrecht
Parket bij de Hoge Raad|11 januari 1995|ECLI:NL:PHR:1995:AA3054
rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Het in lid 2 van art 6 EVRM neergelegde vermoeden van onschuld bracht volgens het Hof mee dat op de inspecteur de stelplicht … besliste dat het opleggen van de verhoging als een strafvervolging in de zin van art. 6 EVRM moet worden beschouwd. Al in 1950 en 1951 had Uw Raad de verhoging bij navordering
- Strafrecht overigCassatieFeitelijke leiding geven aan door rechtspersoon onttrekken aan beslag door als directeur van B.V. grond…
Hoge Raad|30 mei 1995|ECLI:NL:HR:1995:ZD0176Aangehaald in 9 uitspraken
onrechte datum betekening inleidende dagvaarding heeft aangemerkt als moment waarop in art. 6 EVRM bedoelde termijn is aangevangen, stuit af op 's Hofs feitelijke en niet onbegrijpelijke vaststelling dat in toelichting … Openbaar Ministerie in verband met de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd, heeft verworpen. 5.2. Het Hof heeft naar aanleiding van bedoeld
- Civiel recht overigDevolutieve werking (pleidooi in appel); art. 6 EVRM; Motivering; Procesrecht.
Parket bij de Hoge Raad|23 juni 1995|ECLI:NL:PHR:1995:32
Devolutieve werking (pleidooi in appel); art. 6 EVRM; Motivering; Procesrecht. Rolnummer 15.778 Zitting 23 juni 1995 Mr. Vranken Conclusie inzake [eiser] tegen Bistro 't Plenkske Edelhoogachtbaar College, Het geschil in cassatie … procedure te bewaken - hierover onder meer P. Smits, Rechterlijke voortgangscontrole in het licht van art. 6 EVRM, TCR 1995, p. 11-15 -: een pleidooi dat toch niets kan opleveren, leidt alleen maar
- Strafrecht overigFeitelijke leiding geven aan door rechtspersoon onttrekken aan beslag door als directeur van B.V. grond…
Parket bij de Hoge Raad|30 mei 1995|ECLI:NL:PHR:1995:3
onrechte datum betekening inleidende dagvaarding heeft aangemerkt als moment waarop in art. 6 EVRM bedoelde termijn is aangevangen, stuit af op 's Hofs feitelijke en niet onbegrijpelijke vaststelling dat in toelichting … verwerping door het Hof van het verweer dat de redelijke termijn van art. 6 EVRM in de onderhavige zaak is geschonden. Met name acht de steller van het middel onbegrijpelijk 's Hofs
- BelastingrechtCassatieHoge Raad · Cassatie · Belastingrecht
Hoge Raad|13 december 1995|ECLI:NL:HR:1995:AA3171
Middel III, dat voor het overige stelt dat in strijd met het bepaalde in artikel 6 EVRM en artikel 29 van het Wetboek van Strafvordering tijdens het horen door de FIOD … voor strafvervolgingen in de vorm van het opleggen van een fiscale boete, en in artikel 6 EVRM niet de eis valt te lezen dat een cautie als hiervóór bedoeld moet worden gegeven
- Civiel recht overigCassatieOnrechtmatige daad; rechtvaardigingsgrond. Eigen schuld. Bewijskracht verklaring partij-getuige.
Hoge Raad|31 maart 1995|ECLI:NL:HR:1995:ZC1688Aangehaald in 106 uitspraken
Niet is in te zien dat zulks in strijd zou komen met het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op een eerlijk proces. Een en ander wordt niet anders door
- Strafrecht overigCassatieHoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig
Hoge Raad|27 juni 1995|ECLI:NL:HR:1995:ZD0095Aangehaald in 43 uitspraken
gerichte voorschriften van de artikelen 348 en 350 Sv geven art. 261 Sv en art. 6 EVRM uitdrukking aan het beginsel "dat de verdachte niet in onzekerheid mag verkeren omtrent de vraag
- BelastingrechtEerste aanleg - meervoudigGerechtshof 's-Gravenhage · Eerste aanleg - meervoudig · Belastingrecht
Gerechtshof 's-Gravenhage|28 juni 1995|ECLI:NL:GHSGR:1995:AA4577
slot voert zij aan dat een beroep op termijnoverschrijding in strijd is met artikel 6 EVRM, aangezien dit artikel een grondrecht biedt voor een behoorlijk proces bij het vaststellen van burgerlijke rechten
- Strafrecht overigVerklaringsvrijheid verdachte, art. 29.1 Sv. Slagende bewijsklacht doodslag. Hof heeft kennelijk…
Parket bij de Hoge Raad|5 december 1995|ECLI:NL:PHR:1995:1
gesproken." 2. Mr. Spong verzoekt in het eerste middel met een beroep vooral op art. 6 EVRM, art. 14 IVBPR en het arrest van het EHRM in de zaak Funke tegen Frankrijk
- Civiel recht overigOnrechtmatige daad; rechtvaardigingsgrond. Eigen schuld. Bewijskracht verklaring partij-getuige.
Parket bij de Hoge Raad|3 februari 1995|ECLI:NL:PHR:1995:52
betreft de uitlegging van art. 213 Rv. Voor zover deze klacht steunt op art. 6 EVRM en de daarop betrekking hebbende rechtspraak, met name EHRM
- Strafrecht overigOpzettelijk onjuist doen van aangifte omzetbelasting (art. 69 AWR) en valsheid in geschrift door valse…
Parket bij de Hoge Raad|12 september 1995|ECLI:NL:PHR:1995:27
beoordeling of eventueel van een overschrijding van de redelijke termijn, als bedoeld in art. 6 EVRM, sprake is, buiten beschouwing te blijven. 5. ’ s Hofs beslissing ten aanzien van het tijdsverloop
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVonnis Puttense moordzaak rechtbank Zutphen
Rechtbank Zutphen|6 januari 1995|ECLI:NL:RBZUT:1995:AE1687
gemaakt, ten gevolge waarvan de verdediging niet meer naar behoren -in de zin van artikel 6 EVRM- is te voeren. De in deze strafzaak gestelde feiten en omstandigheden kunnen een zo vergaande
- Strafrecht overigEerste aanleg - meervoudigVonnis rechtbank Zutphen Puttense moordzaak
Rechtbank Zutphen|6 januari 1995|ECLI:NL:RBZUT:1995:AE1685
gemaakt, ten gevolge waarvan de verdediging niet meer naar behoren -in de zin van artikel 6 EVRM- is te voeren. De in deze strafzaak gestelde feiten en omstandigheden kunnen een zo vergaande
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.