10 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- Civiel recht overigHoger beroepHoger beroep; inning bancair pandrecht op vorderingen; opeisbaarheid vorderingen waarvoor het pandrecht is…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|6 september 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:7675
BW 3:13, 230, 239, 246, 307 en 308 en 6:43 en 7:129e BW. GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht, handel zaaknummer gerechtshof 200.300.394 (zaaknummer rechtbank Gelderland, zittingsplaats
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigVoorshands bewezen dat de EUR 90.000 is uitgeleend en niet geschonken. Tegenbewijsopdracht. Afstand van…
Rechtbank Rotterdam|2 februari 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:1194
eisers] leggen aan hun vordering artikel 7:129 lid 1 BW en artikel 7:129e BW ten grondslag. De betaling van het bedrag van € 90.000,- vond echter plaats in juli 2012, derhalve … terugbetaling is overeengekomen. Dit strookt ook met het beroep van [eisers] op artikel 7:129e BW dat bepaalt dat de geldnemer verplicht is het geleende bedrag binnen zes weken na opeising terug
- Civiel recht overigHoger beroepVervolg op ECLI:NL:GHARL:2022:364. Geïntimeerde heeft na getuigenverhoor bewezen dat hij € 20.000,- aan…
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden|30 augustus 2022|ECLI:NL:GHARL:2022:7454
geen afspraken hoeven te worden gemaakt over het tijdstip van terugbetaling, volgt uit artikel 7:129e BW. 3.7 De conclusie is dat [geïntimeerde] het door hem te leveren bewijs ook heeft geleverd … afspraken zijn gemaakt over de terugbetaling, zodat [appellant] gelet op het bepaalde in artikel 7:129e BW het door hem geleende bedrag zes weken na de opeising diende terug te betalen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigovereenkomst van geldlening tussen twee privepersonen, opeising ineens, beroep op misbruik van omstandigheden…
Rechtbank Noord-Holland|4 mei 2022|ECLI:NL:RBNHO:2022:3571
zegt die lening op, en vordert betaling van het openstaande op grond van artikel 7:129e BW. 4 Het verweer 4.1. [gedaagde] betwist de vordering. Hij voert aan – samengevat – dat het geld … niet door daaraan voorafgaande app-berichten van 2 en 3 mei 2019 . Artikel 7:129e BW biedt geen grond voor een vordering tot directe terugbetaling, omdat een tijdstip voor de terugbetaling
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigGeldlening. Pluraliteit van schuldenaars. Vaststelling geleend bedrag. Geen hoofdelijkheid. Bewijsopdracht…
Rechtbank Rotterdam|29 juni 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:5319
tijdstip van terugbetaling voortvloeit en dat dit tijdstip nog niet is aangebroken (zie artikel 7:129e BW). 4.8. [naam eiseres] heeft ter zitting erkend dat zij met [naam gedaagde] tijdens een barbecue … aflossingsafspraak namelijk dat [naam eiseres] geen beroep toekomt op de wettelijke opeisingsbevoegdheid van artikel 7:129e BW. De rechtbank zal [naam gedaagde] opdragen bewijs te leveren dat zij met [naam eiseres
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigTussenvonnis. De kantonrechter gelast een mondelinge behandeling en benoemt discussiepunten die dan worden…
Rechtbank Rotterdam|4 november 2022|ECLI:NL:RBROT:2022:9772
zijn bepaald juist is, had [gedaagde01] het geleende bedrag op grond van artikel 7:129e BW moeten terugbetalen binnen zes weken nadat [eiseres01] heeft medegedeeld tot opeising over te gaan. [eiseres01] heeft
- Civiel recht overigBodemzaakLening geen schenking. Vordering terugbetaling lening toegewezen.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|28 december 2022|ECLI:NL:RBZWB:2022:8476
geen terugbetalingstermijn overeengekomen. In dat geval geldt op grond van artikel 7:129e BW dat [opposant] het bedrag dient terug te betalen binnen zes weken nadat [geopposeerde] terugbetaling heeft gevorderd. Nu [geopposeerde
- VerbintenissenrechtBodemzaakGeldlening als vriendendienst. Uitleg contract.
Rechtbank Den Haag|20 april 2022|ECLI:NL:RBDHA:2022:3711
niet het geval was. De geldlening was dus niet rentedragend. Daarnaast gold ingevolge artikel 7:129e BW dat [gedaagde] het geleende moest terugbetalen binnen zes weken nadat [eiseres] had meegedeeld tot opeising
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudignakoming overeenkomst van geldlening, vaststelling overeengekomen rente. Geen verrekening met gestelde…
Rechtbank Midden-Nederland|16 februari 2022|ECLI:NL:RBMNE:2022:790
beoogd een zakelijke overeenkomst te sluiten (zie punt 2.2.). 3.3. Op grond van artikel 7:129e BW is de lener verplicht het door hem op grond van de overeenkomst verschuldigde terug
- Personen- en familierechtEerste aanleg - enkelvoudigInformele samenwoners, waardevermeerdering woning, lening, investeringen in woning, ongerechtvaardigde verrijking.
Rechtbank Gelderland|14 december 2022|ECLI:NL:RBGEL:2022:6931
binnen zes weken nadat [eis.conv./verw.reconv.] had medegedeeld tot opeising over te gaan (artikel 7:129e BW). Vaststaat dat [eis.conv./verw.reconv.] per brief van haar advocaat van 10 februari 2021 terugbetaling
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.