18 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVordering strekkende tot terugbetaling van de betaalde bemiddelingskosten. Artikel 7:417 lid 4 en 7:264 BW…
Rechtbank Noord-Nederland|7 mei 2019|ECLI:NL:RBNNE:2019:2797
Vordering strekkende tot terugbetaling van de betaalde bemiddelingskosten. Artikel 7:417 lid 4 en 7:264 BW. Dienen van twee heren? Verjaring? Ja, voor zover de vordering is gebaseerd op artikel 7 … BW. Geen sprake van verjaring voor zover de vordering is gebaseerd op artikel 7:264 BW. Te gelden heeft dat indien op grond van artikel 7:417 lid 4 BW vast komt
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigVordering strekkende tot terugbetaling van de betaalde bemiddelingskosten. Artikel 7:417 lid 4 en 7:264 BW…
Rechtbank Noord-Nederland|30 april 2019|ECLI:NL:RBNNE:2019:2800
Vordering strekkende tot terugbetaling van de betaalde bemiddelingskosten. Artikel 7:417 lid 4 en 7:264 BW. Dienen van twee heren? Verjaring? Ja, voor zover de vordering is gebaseerd op artikel 7 … BW. Geen sprake van verjaring voor zover de vordering is gebaseerd op artikel 7:264 BW. Te gelden heeft dat indien op grond van artikel 7:417 lid 4 BW vast komt
- Civiel recht overigHuurrecht woonruimte. Mate van contractsvrijheid bij huur van geliberaliseerde woonruimte. Overeengekomen…
Parket bij de Hoge Raad|20 december 2019|ECLI:NL:PHR:2019:1396
Toetsing door de rechter? Uitleg van art. 7:259 BW. Niet redelijk voordeel (art. 7:264 BW). PROCUREUR-GENERAAL BIJ DE HOGE RAAD DER NEDERLANDEN Nummer 19/00457 Zitting 20 december 2019 CONCLUSIE
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig"Bemiddelingsvergoeding bij verhuur, 7:264 BW jo. 7:417 BW, via website van derden".
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|27 maart 2019|ECLI:NL:RBZWB:2019:2646
Bemiddelingsvergoeding bij verhuur, 7:264 BW jo. 7:417 BW, via website van derden". RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT Cluster I Civiele kantonzaken Breda zaak/rolnr.: 7056039 CV EXPL 18-2912 vonnis … maart 2017. 3.4 De kantonrechter overweegt dat [eiser] primair een beroep doet op artikel 7:264 BW en op de nietigheid van het overeengekomen beding uit hoofde waarvan [eiser] de bemiddelingskosten heeft
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigDienen van twee heren bij bemiddeling verhuur woningen. Verjaring. Onredelijk voordeel 7:264 BW. Oneerlijke…
Rechtbank Midden-Nederland|13 november 2019|ECLI:NL:RBMNE:2019:6459
Dienen van twee heren bij bemiddeling verhuur woningen. Verjaring. Onredelijk voordeel 7:264 BW. Oneerlijke handelspraktijk 7:193b BW. Bestuurder(s) aan te merken als handelaar. Bewijslast omgekeerd ogv 6:193j … hebben gediend. Daarnaast hebben [gedaagde sub 1] c.s. structureel onredelijk voordeel genoten (ex artikel 7:264 BW), doordat tegenover de bemiddelingskosten geen of slechts een verwaarloosbare tegenprestatie stond. Hoewel [eiser/eiseres
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBemiddelingskosten bij sluiten huurovereenkomst onverschuldigd betaald. Dubbele lastgeving. Onredelijk…
Rechtbank Rotterdam|12 september 2019|ECLI:NL:RBROT:2019:7273
sluiten huurovereenkomst onverschuldigd betaald. Dubbele lastgeving. Onredelijk voordeel in de zin van artikel 7:264 BW. Nietig courtagebeding. RECHTBANK ROTTERDAM zaaknummer: 7353438 CV EXPL 18-7458 uitspraak: 12 september 2019 vonnis … onverschuldigde betaling die voortvloeit uit de nietigheid van een beding op grond van artikel 7:264 BW verjaart op grond van artikel 3:309 BW na vijf jaar. [eiser] heeft de bemiddelingskosten
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Gelderland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Civiel recht overig
Rechtbank Gelderland|27 februari 2019|ECLI:NL:RBGEL:2019:2218
bemiddelingskosten 7:427 BW en 7:264 BW Rechtbank GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Apeldoorn Zaakgegevens: 7343977 CV EXPL 18-4996 Grosse aan: eisende partij Afschrift aan: gedaagde partij Verzonden … sprake is van het bedingen van een niet redelijk voordeel als bedoeld in artikel 7:264 BW. Het beding is daarom van rechtswege nietig. Hetgeen [naam gedaagde] overigens nog heeft aangevoerd
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBemiddeling huurovk. Dienen twee heren. Art. 7:417 lid 4 en 427 BW. Onredelijk voordeel art. 7:264 BW…
Rechtbank Amsterdam|2 mei 2019|ECLI:NL:RBAMS:2019:3782
Dienen twee heren. Art. 7:417 lid 4 en 427 BW. Onredelijk voordeel art. 7:264 BW. Beëindiging bemiddelingsbedrijf op grond van artikel 2:19 lid 4 BW. Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikel … geval sprake is van een niet redelijk voordeel als bedoeld in artikel 7:264 BW. De bemiddelingskosten zijn dan onverschuldigd betaald, omdat er geen (rechts)grond voor bestaat. Tussen partijen staat deze
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudig“Bemiddelingsovereenkomst/onverschuldigd betaalde bemiddelingskosten/ dienen van twee heren.”
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|25 september 2019|ECLI:NL:RBZWB:2019:4323
Naar de kantonrechter begrijpt heeft [eiseres] echter haar vordering primair gebaseerd op artikel 7:264 BW, namelijk dat er sprake is van een onredelijk voordeel aan de zijde van [gedaagde] . Indien … datum waarop [eiseres] een stuitingshandeling heeft verricht, niet verstreken. De vordering gebaseerd op artikel 7:264 BW is dus niet verjaard. In zoverre slaagt het verweer van [gedaagde] derhalve niet. 3.5 Vervolgens
- Civiel recht overigOp tegenspraakBemiddelingsovereenkomst en betaling van bemiddelingskosten bij het sluiten van een huurovereenkomst. Er is…
Rechtbank Oost-Brabant|31 januari 2019|ECLI:NL:RBOBR:2019:4201
overeengekomen beding tot betaling van de bemiddelingskosten is nietig op grond van art. 7:264 BW. De bemiddelingskosten die [eiser] betaald heeft, zijn daarom betaald zonder rechtsgrond. Er is sprake van onverschuldigde … sprake is van een niet redelijk voordeel in de zin van art. 7:264 BW. De werkzaamheden die [gedaagden] hebben verricht, staan niet in verhouding tot de betaalde vergoeding. De verrichte werkzaamheden
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigKantonrechter boordeelt of de bedingen in de huurovereenkomst, waarin is bepaald dat huurders een éénmalige…
Rechtbank Amsterdam|29 maart 2019|ECLI:NL:RBAMS:2019:4205
genoemde kosten onder de noemer MyCastle een niet redelijk voordeel als bedoeld in artikel 7:264 BW oplevert. Het beding op grond waarvan [eisers] een bedrag € 202,50 verschuldigd zijn levert … hiervoor geciteerde overweging overweegt dat van een niet redelijk voordeel als bedoeld in artikel 7:264 BW sprake is indien tegenover het voordeel van de verhuurder (de ontvangst van extra inkomsten) ‘… geen
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigBemiddelingsovereenkomst, dienen van ‘twee heren’, verjaring, bewijsvermoeden.
Rechtbank Den Haag|27 augustus 2019|ECLI:NL:RBDHA:2019:9593
eiser] de overeenkomst wenste te vernietigen. Ten aanzien van het beroep van [eiser] op 7:264 BW stelt [gedaagde] eveneens dat de vordering is verjaard en voert [gedaagde] daarnaast … verjaringstermijn verstreken en de vordering verjaard. 4.4 De vordering is echter tevens gebaseerd op 7:264 BW. Indien sprake is van door [gedaagde] genoten onredelijk voordeel als bedoeld in dat artikel, leidt
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigDe vraag is of er sprake is van dubbele lastgeving en/of het bedingen van niet-redelijk voordeel. In dit…
Rechtbank Overijssel|16 april 2019|ECLI:NL:RBOVE:2019:1603
totstandkoming van de huurovereenkomst. Een dergelijk beding is op grond van artikel 7:264 BW nietig, aldus [eiser] . Is er sprake van dubbele lastgeving? 4.4. Maxx heeft betwist dat zij ook voor … stelt dat sprake is van een niet redelijk voordeel in de zin van artikel 7:264 BW. De werkzaamheden van Maxx waren volgens [eiser] niet van substantiële aard en staan niet
- VerbintenissenrechtEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Verbintenissenrecht
Rechtbank Midden-Nederland|27 maart 2019|ECLI:NL:RBMNE:2019:3237
heeft [handelsnaam] daarom geen recht op vergoeding van de bemiddelingskosten. Op grond van artikel 7:264 BW is het beding tot betaling van de bemiddelingskosten van rechtswege nietig. Voor een vordering … grond van artikel 7:264 BW geldt een verjaringstermijn van vijf jaar. Op 31 augustus 2013 heeft [eiseres] de factuur voor de bemiddelingskosten voldaan en op 27 oktober 2016 heeft [eiseres] door
- Civiel recht overigHoger beroepVraag of sprake is van een onlosmakelijk verband tussen huurovereenkomst van een appartement in…
Gerechtshof 's-Hertogenbosch|27 augustus 2019|ECLI:NL:GHSHE:2019:3185
Vraag of sprake is van een onlosmakelijk verband tussen huurovereenkomst van een appartement in seniorencomplex en een overeenkomst van services en diensten, met als gevolg dat de laatstgenoemde overeenkomst niet opzegbaar is zonder gelijktijdige opzegging van de huurovereenkomst. Het hof beantwoordt die vraag evenals…
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigEen huurder van een woning hoeft in plaats van 4 maar 2 maanden huur als waarborgsom te betalen en mag daar…
Rechtbank Amsterdam|4 maart 2019|ECLI:NL:RBAMS:2019:1490
redelijk voordeel voor CBRE oplevert, zodat deze moet worden afgewezen, geldt dat ingevolge artikel 7: 264 BW elk beding, dat is gemaakt in verband met de totstandkoming van een huurovereenkomst betreffende woonruimte … reden had, levert het beding een niet redelijk voordeel in de zin van artikel 7:264 BW op voor CBRE. Het stellen van de waarborgsom op ruim vier maal de huur zonder
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigHuur woonruimte. Redelijkheid van de overeengekomen huurprijs. Huurder en verhuurder hebben twee…
Rechtbank Noord-Nederland|4 juni 2019|ECLI:NL:RBNNE:2019:4379
vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: primair I. op de voet van artikel 7:264 BW wordt bepaald dat de huurovereenkomst ten aanzien van de parkeerplaats nietig wordt verklaard … vordering dat de huurovereenkomst ten aanzien van de parkeerplaats op de voet van artikel 7:264 BW nietig wordt verklaard, zal worden afgewezen omdat de kantonrechter hiervoor heeft geoordeeld dat partijen gezien
- Civiel recht overigEerste aanleg - enkelvoudigNietig beding tot betalen van bemiddelingskosten. Vordering is niet verjaard.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant|27 maart 2019|ECLI:NL:RBZWB:2019:3270
voorgaande betekent dat de stelling van [gedaagden] bij dupliek dat uitgangspunt is dat artikel 7:264 BW alleen van toepassing is bij eenzijdige bemiddeling, moet worden gepasseerd en dat de kantonrechter over
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.