30 uitspraken gevonden
Sorteer op: Relevantie
- BelastingrechtHoger beroepArt. 8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde…
Gerechtshof Den Haag|5 maart 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:714
8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde griffierecht niet betaald. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de ontvangst
- BelastingrechtHoger beroepArt. 8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde…
Gerechtshof Den Haag|5 maart 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:713
8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde griffierecht niet betaald. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de ontvangst
- BelastingrechtHoger beroepArt. 8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde…
Gerechtshof Den Haag|5 maart 2024|ECLI:NL:GHDHA:2024:712
8:41 Awb, art. 8:88 Awb, art. 8:108 Awb en art. 8:109 Awb. In hoger beroep is het verschuldigde griffierecht niet betaald. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat de ontvangst
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|8 november 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:6219
wegingsfactor 1). 5. Verweerder moet ook het griffierecht van € 365,- aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank: - veroordeelt verweerder tot betaling van € 875,- aan proceskosten; - draagt verweerder
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|14 november 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:6079
vergoed kunnen worden. 4. Verweerder moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb). Dit volgt rechtstreeks uit de wet. In dit geval gaat het om een bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|30 mei 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:3780
vergoed kunnen worden. 4. Verweerder moet wel het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Dit volgt rechtstreeks uit de wet. In dit geval gaat het om een bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|21 mei 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:3778
vergoed kunnen worden. 4. Verweerder moet wel het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb). Dit volgt rechtstreeks uit de wet. In dit geval gaat het om een bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|30 mei 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:3776
toegepast. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb) Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag betalen
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|16 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1651
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|30 mei 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:3777
toegepast. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb) Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag betalen
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|16 januari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1658
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|21 mei 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:3775
toegepast. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag betalen
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|16 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1649
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- BestuursprocesrechtEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursprocesrecht
Rechtbank Midden-Nederland|20 maart 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:2192
toegepast. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank: - veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten; - draagt verweerder op het betaalde griffierecht
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigProceskostenveroordeling toegewezen.
Rechtbank Midden-Nederland|16 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1653
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|9 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1656
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|16 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1664
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|9 februari 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:1655
wegingsfactor 0,25. 5. Verweerder moet ook het griffierecht aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten. Verweerder moet dit bedrag
- BestuursprocesrechtEerste aanleg - enkelvoudigBNT UHT. Verweerder heeft alsnog een besluit genomen op de aanvraag van verzoekster. Verzoekster heeft daarna…
Rechtbank Midden-Nederland|23 april 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:2568
toegepast. 5. Verweerder moet ook het griffierecht van € 51,- aan verzoekster betalen (artikel 8:41 Awb). Beslissing De rechtbank: - veroordeelt verweerder tot betaling van € 218,75 aan proceskosten; - draagt verweerder
- Bestuursrecht overigEerste aanleg - enkelvoudigRechtbank Midden-Nederland · Eerste aanleg - enkelvoudig · Bestuursrecht overig
Rechtbank Midden-Nederland|20 december 2024|ECLI:NL:RBMNE:2024:7565
wegingsfactor 1). 7. Het Uwv moet ook het griffierecht aan verzoeker betalen (artikel 8:41 Awb). Dit volgt rechtstreeks uit de wet. In dit geval gaat het om een bedrag
Zoektips
Een ECLI (ook kort, zoals HR:2020:2020), LJN of vindplaats (NJ 2019/123) opent direct de uitspraak. Gebruik aanhalingstekens voor een exacte woordgroep (“ontslag op staande voet”), OR voor alternatieven (huur OR pacht), een sterretje voor woorddelen (huur* vindt ook huurder) en een minteken om een woord uit te sluiten.