Rechtbank Den Haag · 27 februari 2014
Celstraffen voor inbrekers
De rechtbank Den Haag heeft een groep jongemannen veroordeeld voor het al of niet gezamenlijk plegen van een groot aantal inbraken. De straffen lopen uiteen van taakstraffen tot celstraffen oplopend tot dertig maanden voor een 21-jarige man. Hij heeft zich schuldig gemaakt aan vier inbraken, een poging tot inbraak en aan het witwassen van een aanzienlijke hoeveelheid goederen ten bedrage van bijna € 12.000, vooral sieraden.De mannen pleegden vele woninginbraken in de Haagse Spoorwijk. In een van die woningen is door de inbrekers zelfs gegeten en geslapen. Dit gaat volgens de rechtbank verder dan enkel een gebrek aan respect voor andermans eigendommen. Het toont een totale minachting voor de privéomgeving van een ander.
Een van de medeplegers heeft na acht maanden voorarrest zijn leven weer op de rit gekregen. Hij is inmiddels weer aan het werk. In de periode dat hij eerder als matroos werkzaam was, is hij niet met justitie in aanraking gekomen. De rechtbank is wat hem betreft van oordeel dat zowel de maatschappij als veroordeelde erbij gebaat zijn dat hij op de nu ingeslagen weg voort kan gaan. Zij zal dus niet overgaan tot het opleggen van een langere gevangenisstraf dan de aanzienlijke tijd die hij al in voorarrest heeft vastgezeten, zodat de man niet terug hoeft naar de gevangenis. Wel is de rechtbank van oordeel dat hij aanvullend nog een werkstraf van 180 uur zal moeten verrichten en wordt een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd voor de duur van een jaar, met een proeftijd van drie jaar.
Uitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)