Alle nieuws

Rechtbank Rotterdam · 7 maart 2014

Verdachte van moord vrijgesproken

De rechtbank Rotterdam heeft vrijdag 7 maart 2014 een 40-jarige verdachte van de moord op een man vrijgesproken. Het 44-jarige slachtoffer werd met diverse schotwonden, waaronder één in het hoofd, op 10 januari 2013 dood aangetroffen in een Turkse Vereniging in Rotterdam.

De officier van justitie had twee weken geleden nog 15 jaar celstraf geëist tegen de verdachte, wiens vrouw een verhouding had met het slachtoffer. Hiervan was de verdachte op de hoogte. Volgens het openbaar ministerie diende de moord te worden bewezen op grond van een samenstel van gebeurtenissen en de vastgestelde feiten. Zo was de verdachte samen met het slachtoffer enige tijd alleen in de Turkse Vereniging en had hij dus de gelegenheid om het slachtoffer te doden. Ook is hij in de nacht waarin het slachtoffer is gedood teruggegaan naar de vereniging om de telefoon van het slachtoffer waarmee hij het contact met de echtgenote van de verdachte onderhield, weg te nemen.

Daarnaast moest volgens de officier van justitie de mogelijkheid dat een ander dan de verdachte het slachtoffer heeft doodgeschoten, in redelijkheid worden uitgesloten. Er zaten schotresten op de jas en spijkerbroek van de verdachte. Ook zijn er schotresten gevonden op de kleding van het slachtoffer. De kans dat die uit dezelfde bron komen is even groot als  dat die schotresten uit verschillende bronnen komen, zodat daaraan onvoldoende bewijs kan worden ontleend.
 
De rechtbank heeft voorop gesteld dat de inhoud van het dossier geen rechtstreeks bewijs bevat op grond waarvan de verdachte als de schutter kan worden aangewezen.

Vervolgens is de rechtbank echter van oordeel dat al hetgeen door de officier van justitie naar voren is gebracht – ook als het in samenhang wordt bezien –  tot zodanige twijfel aan de schuld van de verdachte leidt, dat op basis daarvan niet kan worden gesproken van wettig en overtuigend bewijs. In zo’n geval laat de wet maar één keuze: vrijspraak.

De rechtbank realiseert zich bij dit oordeel terdege dat veel vragen onbeantwoord blijven en dat de dingen kunnen zijn gegaan zoals de officier van justitie heeft betoogd. Echter, de enkele mogelijkheid is onvoldoende voor een veroordeling.

Uitspraken in dit bericht

Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)