Rechtbank Noord-Holland · 14 april 2015
Tussenvonnis Andijkse zaak: observatie verdachte in PBC noodzakelijk
De rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar heeft op 14 april 2015 een tussenvonnis gewezen in de zaak van de 39-jarige vrouw die verdacht wordt van poging tot moord/doodslag op haar echtgenoot. De vrouw zou op 3 oktober 2014 in Medemblik haar man diverse keren hebben gestoken met een mes en hem hebben geslagen met een honkbalknuppel of een ander hard voorwerp. De vrouw zegt zich niets te kunnen herinneren van de toedracht.
De rechtbank is van oordeel dat het persoonlijkheidsonderzoek in deze zaak onvolledig is geweest. De vrouw wordt verdacht van een zeer ernstig en gruwelijk feit. Er heeft weliswaar (neuro-) psychologisch onderzoek plaatsgevonden bij verdachte maar dat heeft zich vooral gericht op het door haar gestelde geheugenverlies. Bij de rechtbank zijn ook andere vragen gerezen over de persoonlijkheid van verdachte zodat aanvullend onderzoek noodzakelijk is. Naar het oordeel van de rechtbank moet dat plaatsvinden middels observatie van verdachte in het Pieter Baan Centrum (PBC).
Verwijzing van de zaak naar de rechter-commissarisUitspraken in dit bericht
Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)