Alle nieuws

Rechtbank Oost-Brabant · 17 september 2013

Udense vastgoedondernemer langer vast

De Udense vastgoedondernemer die op 10 september 2013 in bewaring is gesteld, wordt nog niet vrijgelaten. De rechtbank Oost-Brabant heeft vandaag een verzoek van de man afgewezen om de inbewaringstelling op te heffen.

Voorgeschiedenis

Beslissing van de rechtbank

De rechtbank heeft de man vervolgens op 13 september 2013 gehoord. Hij heeft de rechtbank toen gevraagd zijn inbewaringstelling op te heffen. Dit verzoek heeft de rechtbank vandaag afgewezen.
De rechtbank oordeelt dat de man onvoldoende informatie heeft gegeven aan de curatoren. De rechtbank komt tot deze conclusie omdat is gebleken dat de man zijn digitale privéadministratie pas aan de curatoren heeft gegeven nadat hij kwam vast te zitten. Ook toen pas vertelde hij de verblijfplaats van een aantal waardevolle auto’s. Ook houdt de man zich niet aan een eerdere uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 28 mei 2013 (ECLI:NL:RBOBR:2013:4282), waarin de omvang van de informatieverplichting van de man werd vastgesteld.

Wat is een inbewaringstelling op grond van de Faillissementswet?

Inbewaringstelling moet niet worden gezien als een straf, maar als een middel om iemand die failliet is verklaard te dwingen zich aan de verplichtingen uit de Faillissementswet te houden. De verplichting tot het verstrekken van informatie die curatoren nodig hebben om hun taak uit te kunnen oefenen, is een van deze verplichtingen. De inbewaringstelling duurt maximaal dertig dagen. Op verzoek van de rechter-commissairs en de curator kan de rechtbank de inbewaringstelling met opnieuw dertig dagen verlengen. Een verlenging van de inbewaringstelling is meerdere malen mogelijk.

Uitspraken in dit bericht

Bron: rechtspraak.nl (de oorspronkelijke pagina is niet meer online)