Socialezekerheidsrecht

Hoger beroep niet-ontvankelijk. Overlijden belanghebbende. De Raad is niet gebleken van erfgenamen die…

Centrale Raad van Beroep, 30 juli 2026

Zaakgegevens

Op 30 juli 2026 heeft de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over socialezekerheidsrecht.

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
30 juli 2026
Datum publicatie
5 augustus 2026
Zaaknummer
23/2820 VALYS-PV
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CRVB:2026:1021
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Hoger beroep niet-ontvankelijk. Overlijden belanghebbende. De Raad is niet gebleken van erfgenamen die appellante als partij in het geding zijn opgevolgd en die het geding zouden willen voortzetten. Ook na de oproep van de Raad in de Staatscourant heeft niemand zich als partij in dit geding gemeld. Dit betekent dat er geen procesbelang meer is bij een beoordeling van het hoger beroep.

Uitspraak

23/2820 VALYS-PV

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 18 augustus 2023, 22/5673 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

wijlen [appellante] , in leven laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] (appellante)

MedTadvies B.V. (voorheen: FMMU Advies B.V.) (MedTadvies)

Datum uitspraak: 30 juli 2026

Zitting heeft: L.M. Tobé

Griffier: A.A. Verweij

De zitting is gehouden op 30 juli 2026. Namens appellante is niemand ter zitting verschenen. Ook MedTadvies is niet verschenen.


BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.

OVERWEGINGEN

  1. De indiener van het hoger beroep, appellante, is overleden. Daarmee is haar belang bij voortzetting van het geding komen te vervallen.

  2. Niet gebleken is van erfgenamen die appellante als partij in dit geding zijn opgevolgd en die het geding zouden willen voortzetten.

  3. Gelet op het bepaalde in artikel 8:26, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, is in de Staatscourant van 18 juni 2026 de behandeling van de zaak op de zitting van 30 juli 2026 aangekondigd.

  4. Ook na de oproep in de Staatscourant heeft niemand zich als partij in dit geding gemeld.

  5. Dit betekent dat er geen processueel belang meer is om het hoger beroep te beoordelen. Het hoger beroep zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.

  6. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer

(getekend) A.A. Verweij (getekend) L.M. Tobé