Ambtenarenrecht
Instellen van bezwaar tegen fictieve weigering is na verstrijken van bezwaartermijn ingediend.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, 15 april 2019
ECLI:NL:OGHACMB:2019:40 · Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba · 15 april 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gemeenschappelijk-hof-van-justitie-van-aruba-curacao-sint-maarten-en-van-bonaire-sint-eustatius-en-saba/bestuursrecht/ambtenarenrecht/eerste-aanleg-enkelvoudig/ecli-nl-oghacmb-2019-40
Zaakgegevens
Op 15 april 2019 heeft het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ambtenarenrecht.
- Datum uitspraak
- 15 april 2019
- Datum publicatie
- 26 april 2019
- Zaaknummer
- SXM201801290-GAZ 38/2018
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht » Ambtenarenrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudigEnkelvoudige kamerDe zaak is behandeld door één rechter.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGHACMB:2019:40
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Instellen van bezwaar tegen fictieve weigering is na verstrijken van bezwaartermijn ingediend.
Uitspraak
Zaaknummer: SXM201801290- GAZ 38/2018
Datum: 15 april 2019
HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN SINT MAARTEN
UITSPRAAK
In het geding van:
(klager),
klager,
gemachtigde: dhr. L.C.J. LEWIS,
tegen
DE MINISTER VAN JUSTITIE VAN HET LAND SINT MAARTEN,
gezeteld te Sint Maarten,
verweerder,
gemachtigde: mr. A.A. KRAAIJEVELD.
1 Aanduiding bestreden besluit
De fictieve weigering van verweerder om te beslissen op het bezwaarschrift van klager, verwoord in zijn brief van 13 februari 2018 betreffende bevordering/benoeming in de functie van Tactisch Rechercheur alsmede vaststelling van zijn rechtspositie.
2 Het procesverloop
Op 5 oktober 2018 is ter griffie van het gerecht in ambtenarenzaken (hierna: het gerecht) een bezwaarschrift (met producties) ingediend.
Aan verweerder is gelegenheid geboden voor het indienen van een contramemorie. Daarvan heeft verweerder geen gebruik gemaakt.
Namens klager zijn op 4 maart 2019 aanvullende stukken in het geding gebracht.
Op 4 maart 2019 heeft verweerder pleitaantekeningen (met producties) op voorhand van de behandeling ingediend.
Mondelinge behandeling van het bezwaarschrift heeft plaatsgevonden op 11 maart 2019. Klager is in persoon verschenen bijgestaan door zijn gemachtigde voornoemd. Verweerder is bij zijn gemachtigde genoemd verschenen die op schrift gestelde pleitaantekeningen heeft overgedragen.
Uitspraak is bepaald op heden.
3 De beoordeling/ de ontvankelijkheid
Artikel 35 van de Regeling Ambtenarenrechtspraak 1951 (Rar) bepaalt dat een bezwaarschrift kan worden ingediend ter zake dat beschikkingen, handelingen of weigeringen (om te beschikken of te handelen), ten aanzien van een ambtenaar als zodanig, zijn nagelaten betrekkingen of rechtverkrijgende door een administratief orgaan genomen, verricht of uitgesproken, feitelijk of rechtens met de toepasselijke algemeen verbindende voorschriften strijden of dat bij het nemen, verrichten of uitspreken daarvan het administratief orgaan van zijn bevoegdheid kennelijk een ander gebruik heeft gemaakt dan tot de doeleinden, waarvoor die bevoegdheid is gegeven.
Artikel 41, eerste lid, van de Rar bepaalt, zover hier van belang, dat het bezwaarschrift [bedoeld wordt: het bezwaarschrift bij het Gerecht] moet worden ingediend binnen dertig dagen na de dag waarop de aangevallen weigering is uitgesproken. Het tweede lid bepaalt dat een orgaan wordt geacht de weigering tot het nemen van een beschikking te hebben uitgesproken, indien het binnen de daarvoor bepaalde tijd of, waar een tijdsbepaling ontbreekt, binnen redelijke tijd een verplichte beschikking niet genomen heeft. In dit geval loopt de termijn van dertig dagen van de dag, waarop de weigering geacht wordt te zijn uitgesproken.
Artikel 14, eerste lid van het Landsbesluit bezwaarschriften ambtenaren bepaalt dat het bevoegde gezag beslist uiterlijk vier maanden na de datum van indiening van het bezwaarschrift. Deze termijn kan eenmaal met ten hoogste dertig dagen worden verlengd.
Verweerder heeft primair aangevoerd dat het beroep niet ontvankelijk is omdat het te laat is ingesteld.
Dit verweer slaagt. Het Gerecht stelt vast dat klager met zijn bezwaarschrift is opgekomen tegen het landsbesluit van 12 januari 2018 dat aan klager op 12 februari 2018 is bekend gemaakt. Laatstgenoemde datum heeft te gelden als aanvangsdatum voor de bezwaartermijn van dertig dagen, die dus eindigde op 13 maart 2018. Klager heeft zijn bezwaar bij de Gouverneur op 13 februari 2018 ingediend. Deze heeft het bezwaar doorgestuurd naar verweerder. Dit betekent dat verweerder uiterlijk tot 13 juni 2018, nu niet gebleken is van verlenging, kon beslissen. Op grond hiervan is op 13 juni 2018 de weigering ontstaan. Klager had dus zijn bezwaarschrift bij het Gerecht uiterlijk op vrijdag 30 juli 2018 moeten indienen. Op 5 oktober 2018, toen klager zijn bezwaarschrift bij het Gerecht heeft ingediend was de bezwaartermijn verstreken. Klager heeft dus zijn bezwaarschrift bij het Gerecht te laat ingediend. Het Gerecht stelt vast dat tijdens de behandeling ter zitting geen omstandigheden zijn aangevoerd, waaruit blijkt dat de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Het bezwaar zal dan ook niet-ontvankelijk worden verklaard.
Volledigheidshalve overweegt het Gerecht dat deze niet-ontvankelijkverklaring voor klager met zich meebrengt dat niet meer in rechte afdwingbaar is dat verweerder een beslissing neemt op het bezwaar van klager van 13 februari 2018. Het neemt echter niet weg dat op verweerder nog wel de plicht rust deze beslissing te nemen.
4 Beslissing
Het Gerecht in ambtenarenzaken:
verklaart het bezwaar niet- ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. C.W.M. Giesen, rechter in het gerecht in ambtenarenzaken van Sint Maarten, en uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier op 15 april 2019.
Tegen deze uitspraak is hoger beroep mogelijk. Zie titel IV van de regeling Ambtenarenrechtspraak.