Civiel recht overig
Kort Geding. Het is niet mogelijk om een niet langer bestaande (rechts)persoon in rechte te betrekken. Ten…
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba, 2 mei 2018
ECLI:NL:OGEAA:2018:252 · Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba · 2 mei 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerecht-in-eerste-aanleg-van-aruba/civiel-recht/civiel-recht-overig/kort-geding/ecli-nl-ogeaa-2018-252
Zaakgegevens
Op 2 mei 2018 heeft het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba in kort geding uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Datum uitspraak
- 2 mei 2018
- Datum publicatie
- 8 mei 2018
- Zaaknummer
- K.G. no. AUA201800653
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Kort gedingKort gedingEen snelle procedure bij de voorzieningenrechter voor spoedeisende zaken, met een voorlopig oordeel.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:OGEAA:2018:252
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Kort Geding. Het is niet mogelijk om een niet langer bestaande (rechts)persoon in rechte te betrekken. Ten overvloede en bij wijze van dienstverlening wijst het Gerecht eisers (mede op de voet van artikel 118 Rv) op het bepaalde in artikel 3:28 BW in verbinding met 3:29 BW ter zake van waardeloze inschrijvingen. Eisers dienen in een zogeheten E.J. procedure (waarbinnen ook een voorlopige voorziening kan worden verzocht) met betrekking tot voormeld beslag het Gerecht te verzoeken om een verklaring in de zin van het eerste lid van artikel 3:29 BW.
Uitspraak
Vonnis van 2 mei 2018
Behorend bij K.G. no. AUA201800653
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
1. [eiseres 1],
2. [eiseres 2],
3. [eiser 3],
allen wonende in Nederland, en allen voor deze zaak gedomicilieerd in Aruba ten kantore van hun hierna genoemde in Aruba gevestigde advocaat,
eisers,
hierna gezamenlijk ook te noemen: [eisers],
gemachtigde: de advocaat mr. G. de Hoogd,
tegen:
de naamloze vennootschap
D.W. HOUSING DEVELOPMENT ARUBA N.V.,
te Aruba,
gedaagde,
hierna ook te noemen: Housing,
niet verschenen.
1 DE PROCEDURE
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift, met producties;
- de aantekeningen van de griffier van de mondelinge behandeling van de zaak ter terechtzitting van 6 april 2018.
[eisers] zijn ter zitting verschenen bij hun gemachtigde. De behoorlijk opgeroepen Housing is niet verschenen. Er is geen verstek verleend, omdat dit naar het oordeel van het Gerecht om de hierna onder 3.2 omschreven reden niet mogelijk is. [eisers] hebben ter zitting het woord gevoerd, en zij hebben gepersisteerd in hun vorderingen en hun daaraan ten gronde gelegde stellingen.
Vonnis is bepaald op heden.
2 DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN
[eisers] vorderen dat het Gerecht bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:
a. het in opdracht van Housing op of omstreeks 4 maart 1996 door deurwaarder [naam deurwaarder[ gelegde conservatoire beslag op de woning van eiseres sub 1, gelegen in Aruba te [adres], plaatselijk bekend als Land Aruba, Eerste Afdeling, Sektie [letter], # [nummers] opheft of doet opheffen dan wel doorhaalt of doet doorhalen;
b. te dezen een andere juist voorkomende subsidiaire beslissing neemt;
c. Housing veroordeelt in de proceskosten.
De niet verschenen Housing heeft geen verweer gevoerd.
3 DE BEOORDELING
Uit het door [eisers] overgelegde uittrekstel van de Kamer van Koophandel van Aruba blijkt dat Housing per 1 september 2001 is doorgehaald. Daaruit volgt naar het oordeel van het Gerecht dat Housing vanaf die datum heeft te gelden als niet langer bestaand. De stelling van [eisers], dat Housing sinds bedoelde doorhaling blijft voortbestaan als een vennootschap in liquidatie, is naar het oordeel van het Gerecht niet juist. Het gegeven dat Housing is doorgehaald in de registers van de Kamer van Koophandel brengt met zich dat sprake is van een geliquideerde vennootschap.
Het is naar het verdere oordeel van het Gerecht rechtens niet mogelijk om een niet langer bestaande (rechts)persoon in rechte te betrekken. [eisers] zullen daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen. Een proceskostenveroordeling kan uitblijven.
Ten overvloede en bij wijze van dienstverlening wijst het Gerecht [eisers] (mede op de voet van artikel 118 Rv) op het bepaalde in artikel 3:28 BW in verbinding met 3:29 BW ter zake van waardeloze inschrijvingen. [eisers] dienen in een zogeheten E.J. procedure (waarbinnen ook een voorlopige voorziening kan worden verzocht) met betrekking tot voormeld beslag het Gerecht te verzoeken om een verklaring in de zin van het eerste lid van artikel 3:29 BW.
4 DE BESLISSING
Het Gerecht, rechtdoende in kort geding:
-verklaart [eisers] niet-ontvankelijk in hun vorderingen.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H.M. van de Leur, rechter, en in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op woensdag 2 mei 2018.