Civiel recht overig
Arrest Gerechtshof Amsterdam d.d. 18 juni 2013; FAYREFIELD FOODS LTD / PLEMACO B.V.
Gerechtshof Amsterdam, 18 juni 2013
ECLI:NL:GHAMS:2013:4741 · Gerechtshof Amsterdam · 18 juni 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/civiel-recht-overig/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2013-4741
Zaakgegevens
Op 18 juni 2013 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 18 juni 2013
- Datum publicatie
- 23 december 2013
- Zaaknummer
- 200.127.833/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- <emphasis role="bold">mr. A.M Boot</emphasis>, <emphasis role="bold">mr. A.F Ammerlaan</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2013:4741
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Arrest Gerechtshof Amsterdam d.d. 18 juni 2013; FAYREFIELD FOODS LTD / PLEMACO B.V.
Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
Enkelvoudige burgerlijke kamer
ARREST in de zaak van:
de besloten vennootschap naar het recht van het Verenigd Koninkrijk
FAYREFIELD FOODS LTD.,
gevestigd te Crewe (Cheshire, Verenigd Koninkrijk),
appellante,
advocaat: mr. A.M. Boot, kantoorhoudende te Amsterdam,
tegen:
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PLEMACO B.V.,
gevestigd te Berkelland,
geïntimeerde,
advocaat: mr. A.F. Ammerlaan, kantoorhoudende te Dordrecht.
1 Het geding in hoger beroep
Appellante heeft bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor de Ondernemingskamer van dit hof.
De zaak is op 4 juni 2013 op de rol aangebracht en geïntimeerde is bij advocaat verschenen.
2 Beoordeling
Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen.
De comparitie zal niet doorgaan indien partijen het griffierecht niet tijdig hebben betaald.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.
Indien beide partijen uiterlijk op de roldatum van 2 weken na heden de raadsheercommissaris gezamenlijk verzoeken van de comparitie af te zien, zal deze geen doorgang vinden en zal een roldatum worden bepaald voor memorie van grieven.
3. Beslissing
Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun raadslieden zullen verschijnen voor het tot raadsheercommissaris benoemde lid van het hof mr. P. Ingelse, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie aan het IJdok 20 te Amsterdam op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2.1 omschreven doel;
bepaalt dat partijen binnen 2 weken na heden op de rol hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 4 maanden kunnen opgeven, waarna de raadsheercommissaris de dag en het tijdstip van de comparitie zal vaststellen, in welk geval behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de comparitie meer zal worden verleend;
bepaalt dat appellante uiterlijk 2 weken na heden een kopie van het volledige procesdossier (de stukken van de eerste aanleg met inbegrip van de producties en de appeldagvaarding) zal indienen bij het hof (ter attentie van de Ondernemingskamer);
bepaalt dat partijen uiterlijk 2 weken vóór de dag van de comparitie de bescheiden waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, in kopie over zullen leggen door toezending aan de raadsheercommissaris (te attentie van de Ondernemingskamer) en de wederpartij;
houdt verder elke beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door de rolraadsheer mr. J.C. Toorman en door hem op 18 juni 2013 uitgesproken in het openbaar.