Ondernemingsrecht

Toewijzing verzoek verhoging onderzoekskosten.

Gerechtshof Amsterdam, 16 oktober 2015

Zaakgegevens

Op 16 oktober 2015 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over ondernemingsrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
16 oktober 2015
Datum publicatie
29 oktober 2015
Zaaknummer
200.165.446/01 OK
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Advocaat
<emphasis role="bold">mr. H.P Plas</emphasis>, <emphasis role="bold">mr. R.S van der Spek</emphasis> te Leeuwarden, <emphasis role="bold">mr. R.S. van der Spek</emphasis> te Leeuwarden
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2015:4411
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Toewijzing verzoek verhoging onderzoekskosten.

Uitspraak

[afbeelding niet beschikbaar]

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.165.446/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 16 oktober 2015

inzake

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

THRINON INVEST B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ASBEL MANAGEMENT B.V.,

beide gevestigd te Enschede,

VERZOEKSTERS,

advocaat: mr. H.P. Plas, kantoorhoudende te Zwolle,

t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BEDRIJVEN- EN KANTORENCENTRUM LANSINKVESTE B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BEDRIJVENPARK CENTRUM ALMELO B.V.,

beide gevestigd te Hengelo,

VERWEERSTERS,

advocaat: mr. R.S. van der Spek te Leeuwarden,

e n t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[X] ,

gevestigd te [....] ,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BÜTER HYDRAULICS BEHEER B.V.,

gevestigd te Emmen,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[Y] ,

gevestigd te [....] ,

4. [Z],

wonende te [....] ,

5. [A],

wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDEN,

advocaat: mr. R.S. van der Spek te Leeuwarden.

1. Het verloop van het geding

1.1 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 7 juli 2015 en 13 juli 2015 in deze zaak.

1.2 Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer - voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Bedrijven- en Kantorencentrum Lansinkveste B.V. en Bedrijven Park Centrum Almelo B.V., het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 30.000 (de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen) en mr. G.W. Breuker als onderzoeker aangewezen.

1.3 Bij brief van 25 september 2015 heeft de onderzoeker de Ondernemingskamer verzocht het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten te verhogen tot € 45.000 (de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen).

1.4 Bij brief van 30 september 2015 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld eventuele bezwaren tegen het verzoek van de onderzoeker uiterlijk op 12 oktober 2015 aan de Ondernemingskamer kenbaar te maken.

1.5 Van (de advocaten van) partijen is in dit verband niet vernomen.

2 De gronden van de beslissing

Nu partijen geen bezwaren tegen het verzoek tot verhoging van het onderzoeksbudget kenbaar hebben gemaakt en de Ondernemingskamer dat verzoek niet onredelijk voorkomt, zal zij het verzoek toewijzen als hierna te vermelden.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

verhoogt het bedrag dat het bij beschikking van 7 juli 2015 bevolen onderzoek ten hoogste mag kosten tot € 45.000, de verschuldigde omzetbelasting daaronder niet begrepen, en bepaalt dat Bedrijven- en Kantorencentrum Lansinkveste B.V. en Bedrijven Park Centrum Almelo B.V. ten genoegen van de onderzoeker aanvullende zekerheid dienen te stellen voor de betaling van dit bedrag;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar

en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en H. de Munnik en drs. J. van den Belt, raden, in

tegenwoordigheid van mr. M.A. Sterk, griffier, en gewezen en uitgesproken ter openbare

terechtzitting van de Ondernemingskamer van 16 oktober 2015.