Personen- en familierecht
OK; enquêterecht; beëindiging van het onderzoek en opheffing van de onmiddellijke voorzieningen
Gerechtshof Amsterdam, 7 april 2016
ECLI:NL:GHAMS:2016:1337 · Gerechtshof Amsterdam · 7 april 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/civiel-recht/personen-en-familierecht/eerste-aanleg-meervoudig/ecli-nl-ghams-2016-1337
Zaakgegevens
Op 7 april 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam in eerste aanleg uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 april 2016
- Datum publicatie
- 8 april 2016
- Zaaknummer
- 200.149.592/01 OK
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudigMeervoudige kamerDe zaak is behandeld door drie rechters samen, meestal omdat zij ingewikkeld of zwaar is.Meer uitleg
- Advocaat
- voorheen <emphasis role="bold">mr. W.A.J. Hagen</emphasis>
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2016:1337
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
OK; enquêterecht; beëindiging van het onderzoek en opheffing van de onmiddellijke voorzieningen
Uitspraak
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.149.592/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 7 april 2016
inzake
[A] ,
wonende te [....] ,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. S.M.A.M. Timmermans, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MENTAVITALIS B.V.,
gevestigd te Maarn, gemeente Utrechtse Heuvelrug,
VERWEERSTER,
niet verschenen,
e n t e g e n
[B] ,
wonende te [....] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: voorheen mr. W.A.J. Hagen, kantoorhoudende te Arnhem, thans mr. Th.H.A. Teeuwen, kantoorhoudende te Tiel.
1 Het verloop van het geding
Verzoekster, verweerster en belanghebbende worden hierna respectievelijk aangeduid als [A] , MentaVitalis en [B] .
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar de beschikkingen van 23 oktober en 27 oktober 2014.
Bij de beschikking van 23 oktober 2014 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van MentaVitalis over de periode vanaf 1 oktober 2008, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, alsmede – bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding – [B] geschorst als commissaris van MentaVitalis en een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot commissaris van MentaVitalis. Bij de beschikking van 27 oktober 2014 zijn mr. J.H. van Woudenberg te Amsterdam (hierna: Van Woudenberg) en mr. H.F. Doeleman te Amsterdam (hierna: Doeleman) aangewezen als respectievelijk onderzoeker en commissaris zoals bedoeld in voormelde beschikking.
Mr. Evers voornoemd heeft bij brief van 10 maart 2016 namens [A] verzocht de zaak te beëindigen nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen die aan hun geschillen een einde heeft gemaakt.
Doeleman heeft bij e-mailbericht van 10 maart 2016 bevestigd dat tussen partijen een minnelijke regeling is getroffen en gemeld dat zijn declaraties zijn voldaan dan wel zullen worden voldaan en dat hij instemt met beëindiging van de zaak.
Van Woudenberg heeft bij e-mailbericht van 11 maart 2016 gemeld dat ook haar declaraties zijn voldaan en dat er nog een laatste bedrag door verrekening zal worden betaald.
Mr. Teeuwen voornoemd heeft bij brief van 24 maart 2016 onder verwijzing naar de in 1.4 genoemde brief van mr. Evers, gemeld dat onderhavige zaak kan worden doorgehaald.
2 De gronden van de beslissing
Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen en partijen eenparig een verzoek hebben gedaan dat strekt tot beëindiging van het bevolen onderzoek en tot opheffing van de onmiddellijke voorzieningen, en voldoende naar voren is gekomen dat Doeleman en Van Woudenberg daarmee instemmen, zal de Ondernemingskamer dienovereenkomstig beslissen.
3 De beslissing
De Ondernemingskamer:
beëindigt, met ingang van heden, het bij beschikking van 23 oktober 2014 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van MentaVitalis B.V., gevestigd te Maarn;
heft op, met ingang van heden, de bij beschikking van 23 oktober 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en dr. P.M. Verboom en mr. drs. B.M. Prins RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 7 april 2016.