Strafrecht overig
Dagvaarding in hoger beroep nietig.
ECLI:NL:GHAMS:2016:5639 · Gerechtshof Amsterdam · 7 november 2016
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/gerechtshof-amsterdam/strafrecht/strafrecht-overig/hoger-beroep/ecli-nl-ghams-2016-5639
Zaakgegevens
Op 7 november 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Gerechtshof AmsterdamGerechtshofDe rechter in hoger beroep in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Nederland heeft vier gerechtshoven.Meer uitleg
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Datum uitspraak
- 7 november 2016
- Datum publicatie
- 28 december 2016
- Zaaknummer
- 23-002828-16
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Hoger beroepHoger beroepEen hogere rechter behandelt de zaak opnieuw, zowel de feiten als het recht, omdat een partij het niet eens is met de eerste uitspraak.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:GHAMS:2016:5639
Samenvatting
Dagvaarding in hoger beroep nietig.
Uitspraak
Inhoudsopgave
parketnummer: 23-002828-16
datum uitspraak: 7 november 2016
NIET VERSCHENEN
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Haarlem van 14 augustus 2012 in de strafzaak onder parketnummer
96-029642-12 tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1990,
adres: [adres 1] ,
thans uit anderen hoofde gedetineerd in Detentiecentrum Alphen aan den Rijn te Alphen aan den Rijn.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
7 november 2016.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
Geldigheid van de dagvaarding in hoger beroep
De dagvaarding in hoger beroep is op 28 september 2016 aangeboden aan het adres [adres 2] te Beverwijk. Aldaar kon hij niet worden uitgereikt omdat de verdachte daar volgens degene die zich op dat adres bevond, niet woonde of verbleef. Op 7 oktober 2016 is de dagvaarding uitgereikt ter griffie en is een afschrift verzonden naar voormeld adres. De verdachte stond op dat adres ingeschreven van 4 juni 2014 tot 12 september 2014. Nadien beschikte hij niet over een BRP-adres.
Tijdens zijn verhoor bij de politie heeft de verdachte als adres opgegeven [adres 3] . Niet is gebleken dat is getracht de dagvaarding in hoger beroep op dat adres uit te reiken, zodat het ervoor moet worden gehouden dat dit niet is gebeurd.
Hoewel de verdachte afstand heeft gedaan van zijn recht bij de behandeling van de strafzaak aanwezig te zijn, heeft het hof niet kunnen vaststellen of de verdachte zich ervan bewust is geweest dat zijn afstandsverklaring betrekking had op de onderhavige strafzaak.
Het voorgaande brengt het hof tot het oordeel dat de dagvaarding in hoger beroep nietig is.
Beslissing
Het hof:
Verklaart de dagvaarding in hoger beroep nietig.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. van Woensel, mr. R.A.F. Gerding en mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt, in tegenwoordigheid van S. Pesch, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 november 2016.
Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt is buiten staat dit arrest te ondertekenen
[…]