Strafrecht overig

Invoer cocaïne. Bevestiging van het vonnis met dien verstande dat een in hoger beroep herhaald voorwaardelijk…

Zaakgegevens

Op 30 december 2016 heeft het Gerechtshof Amsterdam in hoger beroep uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Zittingsplaats
Amsterdam
Datum uitspraak
30 december 2016
Datum publicatie
13 januari 2017
Zaaknummer
23-002133-16
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2016:5729
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Invoer cocaïne. Bevestiging van het vonnis met dien verstande dat een in hoger beroep herhaald voorwaardelijk verzoek naar het gewicht van de onder de verdachte aangetroffen tas, op dezelfde gronden als in eerste aanleg wordt afgewezen.

Uitspraak

Inhoudsopgave

parketnummer: 23-002133-16

datum uitspraak: 30 december 2016

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Noord-Holland van 7 juni 2016 in de strafzaak onder parketnummer 15-821230-14 tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1980,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van

16 december 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof een ter terechtzitting in hoger beroep door de raadsman gedaan voorwaardelijk verzoek afwijst.

Voorwaardelijk verzoek

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep verzocht - indien het hof tot een bewezenverklaring komt - nader onderzoek te doen verrichten naar het gewicht van de onder de verdachte aangetroffen tas.

Het hof overweegt daartoe als volgt. De rechtbank heeft op goede gronden het ter terechtzitting in eerste aanleg naar voren gebrachte voorwaardelijk verzoek tot het verrichten van nader onderzoek naar de tas verworpen. Het hof acht het nadere onderzoek evenmin noodzakelijk en verenigt zich met de betreffende overwegingen van de rechtbank (pagina 3 van het vonnis). Hetgeen ter terechtzitting in hoger beroep door de raadsman naar voren is gebracht, heeft het hof geen aanleiding gegeven anderszins te overwegen of te beslissen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.D.R.M. Boumans, mr. M.J.A. Plaisier en mr. M.J.A. Duker, in tegenwoordigheid van

mr. S.W.M. Stevens, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van

30 december 2016.

Mr. M.J.A. Plaisier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.